Saudi-Arabië bouwt een toekomst zonder olie

Tegen 2030 moet de economie van Saudi-Arabië niet langer afhankelijk zijn van de export van olie. Dat is de visie van vicekroonprins en minister van Defensie Mohammed ibn Salman, zoon van koning Salman en rijzende ster binnen de Saudische dynastie.

Sinds zijn vader Salman in januari vorig jaar Abdullah opvolgde als "bewaker van de Heilige Plaatsen" en koning van Saudi-Arabië is de invloed van prins Mohammed ibn Salman exponentieel gestegen. De 80-jarige koning -laatste van de tweede generatie van Saudische vorsten- steunt voluit de grote ambities van zijn lievelingszoon.

De 31-jarige Mohammed ibn Salman (foto in tekst) is minister van Defensie, maar tegelijk ook vicekroonprins. Dat wil zeggen dat hij na de 56-jarige kroonprins Mohammed ibn Nayef de tweede in lijn is voor de opvolging. Die verloopt in Saudi-Arabië niet van vader op zoon, maar volgens een vooraf door de belangrijkste prinsen afgesproken hiërarchische lijst. Sinds vorig jaar is prins Mohammed ook de belangrijkste figuur in het economische beleid van het koninkrijk.

Enkele weken geleden lanceerde hij zijn "Saudi Vision 2030", een ambitieus langetermijnproject om de Saudische economie tegen 2030 los te koppelen van de olie-uitvoer, traditioneel de belangrijkste bron van inkomsten van de staat.

Nu is het niet de eerste keer dat dergelijke geluiden klinken, maar deze keer is er ook een concrete strategie uitgewerkt die gedreven wordt door iemand met voldoende invloed in de hoogste kringen. Dat Nationaal Transformatieplan zal binnenkort door prins Mohammed worden voorgelegd aan de machthebbers in Riyadh.

Weg van "verslaving aan olie"

Decennialang en tot op vandaag dreef de Saudische economie op de uitvoer en raffinage van petroleum. Dat heeft geleid tot enorme financiële reserves, maar ook tot een verlammende "verslaving aan olie", die een instabiel en inefficiënt economisch model overeind hield, waarbij de bevolking met ruime subsidies tevreden wordt gehouden.

De ineenstortende olieprijzen en de dalende vraag -ook al gedreven door milieu-overwegingen- maken olie tegelijk tot de achillespees van Saudi-Arabië. Volgens prins Mohammed is het dus beter om nu een alternatief model uit te werken nu er nog geld voor is.

Concreet wil hij een klein gedeelte van de staatsoliemaatschappij Saudi Aramco -de grootste ter wereld- privatiseren. Het gaat in een eerste fase om 5% van de aandelen, maar mogelijk meer later. Bovendien zou Aramco worden omgevormd van een olieconcern naar een groot industrieel conglomeraat dat op tal van vlakken actief is.

De opbrengst van deze en andere privatiseringen zouden samengepoold worden met financiële reserves in een "Public Investment Fund" dat 3.000 miljard euro zou omvatten en zo het grootste staatsinvesteringsfonds zou zijn.

Dat fonds zou investeren in het (veilige) buitenland, maar evenzeer ook in de eigen Saudische economie, waarbij een echte industrie zou moeten worden uitgebouwd die volgens marktprincipes zou moeten werken. Onder meer in de wapenindustrie zou het land meer onafhankelijk willen worden, maar ook de financiële en de dienstensector zou moeten worden gestimuleerd. De prins wil ook de loodzware staatsbureaucratie die de economie eerder tegenhoudt dan ontwikkelt, vereenvoudigen en meer transparant maken.

Verandert de Saudische tanker van koers?

Sinds de ontdekking van olie in 1938 is dat snel de belangrijkste bron van inkomsten geworden van Saudi-Arabië. Andere inkomsten, zoals de opbrengst uit de bedevaarten naar Mekka, omvatten slechts 10 tot 15% van de overheidsinkomsten. 

Aan de uitgavenkant pampert de overheid 25 miljoen inwoners vanouds met allerlei subsidies en kunstmatig laag gehouden prijzen voor basisbehoeften zoals voeding, brandstof, elektriciteit en dergelijke. In een land zonder vrijheid waar nauwelijks iets mag, is dat een onderdeel van politieke stabiliteit geworden. Recent zijn de benzineprijzen aan de pomp gestegen zonder dat dat tot protest heeft geleid.

Saudi-Arabië is een in het begin van de 20e eeuw door de eerste koning Abdel Aziz ibn Saud bijeen veroverd koloniaal rijk waar andere stammen onderworpen werden en -waar nodig- via huwelijken gekoppeld werden aan de overheersende Saudische familie die alle sleutelposities in handen heeft en waar de andere stammen met subsidies en ander lekkers zoet werd gehouden.

Tot nu toe werd het land geleid door stokoude zonen van stichter ibn Saud. Prins Mohammed weet echter dat hij populair is bij de jongeren onder de 30 jaar, die goed zijn voor 70% van de Saudische bevolking. Tegelijk is 40% van die jongeren werkloos.

Dat is ook de oudere machthebbers niet ontgaan, die ook wel doorhebben dat het roer om moet. Toch waarschuwt de veteraan-diplomaat prins Turki al-Faysal, een gewezen ambassadeur in de VS en Groot-Brittannië, dat economische hervormingen niet betekenen dat er getornd wordt aan het politieke (quasi-middeleeuwse) systeem.  De strikt islamitische wahabitische ideologie waarop de Saudi's al eeuwenlang steunen, kan stokken in de wielen steken, en de clerus of "dokters van de godsdienst" zullen met argusogen de hervormingen wikken en wegen.

Prins Mohammed ibn Salman zit dus voorlopig goed geplaatst om zijn ambitieuze hervormingen door te voeren. Toch zullen zijn rivalen binnen het regime van eventuele mislukkingen of onrust gebruik maken om de dadendrang van de prins te stoppen. Zijn positie hangt ook af van de gunst en de gezondheid van zijn vader, de nu 80-jarige koning Salman. Als die moest verdwijnen, worden de kaarten in Riyadh natuurlijk meteen herschikt binnen de familie.