Eurocommissaris Thyssen houdt voet bij stuk over detacheringsregels

Europees Commissaris voor Sociale Zaken Marianne Thyssen wil niet ingaan op de vraag van nationale parlementen uit Oost-Europa om haar voorstellen tegen sociale dumping in te trekken. Volgens de parlementen ging Thyssen haar boekje te buiten en probeerde ze een materie te regelen waar de lidstaten verantwoordelijk zijn, en niet de Europese Unie. Via de zogenoemde gele kaartprocedure probeerden ze het voorstel van Thyssen te blokkeren, maar Thyssen vindt dat de Europese Commissie haar voorstel ongewijzigd naar het Europees Parlement en naar de Raad van Ministers moet sturen.

In maart had Thyssen een voorstel gedaan om de Europese regels over detachering aan te passen. Volgens die regels mogen bedrijven in een ander land opdrachten uitvoeren met hun eigen personeel, op voorwaarde dat dat personeel het minimumloon krijgt van het land waar ze gaan werken. Thyssen wil dat aanpassen, zodat buitenlandse gedetacheerde werknemers hetzelfde loon krijgen als lokale werknemers. Vooral de bouwsector en transportsector klagen over oneerlijke concurrentie van bedrijven uit Centraal- en Oost-Europa, die met goedkopere arbeidskrachten kunnen werken.

Thyssen hoopt door het principe “gelijk loon voor gelijk werk” in de Europese detacheringsrichtlijn in te schrijven, dat er meer “fairness” zal komen in de Europese interne markt. Omdat het om een aanpassing gaat van de oorspronkelijke richtlijn uit 1996, vindt ze de kritiek uit Oost-Europa juridisch niet correct.

"België gaat al verder"

Staatssecretaris voor Fraudebestrijding Philippe De Backer (Open VLD) is blij dat Thyssen voet bij stuk houdt, maar hij benadrukt wel dat er voor ons land niet veel zou veranderen.

"Een buitenlandse werknemer die in België werkt, moet al de Belgische barema’s volgen. België ging al verder dan de Europese minimumbepalingen. Wel wordt de lat nu gelijk getrokken in gans Europa en is er een duidelijke en eenvoudige regel: gelijk loon voor gelijk werk op dezelfde plaats. Dit maakt de controle op deze Europese regels gemakkelijker", reageert De Backer.

De staatssecretaris heeft ook goeie raad voor de Oost-Europese landen: "Centraal- en Oost-Europa moeten beseffen dat zij er ook baat bij hebben om de regels toe te passen. Het zijn immers Oost-Europese werknemers die worden uitgebuit, maar tegelijk zorgen voor oneerlijke concurrentie voor Belgische werknemers."

Kloof West- en Oost-Europa zichtbaar

Als de voltallige Europese Commissie de visie van Thyssen steunt, verhuist het dossier naar het Europees Parlement en naar de Raad van Ministers. De verwachting is dat ook daar de kloof tussen West- en Oost-Europa weer zichtbaar zal worden in de discussies. Thyssen kreeg bijvoorbeeld uitdrukkelijke steun van de regeringen van Nederland en Frankrijk, en ook van de nationale parlementen van Frankrijk, Groot-Brittannië, Italië, Portugal en Spanje.

Volgens veel politici uit West-Europa gaan de voorstellen van Thyssen overigens niet ver genoeg, omdat er bijvoorbeeld niets veranderd wordt aan het feit dat sociale zekerheidsbijdragen van gedetacheerde werknemers betaald worden in het land waar ze vandaan komen en niet in het land waar ze gaan werken.

Hierdoor blijven ze, ook wanneer het voorstel van Thyssen zou goedgekeurd worden, goedkoper dan lokale werknemers. Alleen wie langer dan twee jaar naar een ander land gedetacheerd wordt, zou in het voorstel van Thyssen daar sociale zekerheidsbijdragen moeten betalen.

De Franse premier Valls vindt die periode veel te lang en eist dat buitenlandse werknemers onmiddellijk bijdragen betalen in het land waar ze gaan werken.