Glamour is het laatste wat je kunt verwachten op de Spelen

Als u denkt dat we - met de VRT-ploeg in Rio - een glamoureuze drie weken beleven, think again. We mochten al meemaken hoe één collega op zijn knieën zat te dweilen. En jammer dat het zo koud was toen we postvatten op het strand van Copacabana.

Glamour all the way

Pasta is onze beste vriend hier. En daar kan je, zo blijkt, bijzonder creatief mee zijn. Pasta met courgettes en champignons, pasta met zalm en kruidenkaas en pasta vult-u-zelf-maar-in. Een niet nadergenoemd lid van Team Rio (hij werkt voor tv, maar meer zeg ik niet) zat hier op de knieën te dweilen, de eerste wasjes zijn gedraaid en opgehangen en we vallen al eens in slaap in de auto op weg naar een nieuwe afspraak; met de mond wagenwijd open. We denken er zelfs aan om voortaan noten mee te nemen en een spelletje mikken te spelen. U leest het, glamour all the way hier in Rio.

Niet dat we daarvoor naar hier waren gekomen. Dan hadden we onze bazen in februari wel wijsgemaakt dat we dringend een stuk of wat reportages wilden maken over carnaval als cultureel erfgoed in Rio. Neen, van de Olympische Spelen in Londen heb ik onthouden, dat glamour ongeveer het laatste is dat je meemaakt. Al is het wel binnen handbereik: we moeten maar de straat oversteken en we staan op Copacabana. Maar laat dat nu net de plek zijn waar we hier nog geen voet hebben gezet, maar dat maken we over twee alinea’s goed.

De sfeer is goed

Eerst wilden we na ons kerkbezoek van zondag (het verhaal daarover kon je in de blog van Laura lezen) toch proberen om eens een Belg aan het werk te zien. Er was wel wat keuze zondag, maar als mislukte tennisspeler wilde ik toch vooral naar Goffin gaan kijken. De rest pruttelde niet tegen (of ik heb misschien ook niet geheel naar waarheid gezegd dat het de enige Belg was die op dat moment iets aan het doen was) en daar kregen we gelukkig (voor mij) geen spijt van. Vlotte overwinning voor David, aangemoedigd door Koning Filip. Al is de grootste prestatie als sporter hier nog altijd dat je op tijd op de afspraak bent. Of het moest zijn dat de atleten via ondergrondse tunnels reizen, waar wij geen weet van hebben. U merkt het, de mobiliteit blijft – ik wik mijn woorden – een pijnpunt.

Maar dat doet verder niks af aan de sfeer binnen Team Rio. We hebben stilaan onze plek gevonden. Het is toch altijd even afwachten, zo met vier collega’s in één appartement samenhokken voor dik drie weken. Maar we eten nog allemaal aan dezelfde tafel en de medische koffer hebben we nog niet nodig gehad. Dat laatste is altijd winst. We stellen elkaar zelfs voor als we met het thuisfront via Skype of FaceTime even contact leggen. Dat heeft ook te maken met het feit dat de WiFi niet tot in onze (aparte) slaapkamers komt, maar toch, je stelt niet iedereen voor aan je ouders.

When in Rio

Zo kon het gebeuren dat Laura en ik na de ochtendmontage voor de radio en de portretjes voor online de kans schoon zagen om twee uur ongegeneerd op het strand te gaan liggen. Daar hadden we al van op het vliegtuig naar uitgekeken. When in Rio, begrijpt u. Maar zo gaat dat met dingen waar je naar uitkijkt, de droom is beter dan de realiteit. Er stond een harde wind en de winterzon liet zich niet zien. En dus dropen we snel weer af. First world problems, right there. Het beste bewijs dat een vrij moment, vaak een verloren moment is. Dus belden we rond, maakten we afspraken voor de komende dagen en werd er gekookt, want Ludwig en Steven hadden wel de hele dag gewerkt. TV, beste mensen, dat vraagt tijd. En dat is geen ironie.

Intussen weten we wel waar de zon was vanmiddag. Boven de Arena Carioca 2, de plek waar ze hier vechten om de judomedailles. En dat heeft de Beer van Brecht uitstekend gedaan. Brons, want goud of zilver was sowieso uitgesloten omdat dat niet allitereert met z’n bijnaam, de koppenmakers mogen ook iets. Hou Dirk Van Tichelt in de gaten, want morgen hebben we een afspraak met hem. Hij gaat iets moois doen. Maar dat hoort, leest, en ziet u later weer.