Over hoerenzonen, duivels, natte dweilen en kapo's

Met zijn belediging aan het adres van VS-president Barack Obama bijt de Filipijnse president Rodrigo Duterte allerminst de spits af. Andere wereldleiders gingen hem voor op het pad van de iets ruwere diplomatie. Hier volgt een beknopte bloemlezing.

De Filipijnse Trump trompet

De Filipijnse president Rodrigo Duterte is omstreden. Hij neemt een loopje met de mensenrechten en vindt het niet erg dat drugsdealers worden afgeknald. Sinds zijn aantreden zijn al meer dan 1.900 mensen om het leven gekomen, onder wie meer dan 600 vermoedelijke drugsdealers die tijdens politieoperaties zijn vermoord.

Dat zijn Amerikaanse collega Obama hem daarop aanspreekt, kan hij niet appreciëren, en dat heeft hij dan ook laten merken in niet mis te verstane bewoordingen. "Hoerenzoon" wordt evenwel niet gerekend tot het diplomatieke taalgebruik.

Zuid-Amerikaanse furie

Dat Washington zich opstelt als politieagent van de wereld wekt al eens ergernis op, ook in de eigen Latijns-Amerikaanse achtertuin. "De duivel was hier gisteren. Ik kan hem nog ruiken", zei de voormalige Venezolaanse president Hugo Chávez op het spreekgestoelte van de Verenigde Naties over zijn Amerikaanse collega George W. Bush.

Onder de Republikein Bush waren de relaties met het linkse regime in Venezuela op zijn zachtst gezegd bar slecht. Dat Washington presidenten als Chávez liever kwijt dan rijk was, was in 2006 geen geheim. Ook Chávez had duidelijk geen hoge pet op van Bush.

Anti-Europese scheldpartij

Over naar het oude continent, hoewel ook in Europa de intermenselijke dialoog niet altijd even vriendelijk verloopt. Dat bleek bijvoorbeeld in 2010 in het eerbiedwaardige Europees Parlement, waar Nigel Farage van de eursceptische United Kingdom Independence Party (UKIP) toenmalig Europees president Herman Van Rompuy een "natte dweil met de uitstraling van een bankbediende" noemde.

De niet onwel bespraakte Farage probeerde Van Rompuy belachelijk te maken ter gelegenheid van diens eerste speech tot de Europese Parlementsleden. Parlementsvoorzitter Martin Schulz wees hem terecht omdat hij de waardigheid van de volksvergadering bezoedelde.

Don't mention the war...

Diezelfde Martin Schulz was in 2003 nog het doelwit van spot en hoon door de toenmalige Italiaanse premier Silvio Berlusconi. Als leider van de socialistische fractie in het Europees Parlement had hij Berlusconi aangesproken op het feit dat hij zowel premier als media-ondernemer was.

Berlusconi antwoordde dat hij Schulz wel geschikt vond voor een rol als kapo in een film over Duitse concentratiekampen. "Een grapje", vond Berlusconi zelf, maar in de oren van een Duits politicus klinkt zoiets veeleer wansmakelijk.