Gaat België naar een grondoorlog? - Jens Franssen

Journalist Jens Franssen komt net terug van een bezoek aan Irak met minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR). De minister kondigde aan volop werk te maken van de strijd tegen de terreurgroep IS. Wat betekent dat voor onze militairen?
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Jens Franssen journalist bij VRT Nieuws. Hij volgt de buitenlandse gebeurtenissen en onder meer defensie voor VRT Nieuws.

Belgische F-16’s boven Irak (en Syrië)

België wil volop werk maken van de strijd tegen terreurgroep IS in Syrië en Irak. Dat heeft meer te maken met al gemaakte internationale afspraken dan met de aanslagen van 22 maart in Brussel. Ambities zijn er genoeg, vraag is of er ook middelen tegenover staan en wat we met die inzet eigenlijk willen bereiken.

Vanaf 1 juli zal ons land zes F-16 gevechtstoestellen boven Irak inzetten. Het ligt in de lijn der verwachting dat die missie zal uitgebreid worden naar de inzet ook boven Syrië.

We lossen daarmee onze Nederlandse coalitiepartner af, met wie we anderhalf jaar geleden afspraken dat we jaar om jaar elk zes toestellen zouden inzetten. Pittig detail: dat die wissel ingaat op 1 juli is op expliciete vraag van ons land, zodat de financiële middelen ervoor over twee boekhoudkundige jaren kunnen worden gespreid bij defensie. Ook boekhouders bij Defensie bepalen mee wanneer er gebombardeerd kan worden tegen terreurgroep IS.

De gewapende inzet boven Irak stelt juridisch weinig problemen, aangezien de Iraakse regering ons daarom heeft gevraagd. Wat Syrië betreft ligt de zaak een stuk moeilijker. De meeste Europese landen, zoals Frankrijk, Nederland en Oostenrijk beroepen zich op de ‘aanvallen’ van terreurgroep IS in Europa en/of op resoluties van de VN Veiligheidsraad om terreurgroep IS aan te pakken. Probleem daarbij is dat het Syrische regime verzet aantekent tegen die aanwezigheid boven het Syrische grondgebied.

Maar ook in Syrië?

Wat Syrië betreft blijken er enkele praktische belemmeringen. De Nederlandse F-16s zijn amper ingezet boven Syrië omdat ze niet de nodige communicatie aan boord hebben. Onze gevechtstoestellen zijn uitgerust met dezelfde configuratie en missen die satelliet apparatuur ook.

Ze beschikken over lasergeleide bommen, precisie apparatuur om doelen te bekijken en informatie in te winnen. Ze kunnen dus flexibel worden ingezet. Probleem is dat de Amerikaanse elite eenheden (de zogenaamde ‘air forward controllers’) die op de grond in Syrië doelen aanwijzen vandaag de dag mogelijk liever digitaal werken.

Niet dat het niet meer kan op analoge wijze via de radio, maar als ze kunnen kiezen ze mogelijk dan liever digitaal boven analoog, kwestie van vergissingen en collateral damage zoveel mogelijk te voorkomen. Tot zo ver de mythe dat onze gevechtstoestellen nog ‘state of the art’ zijn. Dat zijn ze dus blijkbaar al een tijdje niet meer.

Voor alle duidelijkheid. Het luchtoverwicht in de strijd tegen terreurgroep levert wel af. Dankzij de hulp van de Westerse gevechtstoestellen heeft terreurgroep IS de voorbije maanden aanzienlijk terrein verloren.

En Irak?

Na de val van steden als Ramadi en Mosul bleek dat het Iraakse leger van slecht opgeleide en weinig gemotiveerde soldaten geen partij was voor de strijders van terreurgroep IS. De internationale coalitie is daarop een programma opgestart waarbij eerst elite eenheden en instructeurs werden opgeleid. Die eerste fase is nu bijna afgerond en de Iraki’s kunnen de opleiding langzaam zelf aan.

In de luwte zijn Belgische militairen al meer dan jaar Iraakse elite soldaten aan het opleiden in Bagdad. Ze doen dat samen met de internationale coalitie tot 500 elitesoldaten worden nu per jaar opgeleid.

Onder ‘elite’ soldaat moet zich toch iets anders voorstellen dan bv. onze elite eenheden. Bij de Iraki’s gaat het om relatief goed getrainde en gemotiveerde soldaten, die over relatief modern materiaal beschikken.

Naar de frontlinie?

De aanpak lijkt vruchten te beginnen afwerpen, al zijn het voorlopig nog steeds sjiitische milities of Koerdische Peshmergha’s die, met hulp van Westerse gevechtstoestellen de meeste overwinningen boeken. Maar alle begin is moeilijk.

En de Koerden bijvoorbeeld hebben aangegeven dat ze soennitische steden zoals Mosul niet alleen willen bevrijdden, om het gevaar op sektarische spanningen niet nog te vergroten. De soennitische bevolking van die door de IS bezette steden heeft overigens al zelf aangegeven dat een bevrijding door sjiitische of Koerdische milities als een nieuwe bezetting zou ervaren.

Het lijkt dan ook niet meer dan logisch dat, nu de rekrutering op snelheid begint te komen, de internationale coalitie zijn hulp gaat differentiëren naar meer ‘gevorderde’ hulp zoals het plannen en uitvoeren van de daadwerkelijke operaties. Iets wat overigens de Amerikanen en Britten nu al doen.

Vanzelfsprekend betekent dat dat de Westerse militairen dat dichter bij het eigenlijke front zullen gaan doen. Betekent dit dat we volop begonnen zijn aan een nieuwe grondoorlog in Irak. Niet direct. Maar dit soort conflicten leert wel dat het uitkijken is om niet elke keer een stapje verder te gaan, tot het de stap te ver is.

Objectieven

Vooraleer ons land zich waagt aan verdere militaire avonturen moet goed worden uitgemaakt wat de objectieven zijn. En dat kunnen er meerdere zijn. Bovendien doen we we dat niet alleen, en bepalen we die objectieven dus ook niet alleen.

Het verzwakken en ontmantelen, mogelijk verslaan van terreurgroep IS is daarbij zeker een legitiem objectief, dat na de aanslagen van 11 maart in Brussel niet omstreden is. Terreurgroep IS ontmantelen heeft te maken met onze eigen veiligheid.

Irak stabiliseren is natuurlijk een ander verhaal. Al zal er in een stabiel Irak minder kans zijn op het ontstaan van de nieuw IS dan in een geïmplodeerde staat, waar chaos en dus terrorisme kan gedijen.
In oorlogen zijn twee dingen altijd zeker: wanneer je begint, én dat je nooit weet wanneer je zal eindigen.