""Boléro" is verschrikkelijk moeilijk, maar heb er wel altijd van gedroomd"

Het begint stilaan te kriebelen bij topdanser Wim Vanlessen. Binnen een dikke week staat hij voor het eerst op de planken met "Boléro" van choreograaf Maurice Béjart. "Dit stond altijd al op mijn verlanglijstje", zegt hij in "Van Gils & Gasten".

De muziek van Maurice Ravel inspireerde choreograaf Maurice Béjart al in 1961 tot een choreografie die een mijlpaal zou worden binnen de danswereld. Hoewel maar weinig gezelschappen het mogen uitvoeren, krijgt Ballet van Vlaanderen dit voorjaar toch de kans voor "Ravel", een stuk waar naast de bewuste choreografie ook twee andere delen in verwerkt worden.

"Boléro" zelf duurt amper 16 minuten, maar is een loodzwaar stuk. Eén solist - in dit geval een man - staat er op een tafel omringt door veertig dansers. Het is Wim Vanlessen - die aan de wereldtop van het ballet staat - die vanaf volgende week de kans krijgt om de "hoofdrol" neer te zetten.

"Hier heb ik altijd al van gedroomd", zegt hij in "Van Gils & Gasten" op Eén. "Dit stuk stond eigenlijk altijd al bij mijn favorieten. Enkele jaren geleden had ik al eens gepolst, maar toen zei iemand dat ik het maar beter uit mijn hoofd kon zetten. Maar kijk, nu is het zover."

"Ik heb al heel wat stukken gedanst van twee uur of meer, maar dit is - ondanks de 16 minuten - echt verschrikkelijk moeilijk. Er zit geen structuur in de muziek, je hebt geen houvast. Ik heb altijd schrik van een black-out. Maar ik heb nog een week."