Sociale verkiezingen starten vandaag in meer dan 6.000 bedrijven

In ruim 6.000 bedrijven in België beginnen vandaag de sociale verkiezingen. Tot en met 22 mei kunnen 1,5 miljoen werknemers in bedrijven van vijftig of meer personeelsleden kiezen voor de Comités voor Preventie en Bescherming op het Werk (CPBW) en de ondernemingsraden. Dat laatste kan alleen in grotere ondernemingen met meer dan honderd werknemers. De definitieve uitslag zal pas begin september bekend zijn. Over twee weken zijn wel goede exit-polls te verwachten.

De verkiezingen vinden alleen plaats in privé-bedrijven. Overheidsbedrijven zijn in principe uitgesloten van de sociale verkiezingen, hoewel er uitzonderingen zijn, zoals bijvoorbeeld de Brusselse openbaarvervoersmaatschappij MIVB. Ook zijn er geen sociale verkiezingen in de bouwsector, omdat het personeel daar ook bijna altijd buitenshuis werkt.

De kandidaten hebben zich georganiseerd via lijsten van de christelijke, socialistische en liberale vakbonden. Alleen door kader- of directieleden zijn aparte lijsten in te dienen via de Nationale Confederatie van Kaderpersoneel (NCK) of als onafhankelijke.

Ongeveer 132.000 personen stellen zich kandidaat bij de sociale verkiezingen. Alleen de liberale vakbond ACLVB heeft een volledig overzicht gegeven. Voor de ACLVB hebben zich 12.355 personen kandidaat gesteld, een stijging van 17,86 procent ten opzichte van de vorige verkiezingen in 2012. Van die kandidaten is 31,04 procent vrouw.

Bij de andere bonden verloopt de kandidaatstelling ook via de centrales zoals bijvoorbeeld de bedienden- of metaalbonden, waardoor er nog geen volledig overzicht is. Het ACV denkt op iets meer dan 60.000 kandidaten uit te komen, het ABVV op iets minder dan 60.000.

Problemen oplossen

In veel bedrijven speelt de kleur van een kandidaat niet altijd een doorslaggevende rol. Personeelsleden stemmen vaak op een ´délégué´ of vrijgestelde die voor hen in het bedrijf veel praktische problemen, zoals bijvoorbeeld rond arbeidstijden of ziekte, heeft opgelost.

De vakbonden benadrukken dit ook en zeggen dat het niet gaat om een race of de christelijke ACV, socialistische ABVV of liberale ACLVB het meest populair zijn. Toch wordt er wel altijd uitgekeken naar de nationale eindscore.

Traditioneel komt de ACV altijd als grootste uit de bus. De christelijke bond heeft met ruim 1,7 miljoen betalende leden ook de grootste achterban. Bij de eindresultaten in 2012 haalde het ACV met zo´n 52 procent van de stemmen, gecombineerd voor CPBW´s en ondernemingsraden, ook ruim meer dan de helft van het aantal mandaten binnen. Dat heeft ook te maken met de sterkere positie van het ACV in kleinere ondernemingen en bijvoorbeeld ook zorginstellingen.

Gecombineerd voor de CPBW´s of veiligheidscomité´s en ondernemingsraden haalde het ABVV met ruim 1,5 miljoen leden zo´n 37,5 procent van de stemmen en het ACLVB (290.000 leden) gemiddeld zo´n 11 procent. Gemeten over vele jaren zijn die verhoudingen nooit heel sterk veranderd, hoewel het ACLVB, dat zich tegenwoordig als sociaal-liberale bond afficheert, wel een gestage groeier is.

Accent

Het ABVV staat normaal wat sterker in grotere en meer industriële bedrijven. In 2012 kwam zo´n 70 procent van de werknemers, onder wie ook veel niet-vakbondsleden, opdagen voor de sociale verkiezingen. De verwachting is dat die opkomst dit jaar niet veel zal veranderen en dat dus ook de onderlinge verhoudingen niet sterk zullen wijzigen.

De bonden hadden tot eind maart de tijd om lijsten in te dienen. In sommige bedrijven leidde dit ertoe dat er eigenlijk geen verkiezingen plaats moeten vinden, omdat zich soms minder personeelsleden kandidaat hadden gesteld dan het aantal zetels in een veiligheidscomité of ondernemingsraad. Als die kandidaten ook allemaal tot dezelfde ´kleur´ behoren, vindt er geen stemming plaats.

Ook zijn er bedrijven waar er geen verkiezingen zijn, omdat niemand zich kandidaat heeft gesteld. Dat is ongeveer tien procent van de ondernemingen met meer dan vijftig werknemers het geval. Daarbij sprong in het voorjaar vooral het uitzendkantoor Accent in het oog. Dat beloofde alle werknemers een smartphone van het bedrijf en een extra vrije dag als niemand zich kandidaat zou stellen.

Intimidatie

De bonden spraken van intimidatie en het ACLB maakte zich sterk toch met minstens één kandidaat te kunnen komen. Die haakte echter toch af, mogelijk onder druk van collega´s. Het bedrijf zelf beroept zich erop geen veiligheidscomité of ondernemingsraad nodig te hebben, omdat er intern al een goede overlegcultuur is.

De verkiezingen zijn bewust gepland voor een periode van bijna twee weken, omdat in grote bedrijven met ploegendiensten iedereen de kans moet krijgen om te stemmen. In dit soort ondernemingen duren de verkiezingen soms ook wel vier dagen. Verder willen ook de bonden niet in alle bedrijven tegelijk de verkiezingen plaats laten vinden.

Niet alle bedrijven organiseren de interne stembusgang overigens zelf. Sociale kantoren als SD Worx en Acerta nemen de organisatie in ongeveer een derde van de bedrijven op zich. Zij zullen ook als eerste een goede indicatie van de uitslag kunnen geven.