"Geen reden om ontwikkelingshulp Burundi weer op te starten"

Minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo (Open VLD) is niet van plan de ontwikkelingshulp aan Burundi weer op te starten. Daarmee reageert hij op de vraag van de Burundese minister van Buitenlandse Zaken Alain-Aimé Nyamitwe om de Belgische sancties weer in te trekken. De Croo vindt echter dat de situatie in het Afrikaanse land nog niet ten gronde is veranderd.

De regering-Michel besliste in oktober vorig jaar onmiddellijk een reeks ontwikkelingsprogramma's op te schorten die dicht aanleunden bij de Burundese autoriteiten of die gemakkelijk het voorwerp konden zijn van politieke recuperatie. De programma's binnen de concentratiesectoren landbouw, onderwijs en gezondheid die dicht bij de bevolking staan, werden niet geheel opgeschort. Na gewelddadig optreden van de Burundese politie werd in mei vorig jaar ook al de politiesamenwerking geblokkeerd.

Aanleiding was het geweld dat in Burundi was ontstaan na de herverkiezing van president Pierre Nkurunziza, waarbij ook verscheidene doden vielen. Het ging om zijn derde ambtstermijn, terwijl de Grondwet maar maximaal twee termijnen toestaat.

In een interview in "Het Journaal" roept de Burundese minister Nyamitwe ons land op de sancties te laten vallen. "Wij geloven dat de sancties toen op een zeer oneerlijke manier zijn genomen en dat hebben we toen ook gezegd", luidt het. "We vragen dat de Belgische autoriteiten op hun beslissing terugkomen. Net zoals zij oproepen tot een dialoog binnen Burundi, moeten zij open staan voor een dialoog met ons."

Volgens minister De Croo is de situatie in Burundi echter ten gronde niet veranderd, integendeel zelfs. Zo legde het land een beslissing van de VN-Veiligheidsraad naast zich neer om een politiemacht van 250 personen naar Burundi te sturen, en is er geen sprake van een open politieke dialoog. De Croo meent ook dat de Burundese president en regering een zware verantwoordelijkheid dragen. "Honderden mensen zijn omgekomen bij het geweld, tienduizenden Burundezen zijn gevlucht. In Burundi is geen plaats meer voor vrijheid van mening, vereniging of vergadering, de economische situatie is bijzonder slecht en de bevolking is daar het slachtoffer van", voert de minister aan.

"In de gegeven omstandigheden zien wij geen reden om op onze beslissing terug te komen", aldus De Croo. Hij blikt vooruit naar het bezoek van een EU-delegatie aan Burundi, dat volgende week plaatsvindt.