Oostenrijk breekt met het verleden - Jeroen Reygaert

Vandaag gaat Oostenrijk naar de stembus. Die verkiezingen zijn historisch: 2016 wordt het jaar waarin de traditionele Oostenrijkse politieke zekerheid in de prullenmand belandt.
labels
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Jeroen Reygaert is VRT-Buitenlandjournalist. Hij volgt onder meer Oostenrijk.

Vandaag trekken de Oostenrijkers naar de stembus voor de tweede ronde van de presidentsverkiezingen. Op zich niet meteen het belangrijkste feit: de Oostenrijkse president heeft net als zijn collega in bijvoorbeeld Duitsland en Italië vooral een symbolische functie.

Toch zijn de verkiezingen nu al historisch, want na de eerste ronde zijn de kaarten zeer atypisch Oostenrijks geschud: de kiezer heeft in de tweede ronde de keuze tussen extreemrechts en onafhankelijk groengezind. Dat is opmerkelijk, in een land dat sinds mensenheugenis – op een klein intermezzo rond de eeuwwisseling na – bestuurd wordt door centrumrechts en centrumlinks.

Het rommelt opnieuw in de Oostenrijkse politiek, het land waar extreemrechts ooit even mee mocht proeven van de macht. Normaal is de Oostenrijkse politiek een baken van rustige vastheid. De conservatieve ÖVP en de sociaaldemocratische SPÖ vormen er na elke verkiezing een nieuwe regering. De populariteit van Jörg Haider zaliger en zijn extreemrechtse FPÖ doorbrak dat stramien even rond de eeuwwisseling, maar lang duurde dat niet.

De deur open ...

Aanvankelijk zou het ook deze keer een rustige regeerperiode worden, met ergens halfweg de presidentsverkiezing, die traditioneel wel zonder te veel aandacht gewonnen zou worden door de kandidaat van de ÖVP of de SPÖ.

Het begon goed: de regering onder leiding van de SPÖ’er Faymann slaagde er onder meer in een heuse taxshift door te voeren. Ondanks hun nipte meerderheid - ook in 2013 voelden de twee traditionele partijen al de hete adem van extreemrechts en groen - ging in Oostenrijk alles zijn vertrouwde gangetje. Tot honderdduizenden in het Midden-Oosten besloten de miserie van oorlog en geweld achter zich te laten en naar Europa te trekken, eindbestemming Duitsland, via Griekenland, de Balkan en uiteraard Oostenrijk, de hoopvolle voortuin van Duitsland.

Op de Duitse televisie zei Merkel “Wir schaffen das”, de Oostenrijkers dachten er aanvankelijk hetzelfde over. Het Alpenland zou zijn meest humane gelaat laten zien. Na de helletocht door de Balkan, zou Oostenrijk de eerste kennismaking zijn met de “echte Europese waarden”: eten, verse kleren, speelgoed voor de kinderen, bussen naar opvangcentra, treinen naar Duitsland, menselijke warmte.

... en dicht

Maar lang duurde de Oostenrijkse gastvrijheid niet. Een paar maanden later deed Oostenrijk de deur dicht. De drukste grensovergang - die van Spielfeld op de grens met Slovenië - kreeg een hek en een registratiecentrum. Enkel wie uit onveilige landen gevlucht was, kon er nog door. Even later werd zelfs dat teruggeschroefd en voerde diezelfde Oostenrijkse regering met veel poeha een strikte daggrens op het aantal vluchtelingen in: 80 en niet meer.

De regering-Faymann maakte de U-bocht die Merkel in het grote buurland nooit maakte. In de hoop electoraal wat schade te beperken, want ook in Oostenrijk ebde het enthousiasme bij de bevolking vrij snel weg. 

Opiniepeilingen en regionale verkiezingen lieten al voor de vluchtelingencrisis duidelijk winst zien voor de extreemrechtse herrezen FPÖ, de regeringspartijen moesten het verkiezing na verkiezing met minder doen.

De vluchtelingencrisis zou dat nog versterken, moeten ze bij de ÖVP en SPÖ gedacht hebben. Met de presidentsverkiezingen voor de deur, hoe symbolisch ook, hoopte de ploeg van Faymann gemakkelijker naar de gunsten van de Oostenrijkse kiezer te kunnen hengelen door zelf forse taal tegen over de vluchtelingen te gaan spreken en een van de striktste landen van Europa te worden.

De koude douche op 24 april

Maar net die U-bocht brak de Oostenrijkse coalitiepartijen bijzonder zuur op tijdens de eerste ronde van de presidentsverkiezingen. De kandidaten van de SPÖ en ÖVP haalden beiden een schamele 11 procent.

De grote overwinnaar werd Norbert Hofer, de kandidaat van de FPÖ. Meer dan 35 procent van de Oostenrijkers ziet Hofer graag als president. Geen absolute meerderheid, dus volgt morgen de tweede ronde.

Daarin neemt hij het op tegen een onafhankelijke kandidaat, gelinkt met de groenen, Alexander Van der Bellen. Historisch, met dank aan de vluchtelingenstroom en de reactie van de regering-Faymann, de “wijlen”-regering-Faymann intussen.

De bocht die Faymanns ploeg maakte sloeg niet aan: de kiezer die het niet op de vluchtelingen begrepen had, koos voor de felle en oprechte antistem van de FPÖ, zij die wel voor een “wilkommenskultur” gingen voelden zich verraden en bedrogen door de regeringspartijen.

En zo krijgen we dus zondag een rechtstreeks duel tussen een uitgesproken rechtse en een onafhankelijke groengezinde overtuigd linkse kandidaat.

En hoe symbolisch die presidentsverkiezingen ook zijn, een eerste echt politiek gevolg is nu al een feit. Vorige week kondigde kanselier Faymann onverwachts zijn ontslag aan. De premier voelde “niet voldoende rugdekking meer” door zijn eigen partij. Binnen Faymanns SPÖ was vooral de linkervleugel steeds luider aan het morren; de uitslag van de eerste ronde van de presidentsverkiezingen was de druppel die de emmer deed overlopen.

Het geschonden ambt

Oostenrijk krijgt dus een extreemrechtse of een groene president in de Hofburg. Wie van beide presidentskandidaten het zal halen, is nog onduidelijk. De eerste ronde werd met de vingers in de neus gewonnen door Hofer, maar wat doen de kiezers van de andere kandidaten in de tweede ronde? Kiezen zij massaal voor de onafhankelijke groene kandidaat?

Beide kandidaten namen het vorig weekend op in een rechtstreeks duel op een commerciële tv-zender. 45 minuten lang aan een tafel, wit decor, zonder moderator. Het werd bijwijlen een scheldtirade van jewelste. Een schande voor het land en voor het ambt, klonk het. Of het kiezers afschrikt of net naar de stembus lokt, zal morgen duidelijk worden.

En wat nu? In theorie kan die president zelfs het parlement ontbinden, al moet hij daar wel een gegronde reden voor hebben. De groene Van der Bellen, met heel wat politieke ervaring op de teller, zal dat niet doen.

Hofer sprak wel al eerder forse taal en heeft lak aan het establishment. Maar de kans dat hij werkelijk het parlement naar huis stuurt en nieuwe verkiezingen uitschrijft, blijft ook bij hem erg klein.

Maar een historische avond, waarbij noch een ÖVP’er noch een SPÖ ‘er de Hofburg intrekt, wordt het morgen in Oostenrijk sowieso al. 2016 wordt in Oostenrijk het jaar waarin ook die politieke zekerheid in de prullenmand belandt.