"Erdogan dacht leger onder controle te hebben, maar onvrede was groot"

Hoewel couppogingen wel vaker voorkomen in de geschiedenis van Turkije, komt de poging van gisteren toch iets of wat onverwacht. President Recep Tayyip Erdogan dacht namelijk het leger onder controle te hebben door onder meer zélf de topgeneraals te benoemen. "Maar blijkbaar was de onvrede bij een bepaalde groep nog groot."
AFP or licensors

Een deel van de Turkse militairen probeerde gisteren de regering te laten vallen en de macht over te nemen. Een daad die toch iets of wat onverwachts kwam.

"De laatste maanden waren er wel geruchten over onvrede bij het leger, maar het leek technisch onmogelijk om ook tot een staatsgreep over te gaan", zegt Dirk Rochtus, docent internationale politiek aan de KU Leuven en Turkijekenner. "President Erdogan had het leger onder controle. Hij benoemde zélf de topgeneraals en van de Nationale Veiligheidsraad maakte hij een louter adviserend orgaan. Hij dacht dat het leger hem geen strobreed in de weg kon leggen."

En toch bleek dat alles niet genoeg te zijn om een couppoging zoals die van gisteren tegen te gaan. "Blijkbaar was de onvrede nog zo groot dat een bepaalde groep naar wapens greep voor deze staatsgreep", zegt de professor. "De kans is groot dat Erdogan hiervan gebruik zal maken om een grote zuivering door te voeren in het leger."

Behoeder seculiere staat

Het is niet de eerste keer dat Turkije te maken krijgt met een staatsgreep door militairen. Het Turkse leger ziet zichzelf namelijk als de behoeder van de seculiere staat en de erfenis van Kemal Atatürk, waarin de scheiding van moskee en staat centraal staat. In het verleden kwam het al vaker tussenbeide als die bewuste staat of de stabiliteit van het land in gevaar was.

"Beide elementen komen hier nu samen", zegt Rochtus. "Enerzijds vindt het leger dat Erdogan Turkije wil islamiseren, anderzijds zijn er ook veel problemen in het land: de aanslagen van terreurgroep IS en de strijd met de Koerdische beweging. Dat veroorzaakt een instabiele situatie in het land en dus vinden enkele militairen dat ze de orde moeten herstellen. Ze hebben dat ook letterlijk gezegd: ze willen een nieuwe grondwet en willen de vrijheid en democratie herstellen."

Gelijkenis met 1960

"Deze couppoging lijkt erg op die van 1960", zegt de professor. "Toen was er een islamitische regering aan de macht die populair was bij de bevolking en die het economisch goed deed. En toch nam het leger de macht over. Dat is hetzelfde als vandaag. Minstens de helft van de bevolking is Erdogan genegen."

In 1960 lukte de staatsgreep wél, net zoals drie andere keren. "Het zijn andere tijden. Mensen nemen het niet langer als mensen zomaar de macht nemen en op autoritaire wijze de orde herstellen. De bevolking hoort - in tegenstelling tot vroeger - ook meteen het nieuws en komt op straat. Vroeger zouden de mensen wellicht thuis zijn gebleven.

Een overzicht

1960
Het leger pleegt een staatsgreep op de regering van president Celal Bayar en premier Adnan Menderes, die eveneens gearresteerd en ter dood veroordeeld werden. Hun straf werd later omgezet in levenslange gevangenis. De Democratische partij werd opgeheven. De militaire regering kwam met een nieuwe grondwet en organiseerde vier maanden later verkiezingen.

1971
Tien jaar later volgde een tweede staatsgreep, waarbij Süleyman Demirel van de Adaletpartij moest aftreden. Het leger bleef twee jaar aan de macht vooraleer er verkiezingen kwamen.

1980
De staatsgreep van 1980 had zeer grote gevolgen. Alle politci werden door het leger naar huis gestuurd en de politieke partijen werden opgeheven. Pas drie jaar later mochten er nieuwe partijen opgericht worden.

1997
De laatste staatsgreep tot gisteren was die in 1997. Toen bleven de militairen niet aan de macht, maar kwamen ze snel met nieuwe verkiezingen.