Witte vlekjes op "De schreeuw" blijken dan toch geen vogelpoep

Neen, de witte vlekjes op een van de versies van het schilderij "De schreeuw" van Edvard Munch zijn géén vogelpoep. Dat is de conclusie van wetenschappers van de Universiteit van Antwerpen die de vlekjes samen met Duitse en Noorse collega's onderzochten. Wat het dan wel is? Wellicht kaarsvet.

Edvard Munch maakte op het einde van de 19e eeuw vier versies van zijn bekende werk "De schreeuw". Het oudste exemplaar - dat te zien is in het Nasjonalgalleriet in de Noorse hoofdstad Oslo - springt echter meteen in het oog. Op het werk zijn hier en daar witte vlekjes te zien.

Vogelpoep, dachten vele Noren jarenlang. Munch staat er namelijk voor bekend veel werken buiten te hebben gemaakt en dus zouden vogels soms wel eens roet in het eten kunnen hebben gegooid.

Een aanneembare theorie, maar niet voor professor Tine Frøysaker van de universiteit van Oslo. De witte vlekken lijken onder de microscoop niet op vogelexcrementen en bovendien beschadigen uitwerpselen na verloop van tijd het oppervlak, wat bij "De schreeuw" niet het geval is. "Het lijkt logischer dat de spetters per ongeluk op het doek beland zijn nadat iemand wat witte verf of krijt had gemorst in Munchs atelier", zegt ze.

Geen verf of calcium

Onlangs trokken vier wetenschappers van de Universiteit van Antwerpen naar Oslo op verzoek van de Noorse professor. "Met onze zelfontwikkelde X-stralenfluorescentiescanner hebben we de verf en de technieken die Munch gebruikte, onderzocht", zegt professor Geert Van der Snickt. "De herkomst van de witte spetters achterhalen was niet de prioriteit, maar die kans konden we natuurlijk niet laten liggen."

Al snel werd duidelijk dat de druppels geen sporen van verf of calcium bevatten, zeggen de onderzoekers. Er werd een microstaal genomen van de witte vlekken dat nadien geanalyseerd werd in de Duitse stad Hamburg. Met de hulp van een deeltjesversneller konden de chemici de ware herkomst achterhalen.

"Ik herkende meteen de waskristallen", zegt doctoraatsstudent Frederik Vanmeert. "Bijenwas werd vroeger vaak gebruikt om schilferende verf op schilderijen te stabiliseren. In het geval van "De schreeuw" gaat het allicht om druppeltjes gesmolten was die in Munchs atelier van een kaars naar beneden vielen."