20 procent meer oproepen bij de Opvoedingslijn

De Opvoedingslijn heeft de afgelopen drie maanden 20 procent meer oproepen gekregen dan dezelfde periode vorig jaar. Slechts een klein deel van de oproepen zijn ouders met specifieke vragen over radicalisering, al sijpelt de ongerustheid over radicaliserende kinderen wel vaker door in algemene opvoedingsvragen.

Sinds midden februari kunnen ouders bij de Opvoedingslijn terecht wanneer ze zich afvragen of hun kind radicaliseert. Verschillende ouders maakten hier de afgelopen drie maanden gebruik van, al kan dit de stijging van het aantal telefoontjes bij de Opvoedingslijn maar voor een vijfde verklaren.

De ongerustheid over radicalisering sijpelt wel sneller door in algemene opvoedingsvragen en ouders zien ook sneller een link met radicalisering. Dat merkt ook een vrijwilligster van de hulplijn: "We krijgen soms telefoontjes van mensen die zich zorgen maken over hun zoon omdat die de laatste tijd weinig zin heeft om iets te doen. Ik denk dan meteen aan de kwalen van de puberteit, maar verschillende ouders zijn ongerust omdat ze denken dat hun zoon begint te radicaliseren."

Om de vragen over radicalisering goed te kunnen opvangen, schakelt de Opvoedingslijn moeders in van geradicaliseerde jongeren. "Zo werkt bij ons een mama wiens zoon gesneuveld is in Syrië", zegt Geraldine die vrijwilliger is bij de Opvoedingslijn. "Het is belangrijk dat we van haar kunnen horen wat die ouders kan helpen en waar ze aandachtig voor moeten zijn."

Wat is de opvoedingslijn?

De Opvoedingslijn, die in 1997 opgestart werd, is een laagdrempelig initiatief van de Vlaamse overheid om ouders te helpen bij de opvoeding van hun kinderen. Professioneel opgeleide vrijwilligers staan ouders bij die vragen hebben en kunnen ook doorverwijzen naar verdere hulpverlening. Sinds februari kan wie bezorgd is over de mogelijke radicalisering van zijn kind(eren) ook terecht bij de hulplijn.