"Ik ging met Chirac naar Saint-Tropez en plots kwamen vrouwen met blote borsten naar ons toe"

Wanneer vertrouwelingen van hooggeplaatste politici uit de biecht klappen, komen al eens smeuïge anekdotes naar boven. "Ce que je ne pouvais pas dire" ("Wat ik niet kon zeggen") is de veelbelovende titel van het boek van Jean-Louis Debré, de rechterhand van de voormalige Franse president Jacques Chirac. Daarin onthult Debré de politieke intriges waarmee hij werd geconfronteerd toen hij voorzitter van de Grondwettelijke Raad in Frankrijk was. Maar lezers kunnen zich ook laven aan enkele intieme zielenroerselen van oud-president Chirac... en diens boze vrouw Bernadette.

Jean-Louis Debré (zie foto in tekst) is al jaren een vriend en politieke intimus van Chirac. Halverwege jaren 90 was hij even minister van Binnenlandse Zaken. In 2007 benoemde toenmalig president Chirac Debré als voorzitter van de Grondwettelijke Raad, een van de belangrijkste instellingen in Frankrijk. Aan dat mandaat kwam in maart dit jaar een einde, en nu kan Debré voluit spreken. Het resultaat is een boek, geschreven op basis van notities die Debré - tijdens die negen jaar aan het hoofd van de Conseil constitutionnel - heeft bijgehouden.

Het verhaal begint op 16 mei 2007, de dag waarop Debré - als voorzitter van de Conseil - Nicolas Sarkozy tot president van de Franse Republiek uitriep, na diens verkiezingsoverwinning. Het is geen geheim dat Sarkozy en Chirac (en dus Debré) geen vrienden zijn. "Ik sta in de grote zaal van het Elysée. Sarkozy komt binnen en vijandige blikken werpen zich op mij", vertelt Debré in zijn boek. "De blikken komen van de aanhangers van Sarkozy, maar ook van mensen die tot dan toe aan de zijde van Chirac hadden gestaan. Ik was er getuige van: Chirac was er niet meer, het politieke regime was veranderd en plots moesten ze snel van kamp veranderen. Dat is het leven", verduidelijkt Debré bij BFM TV.

In zijn boek verklaart Debré ook dat Sarkozy tijdens zijn ambtstermijn gepoogd heeft om Debré uit de Grondwettelijke Raad te zetten. "Is dat aanvaardbaar? Dat bewijst dat hij de instellingen van de staat niet aanvaardde."

Mevrouw Chirac not amused

Naast de politieke intriges is er in het boek ook plaats voor anekdotes. Zo vertelt Debré een verhaal van een vakantiedag in de mondaine badplaats Saint-Tropez. "Op een ochtend zegt Chirac tegen me: "We gaan naar Nikki Beach" (Een plaats in Saint-Tropez bekend voor de hoge concentratie aan jonge vrouwen, nvdr.). Ik wist niet wat Nikki Beach was, maar Chirac zei me dat er een goed restaurant was. Bon..."

Net voor de heren aankomen, krijgt Chirac een berichtje van zijn vrouw Bernadette (zie foto in tekst) waarin ze aankondigt dat ze ook maar meegaat naar Nikki Beach. "Ik zie dat hij geërgerd is", getuigt Debré. "Op het moment dat we aankomen op het strand, begrijp ik ook waarom. We worden er ontvangen door een heleboel jonge vrouwen, die met hun borsten ontbloot naar Chirac - een mooie grote man - toelopen."

Mevrouw Chirac is pas amusée, onder die mooie azuurblauwe hemel staat haar gezicht op onweer. Maar het wordt nog erger: een van de vrouwen wil met meneer Chirac op de foto. Dàt kan mevrouw Chirac niet hebben. Ze dwingt Jean-Louis Debré positie in te nemen. En zo moet er ergens in een fotoalbum van een Française een foto kleven waarop we aan de ene kant een breedlachende president Chirac zien, aan de andere kant een mooie jonge vrouw met de blote borsten in de lucht en een ongemakkelijke Jean-Louis Debré in het midden.

Debré is zijn verhaal komen doen op BFM TV. (Het onderdeel van Saint-Tropez kunt u beluisteren vanaf 13.20)