Crevits schrapt 53 studierichtingen in 2e en 3e graad

In het Vlaams Parlement heeft minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) haar hervormingsplannen voor de 2e en de 3e graad van het secundair onderwijs nader toegelicht. Van de 196 studierichtingen vandaag, blijven in de toekomst 143 over. Een overzicht van de belangrijkste veranderingen.

Vorig weekend heeft de Vlaamse regering haar langverwachte onderwijshervorming voorgesteld. In het secundair onderwijs wordt de eerste graad een verkennende graad, de tweede en de derde graad worden in de toekomst volgens een matrix-systeem georganiseerd.

Bij dit laatste heeft minister Crevits vandaag meer tekst en uitleg gegeven in het Vlaams Parlement. Het gaat voor alle duidelijkheid om een voorstel dat de minister in overleg met de onderwijskoepels verder wil verfijnen.

1. Minder studierichtingen

In "De zevende dag" had Crevits het al aangekondigd, en nu bevestigt ze het ook: het aantal studierichtingen in de tweede en de derde graad vermindert met zowat een derde. Volgens het voorstel dat nu op tafel ligt, daalt het aantal richtingen in de tweede graad van 72 naar 49 (-23). In de derde graad blijven in de toekomst nog 94 van de 124 studierichtingen over (-30). Het zijn vooral verouderde studierichtingen die verdwijnen, zoals boekbinden of zeefdrukken.

2. Studierichtingen bundelen, vernieuwen of versterken

Crevits heeft alle studierichtingen laten doorlichten en wil sommige van die richtingen bundelen. In het bso bestaat momenteel bijvoorbeeld de richting "paardenverzorging". Die wil ze opnemen in een bredere studierichting "plant, dier en milieu".

Andere studierichtingen blijken dan weer danig geëvolueerd. Auto's zijn vandaag vooral technologisch en minder mechanisch, denk maar aan de zelfrijdende wagens waar de jongste tijd veel om te doen is. Een richting als "automechanica" krijgt daarom een nieuw jasje en heet straks "autotechnieken".

Ook andere richtingen worden vernieuwd met de blik op de toekomst. De huidige richting "industriële wetenschappen" zal in de toekomst "technologische wetenschappen en engineering" heten. De wat oubollige en weinig toekomstgerichte studierichting "verkoop en kantoor" zal dan weer "organisatieondersteuning" heten en zich inhoudelijk richten op vaardigheden als administratie, onthaal en helpdesk.

Sommige studierichtingen die vandaag te weinig voorbereiden op voortgezet onderwijs, worden versterkt. Veel jongeren die vandaag "humane wetenschappen" studeren, slagen aan de universiteit of de hogeschool niet voor vakken als statistiek. Die richting zal daarom meer uren wiskunde aanbieden om deze drempel weg te werken.

© tofino - www.belgaimage.be

3. Domeinscholen, campusscholen en traditionele scholen

Zoals bekend wil Crevits scholen de kans bieden om zich om te vormen tot domeinscholen. Daarbij organiseren scholen zich thematisch en niet meer volgens het traditionele onderscheid aso, tso en bso.

Volgens het plan kunnen scholen kiezen uit acht domeinen. Crevits denkt daarbij aan thema's als "wetenschap en techniek", "zorg en welzijn", "land- en tuinbouw" of "economie en organisatie". Binnen elk van die domeinen kunnen scholen zowel abstracte studierichtingen als "latijn-wiskunde" aanbieden, maar ook praktische richtingen als "lassen". Als ze dat willen kunnen ze binnen hun domein ook richtingen uit het buitengewoon secundair onderwijs zoals magazijnmedewerker aanbieden.

Naast een organisatie volgens domeinen laat Crevits scholen nog steeds de kans om zich als een campusschool of als een traditionele school te profileren. Een campusschool is een school die zowel studierichtingen uit het aso, tso en bso naast elkaar aanbiedt. Een traditionele school biedt enkel richtingen uit één van deze drie onderwijsvormen aan.

Het staat scholen volledig vrij te kiezen voor één van deze drie organisatiestructuren. Crevits wil scholen die ervoor kiezen zich tot een domeinschool of een campusschool om te vormen wel extra ondersteunen voor het uitbouwen van infrastructuur voor technische richtingen zodat leerlingen daar met de modernste machines en volgens de modernste technieken kunnen werken.

Jasper Jacobs

4. Overstappen

De inhoud van elke studierichting blijft dezelfde, ongeacht of een leerling die aan een domeinschool, een campusschool of een traditionele school volgt. Overstappen tussen scholen zou dus probleemloos moeten kunnen, bijvoorbeeld in het geval van een verhuizing.

Basisonderwijs

Naast deze hervormingsplannen, heeft Crevits enkele nieuwigheden in het basisonderwijs voorgesteld. Zo zullen alle scholen in de toekomst een eindtoets moeten afnemen van hun leerlingen in het zesde leerjaar om te zien of ze de eindtermen halen. Het gaat niet om een uniforme eindtest voor alle scholen en de test alleen mag niet bepalend zijn voor de overgang naar het secundair onderwijs, maar de test wordt wel verplicht.

Voorts zal elke leerling in de eerste graad van het secundair onderwijs over een "basisgeletterdheid" moeten beschikken op vlak van Nederlands, wiskunde, digitale en financiële kennis. "Het moet echt basic zijn", benadrukt Crevits, "maar het is wel de bedoeling dat iedereen die lat haalt". Waar de lat precies komt te liggen en wat de leerlingen precies moeten kunnen en kennen, wil ze samen met de onderwijsverstrekkers vastleggen.