Drie ambtenaren aangeklaagd voor vergiftigd water in Flint

In de Amerikaanse stad Flint zijn drie mensen officieel aangeklaagd in het waterschandaal dat de stad al een hele tijd teistert. Mensen zijn er ziek geworden omdat het drinkwater er te veel lood bevat. De overheid wist ervan, maar deed niets. Drie ambtenaren zijn nu aangeklaagd voor onder meer het vervalsen van meetresultaten.

In april 2014 besliste de overheid als besparingsmaatregel om het drinkwater niet meer langer te laten komen uit een meer, maar uit de lokale vervuilde rivier. Dat water was echter te corrosief voor de loden leidingen, waardoor er looddeeltjes in het water terechtkwamen. Maandenlang werd niets gedaan met de klachten van de inwoners. Bij ruim honderd kinderen werd al te veel lood gevonden in het bloed en zeker tien mensen zouden al gestorven zijn door vervuild kraantjeswater te drinken.

De openbare aanklager heeft nu voor het eerst sinds het uitbreken van het schandaal verschillende betrokkenen aangeklaagd. Een hoofdbeambte van het testlaboratorium van Flint en twee ambtenaren van de milieudienst worden beschuldigd van het vervalsen van testresultaten, professionele fouten en inbreuken op milieuwetgeving. Ze riskeren daarvoor tot 17 jaar cel.

Volgens de openbare aanklager wisten de verdachten wel degelijk dat de loodwaarden in het water pertinent te hoog waren, maar hebben ze bewust de testresultaten gemanipuleerd. "Zo hebben ze de gezondheid van families in Flint in gevaar gebracht", klinkt het.

Begin dit jaar riep de Amerikaanse president Barack Obama de noodtoestand uit in Flint, wegens het waterschandaal. Gouverneur Rick Snyder bood toen ook zijn excuses aan.