Malinese stad Djenné op lijst van bedreigd werelderfgoed

De Unesco, de cultuurorganisatie van de Verenigde Naties, heeft de Malinese stad Djenné op de lijst van bedreigd werelderfgoed geplaatst. Door de penibele veiligheidstoestand in Mali kunnen de lemen gebouwen van de Middeleeuwse stad niet genoeg worden onderhouden, waardoor ze in verval dreigen te raken.

Djenné is vooral wereldberoemd door de enorme moskee in Soedanese stijl, de grootste dergelijke structuur ter wereld. Die is net als de hele oude stad opgetrokken in zogenoemde "banco", een mengeling van leem, zand en organisch materiaal zoals gras of mest.

Gebouwen in banco worden traditioneel elk jaar gerestaureerd in het droge seizoen. Zoniet dreigen ze af te kalven door de regen tijdens het regenseizoen. 

Djenné ligt op de historische Trans-Saharahandelsroute en is al bewoond van voor het begin van onze jaartelling. De Unesco plaatste de stad in 1988 op de lijst van werelderfgoed. Vandaag slaakt de organisatie een alarmkreet omdat de historische stad lijdt onder de instabiliteit, en dat heeft te maken met de al jaren aanslepende burgeroorlog in het oosten en het noorden van Mali.

Naast Djenné zijn ook de stadjes Shakhrisabz in Oezbekistan en Mtscheta in Georgië op de lijst van bedreigd werelderfgoed geplaatst.