Een nieuw debat tussen vrijzinnigen en katholieken - Peter Van Nuffelen

De aanslagen van islamitische extremisten lokken ook een vernieuwd debat - soms hevig - uit tussen vrijzinnigen en katholieken. Maar, zo zegt de auteur, om met elkaar te kunnen spreken mag je van de de andere geen karikatuur maken.
labels
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Peter Van Nuffelen is hoogleraar geschiedenis UGent en lid van de Jonge Academie. Hij publiceerde onder meer over godsdienstgeschiedenis.

De aanslagen in Parijs en Brussel hebben één doel alvast duidelijk bereikt: het zaaien van angst en het creëren van een tegenstelling tussen religie en maatschappij. De islam wordt nu gezien als de vijand bij uitstek van onze maatschappij en bij uitbreiding kenmerken sommigen religie in het algemeen als gewelddadig. Het regent voorstellen om ‘onze waarden’ te beschermen in de grondwet.

Dergelijke reacties zijn te begrijpen als een emotionele respons op een traumatische gebeurtenis. Maar als we de terroristen geen gelijk willen geven, is kritische distantie nu meer dan ooit belangrijk.

Het is gerechtvaardigd om na te denken over de rol die religie speelt in de maatschappij, maar even noodzakelijk om te kijken naar de manier waarop we over religie spreken en denken. Daarom wil deze bijdrage kort reflecteren over de termen waarin het debat vaak gevoerd wordt.

Vroeger was het slechter?

Veel critici van religie vertrekken vanuit een sterk geloof in de modernisering. Volgens deze visie wordt de westerse geschiedenis gekenmerkt door toenemende morele en materiële vooruitgang: onze maatschappij wordt ethisch beter, rationeler en welvarender.

Religie verschijnt dan als een pre-modern, zelfs primitief, restant dat geassocieerd wordt met andere primitieve gedragingen, zoals geweldpleging. Wij, daarentegen, evolueren naar een maatschappij met minder geweld en zonder religie. Of, zoals een recente bijdrage het stelde: vroeger geloofden we en sloegen we onze vrouwen.

Het optimisme van dit vooruitgangsgeloof is aantrekkelijk (wie wil er niet beter zijn dan zijn voorgangers?) en populaire auteurs zoals Steven Pinker dragen het met verve uit.

Tegelijk is het een gekleurde interpretatie van onze plaats in de geschiedenis die verre van algemeen aanvaard is. Het volstaat om in herinnering te roepen dat de evolutie van religie in het Westen te complex is om eenvoudigweg als één van progressieve verdwijning te kenmerken, en dat de twintigste eeuw de bloedigste in de westerse geschiedenis was.

Het is gemakkelijk om episodes te sprokkelen om een dergelijke visie te staven, maar het verleden laat zich niet tot een slogan herleiden.

 

Karikaturen

Als een relict uit het verleden wordt religie ook vaak met irrationaliteit geassocieerd. Hier speelt een gelijkaardig mechanisme. Verlichting, wetenschap en rationaliteit worden aan één kant geplaatst tegenover religie, dat een uiting wordt van individuele irrationaliteit – zoals een voorliefde voor mokka-ijs.

Daarmee worden de afgelopen eeuwen en decennia, toen men zowel religieus als wetenschapper kon zijn of zich uit religieuze inspiratie maatschappelijk engageerde, snel ter zijde geschoven – want wie wenst er nu irrationeel te zijn?

Dit miskent de complexiteit van het verleden: er was een actieve deelname van religieuzen, ook katholieken, aan de Verlichting en aan de wetenschap, net zoals theologie en godsdienstwetenschap niet minder wetenschappelijk zijn dan pakweg psychologie of literatuurwetenschap.

De vermelde karikaturale opvattingen hebben een duidelijk negatief effect op het debat. Hoewel vele bijdragen lippendienst bewijzen aan dialoog en pluralisme, stellen ze de facto de legitimiteit van een religieus iemand als gesprekspartner in vraag.

Deze is immers reeds op voorhand impliciet als irrationeel en primitief gekenmerkt en dus niet in staat deel te nemen aan het debat dat in rationele termen gevoerd moet worden.

Dit blijkt uit de vraag aan de moslims om eerst de ‘Verlichtingswaarden’ te aanvaarden voor ze deel kunnen worden van onze maatschappij. Dit blijkt ook uit het negatieve beeld dat men projecteert van migranten.

De selectie van ‘waarden’ die ze moeten ondertekenen in de nieuwkomersverklaring suggereert dat ze hun dochters op jonge leeftijd uithuwelijken, hun vrouwen slaan, levensbeschouwelijk pluralisme niet tolereren en potentieel terroristen zijn. Ze zijn nog niet in de moderne tijd aangekomen.

De ontkenning van de legitimiteit van religie blijkt ook uit de neiging van critici van religie om religieuze teksten uit de Bijbel en de Koran letterlijk te lezen. Men maakt dan een mooie selectie van gewelddadige passages die aantonen dat religies in wezen gewelddadig zijn.

Gelovigen hebben blijkbaar niet de intellectuele bagage om hiermee op een zinvolle wijze mee om te gaan. Ze zijn blijven hangen in weinig gesofistikeerde manieren van lezen en lopen dus een constant risico om het geweld te plegen dat hun teksten voorschrijven.

Hier blijkt vooral een gebrek aan kennis: in alle religieuze tradities zijn er vanaf het begin, en vandaag meer dan ooit, verschillende manieren van lezen ontwikkeld (historisch, metaforisch, spiritueel, enz.). Er is niets illegitiem aan het herinterpreteren van teksten: de literatuurwetenschap leert ons dat dit het wezen van het lezen is.

Bovendien is dit een manier om de uitdaging die aanstootgevende passages vormen, op te nemen en deze in een eigentijds denken in te passen.

Objectieve bondgenoten

Door te benadrukken dat er één oorspronkelijke, juiste lezing van de heilige tekst is, die de mainstream tradities zouden verdonkeremanen, worden sommige godsdienstcritici paradoxaal genoeg de objectieve bondgenoten van religieuze fundamentalisten.

Dat is niet toevallig. De Duitse islamoloog Thomas Bauer heeft aangetoond dat moslimfundamentalisme een wezenlijk modern verschijnsel is. Het zet zich af tegen het westers modernisme, maar doet dat met moderne middelen: men verwerpt de veelvoud van interpretaties die de eigen traditie gedurende vele eeuwen heeft voortgebracht en omarmt het in de westerse moderniteit ontstane geloof in één, precies gedefinieerde waarheid. 

Op die manier ontkennen zowel godsdienstcritici als fundamentalisten de legitimiteit van de religieuze traditie en geschiedenis.

Spreekrecht

Het spreekt vanzelf dat in een pluralistische maatschappij samenlevingsproblemen ontstaan. Die lossen we niet op door de ander geen spreekrecht te geven. Echt pluralisme gaat de dialoog aan met de ander als ander, inclusief de motivatie van waaruit hij spreekt.

In plaats van het idee dat modernisering en religie tegengesteld zijn, vertrekt men beter van de feitelijke situatie, namelijk dat in een moderne samenleving religieus-zijn en niet-religieus-zijn allebei legitieme opties zijn.

Gelovigen zullen spreken vanuit een gelovig perspectief, net zoals een vrijzinnige uit een vrijzinnig perspectief spreekt – en een socialist en een liberaal weerom vanuit hun eigen oogpunt. Ze dragen allemaal bij aan de samenleving.

Wil men God ondergeschikt maken aan de wet?

Een eerste stap in die richting kan zijn dat we vermijden een simpel beeld van het verleden op te hangen dat onze opvattingen als het eindpunt van de geschiedenis ziet.

Het is goed, en zelfs noodzakelijk, om te kijken naar de pijnpunten uit het verleden van religies en religies moeten deze onder ogen durven zien. Maar die opdracht geldt voor iedereen. Het is nogal gemakzuchtig om het slechte uit het verleden aan de ander toe te wijzen en het goede voor zichzelf in pacht te nemen.

In het huidige enthousiasme om God aan de wet ondergeschikt te maken, kan men zich misschien ook herinneren dat een beroep op hogere, ethische en religieuze waarden een rechtvaardiging is geweest om zich te verzetten tegen totalitaire regimes.

Eén van de redenen om de na-oorlogse Duitse grondwet te laten beginnen met de woorden ‘in Verantwortung vor Gott und den Menschen’ was net om te belemmeren dat de staat zich het recht zou kunnen toe-eigenen om te bepalen wat goed en kwaad was. Duitsland is, tot nader order, geen theocratie.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.