Open VLD lanceert eigen voorstel voor "werkbaar" werk

Open VLD komt met een eigen voorstel om flexibeler te gaan werken. Dat schrijft De Morgen. De liberale coalitiepartner gaat met het voorstel in tegen een wetsontwerp van minister van Werk Kris Peeters (CD&V). De minister wil de 38 urenweek versoepelen en wijst erop dat zijn plan maanden geleden al is afgesproken aan de regeringstafel.

Peeters wil de 38 urenweek voortaan op jaarbasis berekenen, zodat werknemers meer kunnen werken als het druk is en minder als het kalm is. Maar het ontwerp van de CD&V-vicepremier is een lege doos, vindt Egbert Lachaert (foto), arbeidsmarktspecialist van Open VLD. Er zijn volgens hem te veel regels en voorwaarden, waardoor er in de praktijk weinig zal veranderen."

Lijst van vrijgestelde beroepen

Lachaert wil een nieuwe lijst opstellen van beroepen waarvoor de 38 urenweek niet geldt. Zo'n lijst was er al in 1965 maar veel van de beroepen die erop stonden, zijn intussen veranderd of verdwenen. "Onze vraag aan de sociale partners is: maak een nieuwe lijst. Er is een nieuwe economie ontstaan binnen ICT, binnen de dienstensector, bij mensen in creatieve beroepen, … Die mensen willen niet vastzitten aan een strikte 38 urenweek. Ze willen hun dag zelf kunnen indelen."

Tegelijk wil Lachaert niet raken aan de bestaande afspraken over arbeidsduur in traditionele sectoren zoals industrie en logistiek. Ook N-VA wil dat minister Peeters zijn werk overdoet. Peeters zelf zegt dat hij zich strikt houdt aan wat de regering is overeengekomen. Het is nu aan vakbonden en werkgevers om zich uit te spreken, zegt de minister.

Sociale partners niet happig

De hervorming van de 38 urenweek was de belangrijkste reden voor de vakbonden om begin dit jaar op straat te komen. De vraag is of ze het voorstel van Lachaert zoveel beter vinden. "In België wordt flexibel gewerkt, maar daar staan altijd afspraken tegenover: extra loon of recuperatiedagen. Die zouden wegvallen", zegt David Vanbellinghen, woordvoerder van de christelijke vakbond ACV in De Morgen. Werkgeversorganisatie VBO ziet vooral een probleem in het invullen van de lijst: welke beroepen moeten erop en welke niet?