Parijs-Nice: een moeilijke latrelatie

De mensen in Nice rouwen om de 84 dodelijke slachtoffers van de aanslag op de Promenade des Anglais. Maar er is ook woede, en die richt zich steeds meer tot het centrale bestuur in de hoofdstad Parijs. De relatie tussen beide steden is nooit echt van harte geweest.

Dat de mondaine badplaats aan de Côte d'Azur enkele probleemwijken heeft, is intussen genoegzaam bekend. Die problemen zijn niet nieuw. Al jaren staat met name Nice-Nord bekend als een zone waar verschillende moslimjongeren gemakkelijk in de criminaliteit belanden. Langs de afrit op de autosnelweg worden bestuurders zelfs gewaarschuwd om ramen en deuren gesloten te houden.

Het extreemrechtse Front National maakt in die context grote sprongen voorwaarts in de regio, onder leiding van Marion Maréchal Le Pen. Centrumrechts kon de regionale verkiezingen vorig jaar slechts winnen door een - ongemakkelijke - entente aan te gaan met de PS. Na de aanslag op Quatorze Juillet gepleegd door de Tunesiër Mohamed Lahouaiej-Bouhlel, wezen verschillende Niçois openlijk met een beschuldigende vinger naar de moslimgemeenschap en staken ze de loftrompet van het FN.

Maar eerder dan die polarisatie op te zoeken, uiten steeds meer inwoners van Nice en omstreken hun woede op de politici. "Ze hebben ons niet genoeg beschermd. Ze zijn incompetent en dus medeverantwoordelijk", luidt de teneur. "De pinguïns die ons regeren", verwoordt een man het, verwijzend naar de sowieso al onpopulaire president François Hollande. Niet alleen de lokale politici moeten het ontgelden, maar - en vooral - de centrale macht in Parijs wordt met de vinger gewezen.

#coucouParis

De relatie tussen de hoofdstad van de Azurenkust - de vijfde stad van het land - en de echte "capitale" is altijd wat troebel geweest. Dat uit zich vooral in kleine dingetjes: praat met een Niçois over de Parijzenaars, en je krijgt een waslijst aan vooroordelen. Wanneer bij kleine vandalenstreken autoruiten worden ingeslagen, worden niet toevallig in de eerste plaats auto's met nummerplaten eindigend op "75" geviseerd, want die komen uit Parijs. Claxonneren doen de nerveuze bestuurders van Nice nog altijd wat harder en sneller naar buitenlanders... en Parijzenaars. De Champs-Elysées wordt er consequent afgebeeld als een plaats waar het altijd regent en als het in de winter heerlijk zacht en zonnig is aan de Azurenkust, kunnen de plaatselijke inwoners het niet laten om een foto van de azuurblauwe Engelenbaai op het internet te plaatsen, met hashtag #coucouParis.

De aanslag in Nice lijkt die tweespalt enigszins uit te diepen. Een voorbeeld: de Franse driekleur werd na de aanslag bovengehaald als symbool voor eenheid, de eendracht tegen de terreur. Maar her en der kozen inwoners bewust om de bleu-blanc-rouge binnen te houden en ostentatief de vlag van de stad boven te halen, een vlag die een historische lading dekt.

Een verleden zonder Parijs

De echte inwoners van de Zuid-Franse stad hebben zich nooit echt verbonden gevoeld met Frankrijk, laat staan met de centrale macht in Parijs. Die ongemakkelijke relatie tussen Nice en Parijs is historisch te verklaren.

Nice sloot pas in 1860 aan bij Frankrijk. Daarvoor maakte het eeuwenlang deel uit van het graafschap Nizza, onder leiding van het huis van Savoye. Ook nu nog vind je op verkeersborden bij het binnenkomen van steden en dorpen in de buurt geregeld de verwijzing naar "Contea di Nizza". Bij het binnenkomen van Nice zelf word je overigens verwelkomd in het Frans en in het Nissart (de plaatselijke variant van het Occitaans, de streektaal van de Provence).

Na de Franse revolutie en de val van Napoleon werd Nice in 1814 toegevoegd aan de bufferstaat Piëmont-Sardinië. Enkele decennia later steunde Frankrijk de Italiaanse eenmaking, in ruil voor die steun werd Nizza uiteindelijk met het Verdrag van Turijn (1860) bij Frankrijk opgenomen. De stembusgang (zie foto onderaan alinea) over die aansluiting is echter in duistere omstandigheden verlopen, mogelijk gemanipuleerd door de Fransen. Giuseppe Garibaldi, de strijder voor de Italiaanse eenmaking én geboren Niçois, heeft het nooit kunnen verkroppen. "Nice is even Frans als ik Tartaars", is een boutade die aan hem wordt toegeschreven. De man wordt in Nice nog steeds geëerd met een naar hem genoemd plein.

Heden ten dage profileert Nice zich vooral als internationale, zelfs specifiek Angelsaksische stad. De "Promenade des Anglais" die overvloeit in de "Quai des Etats-Unis" is daar een mooi voorbeeld van. Al hopen de Niçois na de zwarte Quatorze Juillet van dit jaar vooral dat ze de Franse nationale feestdag volgend jaar opnieuw zonder zorgen zullen kunnen vieren op hun " Prom' ".