Hezbollah beschuldigt jihadisten na dood topbevelhebber Badreddin

De Libanese militie Hezbollah beschuldigt radicaalsoenitische groepen in Syrië van de dood van haar bevelhebber Moestafa Amin Badreddin.

Badreddin werd dinsdag in Syrië om het leven gebracht. Vrijdag, toen dat nieuws bekendraakte, werd er nog van uitgegaan dat dat gebeurde bij een Israëlische operatie in Syrië. Maar in een nieuwe mededeling van Hezbollah wordt de verantwoordelijkheid gelegd bij de "takfiri", een term waarmee verwezen wordt naar jihadistische groeperingen en soennitische islamisten.

"Ons onderzoek heeft aangetoond dat de ontploffing, waarbij een van onze posten aan de internationale luchthaven van Damascus geviseerd werd en waarbij Moestafa Amin Badreddin om het leven kwam, het gevolg is van een artilleriebombardement van de takfiri in het gebied", zo luidt het.

Voorlopig is de dood van de 55-jarige Badreddin nog door geen enkele rebellengroep opgeëist. De sjiitische Hezbolla vechten in Syrië mee aan de zijde van president Bashar al-Assad. Badreddin zou volgens verschillende media sinds 2011 alle militaire operaties van Hezbollah in Syrië geleid hebben.