Huisartsenarm Vlaanderen? Herman Moeremans

Steevast wordt in de zomer –het is immers komkommertijd– het huisartsentekort in Vlaanderen als een dramatische evolutie voorgesteld. Het lijkt nuttig deze cijfers toch wat te nuanceren en te relativeren.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Dr. Herman Moeremans is de voorzitter van het Syndicaat van Vlaamse Huisartsen.

Het is een jaarlijks ritueel geworden. Tijdens de zomermaanden worden de cijfers bekendgemaakt waarop overheden (voorheen federaal, nu de gemeenschappen) zich baseren om een zone “huisartsenarm” te noemen. Die cijfers moeten dienen om te bepalen in welke regio’s steunmaatregelen (impulseo-subsidies) worden toegekend aan nieuwe startende huisartsenpraktijken. Ze zijn dus een element om “beleid” in de gezondheidszorg mee uit te stippelen.

Steevast wordt dat nieuws opgepikt– het is immers komkommertijd – en wordt het huisartsentekort als een dramatische evolutie voorgesteld. Samen met het recent opgemerkte fenomeen – de jonge huisartsen die geen nieuwe patiënten aannemen – willen we dit alleszins niet zomaar wegwuiven. Toch lijkt het nuttig hier kritisch over na te denken en deze zaak toch wat te nuanceren en te relativeren.

Onze overheid beschikt nog altijd niet over correcte cijfers wanneer het de aantallen van echt actieve huisartsen betreft. Dit blijkt elke keer opnieuw wanneer “geteld” wordt wie de nationale akkoorden inzake tarieven goedkeurt.

Onder de noemer “algemeen geneeskundige” worden immers bedrijfsartsen, ambtenaren, adviserende artsen van ziekenfondsen, maar even goed gepensioneerde huisartsen en artsen die intussen voor een carrière buiten de gezondheidszorg kozen, allemaal mee beschouwd alsof ze huisartsgeneeskunde beoefenen. Huisartsen vragen al jaren een kadaster. Eerste aanzetten voor dat kadaster zijn er nu wel: meer dan 15.000 eind 2014. Nog steeds worden dus onwaarschijnlijke cijfers van “algemeen geneeskundigen” en huisartsen door elkaar gehaspeld.

Welk takenpakket?

Als we dan al zouden weten hoeveel huisartsen echt actief zijn in ons land, dan blijft er een andere belangrijke voorwaarde om te kunnen spreken over een tekort. Wat wordt er immers van die huisartsen verwacht? Welke taken moeten zij op zich nemen? Ook duidelijke afspraken over het takenpakket van huisartsen ontbreken in dit land.

Als er al een huisartsentekort is: we stellen even goed al jaren vast dat veel taken die huisartsen best aankunnen momenteel worden verricht door collega’s specialisten.

Als er al een huisartsentekort is: de open-deurpolitiek van spoeddiensten “draineert” de patiëntenstroom vlot naar het ziekenhuis. De patiënten blijven op die manier verzekerd van zorg. Meer nog: ze worden in de watten gelegd met vaak onnodige (technische) zorg. Gevolg: ook spoedartsen stellen dat ze met “te weinig” zijn. Ja, ze hebben gelijk wanneer we ook het huidige misbruik op spoeddiensten in stand willen houden.

Te veel bureaucratisch werk

Huisartsen klagen al jaren: ze verzuipen in administratieve opdrachten. Ze worden geconsulteerd voor het opmaken van briefjes en attesten allerhande. Maatschappelijk blijkt vaak dat “enkel een doktersattest” als geldig excuus wordt aanvaard om een situatie terug in regel te brengen. En de veelvuldige “controlemechanismen” worden momenteel ijverig “digitaal gebetonneerd”.

Huisartsen lijken een verlengde van hun computer geworden, die steeds maar meer en meer vakjes moeten aanvinken. Willen we naar de toekomst toe blijven artsen – universitairen – opleiden om hetzelfde bureaucratische werk te verrichten? Als dat de toekomst van huisartsgeneeskunde moet zijn: dan is er wel degelijk een tekort!

Juiste cijfers zijn de basisvoorwaarde

Dienen de cijfers niet om een beleid uit te stippelen? Dienen die cijfers dan niet om keuzes te maken over welke gezondheidszorg wij in de toekomst willen?

Wanneer je tenslotte ook voor een regio wil bepalen of die “huisartsenarm” is, dan zijn dus de basisvoorwaarden, namelijk juiste cijfers en correcte afbakening van het werk dat je hen toebedeelt, momenteel al niet vervuld. Het begrip “huisartsenarm” wordt nu toegepast zodra er in een gemeente minder dan 9 huisartsen per 10.000 inwoners zijn. Waar deze “arbitraire norm” vandaan komt? Niemand die het kan toelichten. Wanneer we enkel moeten vaststellen dat dit als “streefdoel” wordt vooropgesteld, kunnen we slechts besluiten dat onze beleidsmakers verkiezen om de huidige manier van werken in de basiszorg zo min mogelijk aan te passen.

Laat ons even ook kijken naar onze Noorderburen. Voor ongeveer 17 miljoen Nederlanders waren er op 31/12/2014 exact 8.812 huisartsen aan het werk. Dus iets meer dan de helft van het “officiële” Belgische cijfer (voor een goeie 11 miljoen inwoners in België) . De Nederlanders komen dus uit op minder dan 6 huisartsen per 10.000 inwoners. Laat ons daar meteen aan toevoegen: er is geen enkele reden om de kwaliteit van de huisartsenzorg in Nederland in twijfel te trekken.

Huisartsgeneeskunde opnieuw aantrekkelijk maken

Waar zijn de verschillen in de zorg tussen Nederland en België? We gaan prat op de “hoge score” van tevredenheid die patiënten hier aan onze zorg geven. Ja, qua patiëntentevredenheid scoren we in België zeer hoog. We moeten echter durven de vraag stellen of we niet onbewust van “gezondheidszorg” evolueerden naar “verwennerij”. De grote bereidheid van huisartsen om vaak ook buiten de reguliere momenten beschikbaar te zijn, heeft niet altijd met “goede zorg” te maken. We moeten het signaal van jonge huisartsen die een “patiëntenstop” invoeren ook zo durven interpreteren.

Wanneer we enkel doorgaan met het “inkleuren” van “huisartsenarme regio’s” om via subsidies nieuwe werkkrachten aan te trekken... Wanneer we geen conclusies trekken betreffende efficiëntie en organisatie van de huisartsenzorg… Wanneer we niet durven te raken aan de wijze waarop nu “ten alle prijze” eerst de patiëntentevredenheid moet gediend blijven – en dan nog het liefst met een dienstverlening die blijft aansluiten bij wat de huidige trend is – dan missen we de kans om onze huisartsgeneeskunde opnieuw aantrekkelijk te maken. Dat is nodig voor wie nog gemotiveerd in dit mooie beroep wil instappen. Dat is nodig om een kwalitatief goede basiszorg voor alle burgers te blijven garanderen!

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.