Meer reizigers op EU-luchthavens ondanks wereldwijde conflicten en terreurdreiging

De Europese luchthavens hebben in de eerste jaarhelft van 2016 ruim 4,9 procent meer reizigers aangetrokken. Vooral luchthavens in EU-landen doen het goed (+ 6,2 procent), ten koste van bestemmingen in Noord-Afrika, Turkije en Rusland. Opvallend: in België was er door de aanslag van 22 maart op Brussels Airport, een terugval van -6,5 procent.

Het rapport komt van ACI EUROPE, dat 500 luchthavens vertegenwoordigt in 45 Europese landen. In de berekening tellen alle luchtvaartmaatschappijen mee, dus ook de lagekosten- en chartermaatschappijen.

Kleinere luchthavens

De groei was het sterkst in het eerste kwartaal. Vooral de kleinere luchthavens deden het goed. Bij de vijf grote EU-luchthavens kregen alleen Amsterdam-Schiphol en Madrid opvallend meer reizigers over de vloer, respectievelijk +9,9 procent en +8,6 procent. London-Heathrow, Paris Charles de Gaulle en Frankfurt hielden voor de eerste zes maanden min of meer gelijke tred met vorig jaar.

Verschuiving naar EU-landen

Een tweede vaststelling is dat bestemmingen in Noord-Afrika en Turkije dit jaar minder goed in de markt liggen bij de reizigers. Een voordeel voor sommige EU-luchthavens die afhankelijk zijn van het toerisme. Onder meer in Bulgarije, Cyprus, Griekenland, Kroatië, Malta, Spanje, Portugal tekenen ze duidelijke passagiersaantallen op.

Instabiliteit in Rusland en Turkije

Minder sterk is de groei in Europese luchthavens buiten de EU. Alles samen gingen die er met amper 0,5 procent op vooruit. Vooral de Russische en Turkse luchthavens halen de cijfers omlaag. Een spectaculaire groei is er wel in IJsland, waar de luchthaven Keflavik meer dan 34 procent extra passagiers heeft aangetrokken.