Hoe sterk is uiterst rechts in Duitsland? - Jeroen Reygaert

De nieuwe partij AfD, alternatief voor Duitsland, heeft een extreemrechts programma goedgekeurd. Duitsland is niet langer immuun voor uiterst rechts, het schaamtevaccin is uitgewerkt.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Jeroen Reygaert is buitenlandjournalist bij VRT-Nieuws. Hij volgt onder meer Duitsland.

“Habemus Parteiprogramm”. Met die woorden sloot voorzitster Frauke Petry zondag de stemronde af over wat het programma van de rechtse partij AfD wordt. De partij die bij de vorige verkiezingen tot bijna een kwart van de kiezers in Saksen-Anhalt tot meer dan tien procent in Rijnland-Palts kon bekoren, heeft nu eindelijk vastgelegd hoe rechts de koers zal zijn. AfD gaat voor “zeer rechts.”

Al maanden loopt de AfD in de schijnwerpers. Nog voor de deelstaatverkiezingen op 13 maart was het duidelijk dat er een nieuwe ster was aan de rechterkant van het firmament, op de verkiezingsavond zelf bleek ze nog feller te fonkelen dan gevreesd.

Op zich niet verwonderlijk, want er is in Duitsland plaats genoeg aan de rechterkant. Vraag bleef waar exact aan die rechterkant die nieuwe ster geplaatst moest worden. Op die vraag hebben we sinds het partijcongres  eindelijk een duidelijk antwoord: zo rechts mogelijk tegen de rand: de Islam hoort niet bij Duitsland, een verbod op minaretten, de “Deutsche Leitkultur” moet “MultiKulti” vervangen.

Welke afslag naar rechts?

In de aanloop naar de verkiezingen, was het ook een van de meest gestelde vragen: “Wie rechts ist die AfD?”. Het antwoord simpel: het hangt er vanaf waar je in Duitsland bent.

Het westen van Duitsland

In het westen van het land profileerde de partij zich als enige alternatief voor de politiek van Merkel, maar op een zeer onderkoelde manier, zonder de grote woorden. De Islam was er amper een rechtstreeks thema. Zelfs vluchtelingen waren openlijk welkom, maar dan wel onder strenge voorwaarden.

Op een ZDF-documentaire over de AfD was zelfs duidelijk te zien hoe voorzitter Georg Meuthen zich openlijk distantieerde van een sympathisant die in niet mis te verstane bewoordingen tegen het “Islamitisch tuig” fulmineerde . “Te rechts”, aldus Meuthen toen.

Het oosten van Duitsland

Andere koek in het oosten van Duitsland. Op een openlijke aanval op de Islam meer of minder, werd daar niet gekeken. Onder leiding van figuren als Andre Poggenburg en vooral Björn Höcke was de toon daar een stuk scherper, de sfeer op de meetings opgewondener.

Scanderen, juichen en marcheren door de straten, openlijke vriendschappen met de voormannen van de anti-Islambeweging Pegida: het beeld dat ze in het westen vooral niet wilden tonen, werd in het oosten een wezenlijk onderdeel van de verkiezingscampagne. Met succes: in Saksen-Anhalt scoorde de partij 24 procent.

Steeds verder weg van de stichters

De meest rechtse afslag leek tijdens het congres de meest succesvolle, de keuze leek vanzelfsprekend: de luidste schreeuwers haalden immers de beste resultaten.

Maar het is wel de lijn die het verste afstaat van wat de oprichters van de partij ooit bedoeld hebben met hun "alternatief voor Duitsland". De AfD bestaat al sinds 2013, toen opgericht door professoren als “eurocritische” partij.

Het is pas toen de partij echt op sterven na dood was en er tegelijkertijd een klein miljoen vluchtelingen naar Duitsland kwamen, dat de huidige anti-Islam retoriek in de deftige professorenpartij binnensloop. De reanimatie was gelukt, al had een deel van de stichters de partij liever zien sterven dan op de huidige manier herleven.

“Sorry voor het monster dat ik ongewild creëerde”, was bij een van de stichters onlangs nog te horen. De een na de andere, ook de eerste voorzitter Bernd Lucke, nam ontslag.

De onderkoelde Frauke Petry werd de nieuwe leidster, anti-migratie op een half proper bordje de nieuwe lijn. Maar na dit weekend blijkt ook Petry zelf niet meer onaantastbaar en krijgt ook zij de wind van rechts. Een brulboei is Petry namelijk niet echt, op een uitschuiver na: het “schietincident op vluchtelingen die de grens illegaal oversteken”.

Sindsdien is ze een pak voorzichtiger geworden en doet ze er alles aan om het beeld van de partij uit de radicale hoek weg te halen. “Voor mij mag de partij niet nog meer naar rechts opschuiven”, liet ze vrijdag optekenen voor het congres.

Helaas voor Petry. Een jonge AfD’er, die openlijk zei dat “we misschien moeten praten met de Islam”, werd uitgejoeld, een voorstel van Petry zelf om de partijtop in Saarland van neo-nazi’s te ontdoen, haalde het nog net.

De echte nieuwe sterren binnen de AfD heten Höcke, Poggenburg of Meuthen en nemen vooral geen blad voor de mond.

Steeds meer onrechtstreekse invloed

Niemand die het anders had verwacht, trouwens. Dat de ruk naar rechts nu ook vertaald wordt in een echt programma, is niet meer dan een formaliteit. Toch deden de andere partijen hun uiterste best om de “verraste verontwaardiging” ten volle in de verf te zetten. Het programma was nog niet koud, of alle andere Duitse partijen waren er als de kippen bij om een samenwerking met de AfD uit te sluiten.

Samen met het programma is dus ook het cordon sanitaire formeel vastgelegd. Het alternatief voor het beleid dreigt zo eeuwig een alternatief te blijven.

Of de definitieve koers naar rechts veel electoraal voordeel zal opleveren, valt nog af te wachten. Een peiling van de krant BILD geeft hen op dit ogenblik nationaal zo’n 13 procent, waardoor de AfD de derde partij van Duitsland zou worden. Dat is minder dan bij de deelstaatverkiezingen in Saksen-Anhalt en Baden-Württemberg.

Nu de partij vooral de forse anti-migratiestandpunten en retoriek uit het oosten geadopteerd heeft, blijft het afwachten hoe de grotere deelstaten in het westen van Duitsland daarop zullen reageren. Tot nu sprak de partij vooral de taal van de streek, met het nieuwe programma wordt het een pak moeilijker koud en warm tegelijk te blazen.

Maar onrechtstreeks weegt de partij uiteraard op het Berlijnse politieke bestel. Alleen al het feit dat een uiterst rechtse partij ruim vertegenwoordigd is in drie deelstaatparlementen, dat ze volgend jaar na de nationale verkiezingen in september bijna zeker ook met tientallen parlementsleden in de Bondsdag aanwezig zal zijn, weegt op de traditionele partijen.

Duitsland is niet langer immuun voor uiterst rechts, het schaamtevaccin is uitgewerkt. En dus zullen ook thema’s en problemen met naam en toenaam besproken moeten worden en zal het niet volstaan de angsten en vragen van een deel van de bevolking simpelweg te negeren, voorzien van een stempel “neo-Nazi”.

Om de AfD op zijn minst wat wind uit de zeilen te halen, zullen de traditionele partijen noodgedwongen wat taboes overboord moeten gooien. Het wordt wennen.