Internationaal Hof: "China heeft geen historisch recht op Zuid-Chinese Zee"

Het Permanent Hof van Arbitrage in Den Haag heeft de Filipijnen gelijk gegeven in een rechtszaak tegen China inzake het bezit van eilandjes en riffen in de Zuid-Chinese Zee. Volgens het hof heeft China geen enkele historisch recht op het gebied. Peking wil zich echter niet schikken naar de uitspraak van het internationale hof, maar het is hoe dan ook een juridische nederlaag voor China.

Drie jaar geleden had de regering van de Filipijnen het territoriale conflict in de Zuid-Chinese Zee (of West-Filipijnse Zee) voorgelegd aan het Permanente Hof van Arbitrage, dat gevestigd is in het Vredespaleis in Den Haag in Nederland.

China eist zowat alle eilandjes, riffen en atollen in de Zuid-Chinese Zee ver van zijn kusten op en volgens de Filipijnen gaan die eisen in tegen de UNCLOS (United Nations Convention on the Laws of the Sea), een zeerechtconventie uit 1982 die getekend en geratificeerd werd door 167 landen, en zowel de Filipijnen als China horen daarbij.

Het hof oordeelt nu dat China "geen enkele juridische basis heeft om historische rechten op de grondstoffen in het gebied binnen de negen-strepenlijn op te eisen". Het hof verwijst daarmee naar een in 1947 door China geïntroduceerde demarcatielijn op de kaart van het gebied, maar die claims zijn nu afgewezen. Zelfs al zou dat zo zijn, dan geven de Spratly-eilanden geen recht op exclusieve economische zones omdat ze onbewoonbaar zijn en de uitbreidingswerken waarmee China een aantal daarvan heeft uitgebreid, de status daarvan niet veranderen. Door het afwijzen van de Chinese claims wordt een aantal maritieme gebieden wel beschouwd als EEZ van de Filipijnen.

China schond volgens het hof ook onder meer de soevereine rechten van de Filipijnen door de exploratie van grondstoffen nabij de Reed Bank, een onderzeese berg in de Zuid-Chinese Zee. Het veroorzaakte volgens het hof ook onherstelbare schade aan het plaatselijke ecosysteem op het Mischief-rif.

Concreet hebben de Filipijnen dus over zowat de hele lijn gelijk gekregen van het hof in Den Haag. Dat was ook verwacht, zelfs door China dat alle medewerking aan het hof geweigerd heeft.

Bui al zien hangen

Peking had de bui echter al zien hangen en weigerde tijdens de procedure dan ook om mee te werken of om zich te verdedigen voor het hof in Den Haag. China had dan ook bij voorbaat gezegd dat het de uitspraken van het hof naast zich neer zou leggen.

Ook na de uitspraak van het hof beklemtoonde Peking dat het het vonnis "niet erkent en niet aanvaardt". De Chinese ambassadeur in Brussel zegt in een interview met collega Stefan Blommaert dat zijn land bereid is tot bilaterale onderhandelingen met andere landen om de kwestie te regelen. 

De Filipijnse regering van haar kant reageerde "verheugd" op het vonnis, maar riep meteen ook op tot "terughoudendheid". De Verenigde Staten en de Europese Unie roepen alle oeverstaten van de zee op om zich te schikken in het oordeel van het hof in Den Haag.

De uitspraak van het hof betekent in elk geval niet het einde aan de spanningen in de Zuid-Chinese Zee, waar China overhoop ligt met niet enkel de Filipijnen, maar ook met andere oeverstaten zoals Vietnam, Maleisië, Brunei en Indonesië. Taiwan -dat ook delen van de Spratlys claimt en in handen heeft- verwerpt het oordeel van het hof.

Waar gaat het conflict over?

Sinds de jaren 40 eist China zowat alle eilandjes, riffen en atollen op in de Zuid-Chinese Zee. Volgens Peking -en ook volgens de Republiek China op Taiwan- behoren die tot de historische invloedssfeer van het land, alhoewel daar weinig bewijzen voor zijn.

Concreet heeft China in 1974 de Paracel-eilanden ten zuiden van Hainan veroverd op het toenmalige Zuid-Vietnamese leger. Het communistische noorden en diens opvolger het huidige Vietnam eisen die eilanden terug.

De voorbije jaren heeft China ook militaire posten opgericht op de meer zuidelijk gelegen Spratly-eilandjes. Daar zijn door landwinning vliegvelden en militaire installaties opgericht. Op zich zijn die onbewoonde eilandjes en atollen niet belangrijk, maar ze zouden recht geven op de exploitatie van vis en onderzeese olie- en gasreserves. Bovendien lopen er erg belangrijke maritieme handelsroutes doorheen de Zuid-Chinese Zee waar alle handel van het Verre Oosten met Australië, India, Afrika en Europa passeert. 

De Verenigde Staten erkennen de Chinese eisen niet en beroepen zich op de vrije scheepvaart en overvlucht. De VS-vloot blijft daardoor patrouilleren tot vlakbij door China bezette eilandjes als ondersteuning voor bondgenoten zoals de Filipijnen en ook de Japanse, Australische en Indiase marines zijn steeds meer actief in de regio. Economist analist Nouriel Roubini noemde het conflict in de Zuid-Chinese Zee dan ook "het grootste geostrategische risico" van onze tijd met een mogelijk conflict tussen de VS en China als inzet.

Ironisch genoeg versterkt het conflict de Amerikaanse invloed in de regio. De kleinere oeverstaten en zelfs de vroegere vijand Vietnam zoeken toenadering tot de VS en Japan om de Chinese claims af te weren.

AP2011

Wat kan het Permanent Hof doen?

Het Permanent Hof van Arbitrage werd in 1899 in Den Haag opgericht en is de oudste internationale juridische instelling met 117 lidstaten. Het hof probeert geschillen tussen staten, organisaties en private partijen te beslechten op basis van het internationaal recht.

In het verleden kende het hof in 1962 de tempel van Preah Vihar op de grens met Thailand toe aan Cambodja en in 2005 velde het hof een uitspraak over de IJzeren Rijn in een dispuut tussen België en Nederland.

De uitspraken van het hof zijn wettelijk bindend, maar dat beschikt niet over middelen om de naleving ervan af te dwingen. Toch is de uitspraak een diplomatieke klap voor China en zullen nu wellicht andere oeverstaten van de Zuid-Chinese Zee ook naar het hof stappen.

Tegengestelde territoriale claims:

  • rode lijn: China en Taiwan
  • paarse lijn: Filipijnen
  • blauwe lijn: Vietnam
  • groene lijn: Brunei
  • gele lijn: Maleisië
  • net onder de kaart: Natuna-archipel, Indonesië

Blommaert: "Niemand heeft belang bij groot militair conflict"