Ieren in opstand tegen de Britten

Op Paasmaandag, 24 april, zijn in verscheidene steden in Ierland gewapende opstanden uitgebroken. Het Brits bestuur heeft de rebellie zwaar onderdrukt. De Ierse nationalisten vragen al tientallen jaren om zelfbestuur voor Ierland, dat twee eeuwen geleden een deel van het Verenigd Koninkrijk deel werd.

In de hoofdstad Dublin bezetten gewapende radicale Ierse nationalisten het hoofdpostgebouw. Van daaruit proclameerden ze de onafhankelijke Republiek Ierland.

Op verscheidene plaatsen zijn barricaden opgericht, van waaruit geschoten wordt.

De opstand lijkt weinig aanhang te krijgen bij de bevolking, maar er waren eerst onvoldoende troepen in de stad om de rebellie te onderdrukken.

Na enkele dagen van aarzelen heeft de regering in Londen harde maatregelen genomen. De krijgswet is afgekondigd in Dublin. Militaire versterkingen zijn opgeroepen.

In andere steden is de opstand snel in de kiem gesmoord.

Scenes van geweld en verwoesting in Dublin tijdens de Paasopstand

Voor de meeste Britten, en ook heel wat Ieren, is een gewapende opstand in oorlogstijd niets minder dan hoogverraad. De recente onderschepping van Duitse wapens toont trouwens aan dat de rebellen Duitse steun kregen.

Bovendien ging de opstand gepaard met nachtelijke bombardementen op Engeland door Duitse zeppelins, gevolgd door een aanval van Duitse oorlogsschepen. De timing is duidelijk.

De Ierse nationalisten vragen al tientallen jaren om zelfbestuur voor Ierland, dat twee eeuwen geleden een deel van het Verenigd Koninkrijk deel werd.

In de zomer van 1914 debatteerde het Britse parlement voor de zoveelste keer over zelfbestuur, maar bij het uitbreken van de oorlog werd de discussie uitgesteld.

Geïmproviseerde barricade, met vooral meubels, van de Britse troepen in een straat in Dublin

Duitse betrokkenheid bewezen

Kort voor het uitbreken van de opstand, op 22 april, is de naar Duitsland overgelopen Ierse nationalist Sir Roger Casement is gearresteerd in het uiterste zuidoosten van Ierland.Vlak voor zijn arrestatie was hij op een strand afgezet door een Duitse onderzeeër.

Hij moest een rol spelen in de opstand.Casement is ambtenaar van de Britse consulaire dienst geweest.

Hij raakte vooral bekend toen hij in 1904 een rapport maakte over de vreselijke toestanden in de Congo-Vrijstaat van Leopold II. Het rapport leidde tot wereldwijde kritiek op de wijze waarop Congolezen misbruikt werden voor dwangarbeid in de exploitatie van rubber.

Later zou Casement soortgelijke toestanden aanklagen bij de Indianen in het Peruviaanse oerwoud, die rubber moesten exploiteren voor een grote firma.

Nadat hij gepensioneerd werd, zette hij zich volledig in voor het Iers nationalisme. Na het uitbreken van de oorlog reisde hij naar Duitsland, waar hij bij de regering steun vroeg voor de Ierse zaak.

Links sir Roger Casement. Rechts, plunderen van winkels in Sackville Steet, Dublin

Casement wist in de Duitse krijgsgevangenkampen een duizendtal Ieren te rekruteren voor een “Ierse Brigade”. Daarnaast vroeg hij wapens en munitie voor een opstand in Ierland, maar kreeg veel minder dan de Ierse revolutionairen hadden gehoopt.

Vrijwel tegelijk met de arrestatie heeft de Britse marine een Duits vrachtschip onderschept dat Ierland wou bereiken. De ‘Libau’ was als een Noors schip vermomd.

Het had 20.000 geweren en twintig machinegeweren met munitie aan boord. Die moesten aan Casement en zijn aanhangers worden geleverd.

Toen de Britten de ‘Libau’ dwongen naar de haven van Cork te varen, liet de bemanning het schip zinken.

Ierse militair in Duitse krijgsgevangenschap, een grote meerderheid liet zich niet recruteren

Meer over de Paasopstand

Duitse raid op Engelse kuststeden

In de vroege ochtend van 25 april heeft een Duits vlooteskader de Engelse steden Lowestoft en Yarmouth aan de Noordzee gebombardeerd.

Het eskader, met liefst vijf indrukwekkende slagkruisers ( ‘Seydlitz’, ‘Lützow’, ‘Derfflinger’, ‘Moltke’ en ‘Von der Tann’), zes lichte kruisers en een aantal torpedoboten, was de dag daarvoor uit Wilhelmshaven vertrokken.

Het vlaggenschip, de 200 m lange ‘Seydlitz’, liep kort na vertrek op een mijn en moest terugkeren. De andere schepen bereikten zonder problemen de Engelse kust.

Om 4 uur ’s morgens openden de kruisers het vuur op Lowestoft, een basis voor het leggen van mijnen.

Vervolgens werd Koers gezet naar Yarmouth, een thuishaven van onderzeeërs, maar hier was de zichtbaarheid zo slecht dat slechts één kruiser durfde te schieten.

De Seydlitz kort na zijn tewaterlating in 1913

De Britse marine was gewaarschuwd en had 3 lichte kruisers en 18 destroyers uitgezonden. Die durfden zich niet te meten met de slagkruisers. Twee Britse kruisers moesten Duitse granaten incasseren.

Meteen daarop trokken de Duitse schepen zich terug. De Britten waagden het niet hen te volgen.

De gevolgen van de aanval zijn gering. In Lowestoft werden een paar kustbatterijen vernield en liefst 200 huizen beschadigd. Daarbij werden één militair en drie burgers gedood. Er vielen ook een twintigtal gewonden.

De aanval had echter veel grotere gevolgen kunnen hebben. De hele Duitse Hochseeflotte, met meer dan twintig slagschepen, stond in de Duitse Bocht paraat.

Als de Britse vloot de achtervolging had ingezet, zou het tot een zware zeeslag zijn gekomen. En wellicht was dat ook de bedoeling van de Duitsers.

Het was de eerste grote Duitse aanval op de Noordzee sinds de slag bij de Doggersbank, begin 1915.

Admiraal Reinhard Scheer, de nieuwe opperbevelhebber van de Hochseeflotte, zou voorstander zijn van een meer actief optreden. De meeste zware Duitse oorlogsschepen zijn sinds het begin van de oorlog niet in actie getreden.

Schade in Lowestoft, onder andere aan een hersteloord voor militairen (links)

Bij de Duitse aanval op de Engelse kust heeft een Duitse torpedoboot het Britse schip ‘King Stephen’ aangevallen en doen zinken.De bemanning is door de Duitsers gevangen genomen en naar Duitsland gevoerd.

De ‘King Stephen’ was de vissersboot die op 1 februari in de buurt was van de in zee neergestorte Duitse Zeppelin L19. De kapitein, William Martin, weigerde toen de bemanning van de zeppelin te redden, die omkwam.

De beslissing van kapitein Martin was zeer omstreden. De bisschop van Londen keurde zijn houding goed, maar in Duitsland werd van een oorlogsmisdaad gesproken.

De 'King Stephen' bij de L19. Kapitein Martin zei dat hij de Duitse bemanning niet te hulp kwam omdat ze talrijker was dan zijn bemanning en dreigde de controle over te nemen.

De Duitsers zouden de gevangengenomen bemanningsleden van het schip willen vervolgen voor deze daad.

Het blijkt echter dat Martin geen kapitein meer is van de ‘King Stephen’ en dat het schip intussen een Q–schip was geworden, een lokboot voor Duitse onderzeeërs.

De huidige bemanning had dus niets met het incident met de zeppelin te maken. Martin zelf is sindsdien trouwens aan wal gebleven. Hij zou wroeging hebben.

Eerste ANZAC-day

Op 25 april was het één jaar geleden dat de eerste Geallieerde troepen op het Turkse schiereiland Gallipoli landden ( de Geallieerden hebben het schiereiland intussen al weer opgegeven met zware verliezen en zonder enig resultaat).

De landing is vooral herdacht door de militairen uit Australië en Nieuw-Zeeland. Het was immers op dat moment dat het Australian and New Zealand Army Corps (ANZAC) zijn eerste vuurdoop kreeg.

Op verscheidene plaatsen hebben eenheden van het ANZAC een herdenkingsplechtigheid gehouden. De naam “ANZAC Day” voor 25 april heeft al ingang gevonden.

1200 Australische en 700 Nieuw-Zeelandse militairen namen in Londen deel aan een plechtigheid in Westminster Abbey

Voorbereiding van ANZAC-day in Cairo: bloemstukken bij het Australische hoofdkwartier voor de graven van de gesneuvelde kameraden

Helmen voor de Britse troepen

Deze vrouwen hebben hun vrij Paasweekend opgegeven om te helpen bij het klaarmaken van helmen voor levering aan de Britse troepen op het vasteland. Over een paar weken moet elke Britse soldaat een helm hebben.

Ze hebben intussen al hun nut bewezen, het aantal hoofdwonden is drastisch verminderd.

lees ook