Nederlandse bergbeklimmer sterft op Mount Everest na bereiken van top

Een Nederlandse bergbeklimmer, Eric Arnold (35), is in zijn slaap overleden op de Mount Everest in Nepal. Hij is bezweken aan hoogteziekte, een acuut gebrek aan zuurstof in de ijle berglucht. Een woordvoerder van de Nepalese reisorganisatie Seven Summit Treks heeft dat vandaag bevestigd.

Arnold had vrijdag de top van de berg bereikt op 8.848 meter. Het was zijn vijfde poging om de hoogste berg ter wereld te bereiken. Hij overleed volgens de woordvoerder van Seven Summit Treks op 8.300 meter hoogte, tijdens de afdaling.

In een telefoongesprek met de Nederlandse radiozender 3FM zei Arnold dat de afdaling het gevaarlijkste deel was van zijn reis. "Twee derde van de ongelukken gebeurt op de weg terug. Dat zit hem in twee dingen: naar beneden lopen is moeilijker. En het is mentaal: de top is de veiligste plek; je moet zorgen dat je geconcentreerd gaat afdalen."

Nipt aan de dood ontsnapt

De Nederlander ontsnapte vorig jaar nog ternauwernood aan de dood toen hij in de Himalaya werd overvallen door lawines na de grote aardbeving in Nepal. Hij kon zich net op tijd in veiligheid brengen.

De afgelopen twee jaar moesten alle Everest-expedities voortijdig worden afgebroken. Een lawine in 2014 en de zware aardbeving en daaropvolgende lawines in 2015 maakten de toch al riskante weg naar de top onbegaanbaar. Sinds 11 mei bereiken bergbeklimmers weer de top. Sindsdien zijn er al vierhonderd klimmers, onder wie Nepalese dragers, naar de top geklommen.