Minister van Dode Dieren - Van Dievel Consulting

Louis van Dievel kijkt als marketeer, "verkoper van gebakken lucht", met een guitige blik naar de kleine en grote actualiteit van de week.

Een mens krijgt de vreemdste verzoeken als hij een beetje bekendheid & faam geniet zoals ondergetekende, de président/fondateur/directeur van Van Dievel Consulting. Of ik burgemeester van Hasselt wil worden (Hasselt, waar ligt dat?), of voorzitter van de SP. A, of pianist voor Koen Crucke; of ik Ethias zou willen redden, of ik peter zou willen worden van de nieuwe hoofdredactie van VRT Nieuws, of ik sponsor wil worden van de wielerclub van Geert Bourgeois, "De Vallende Bladeren", of ik de lof van een zekere Erdogan wil zingen, of ik toch iets meer wil weten over de oppervlakkige relatie tussen Jeroen Piqueur en Bart De Wever, of ik op de foto wil met alle klein mannen die in 2015 de schone voornaam Louis hebben gekregen, ...

U kunt het niet zo gek bedenken of er komt een vraag over. Terwijl de hamvraag ten kantore van VDC luidt hoe we de kwestie van het al dan niet onverdoofd slachten gaan aanpakken, nu het Offerfeest weer voor de deur staat. Vlak voor de deur.

Gij beestenbeul!

De meningen over het heikele onderwerp zijn verdeeld in onze modeste villa, en dat is een understatement. Een beetje vervelend is dat, want net nu ziet het er naar uit dat Piet Vanthemsche bedankt zal worden voor zijn vruchteloze bemiddeling in de kwestie en VDC met de opdracht van het kabinet van minister van Dode Dieren Ben Weyts zal gaan lopen.

"Dood is dood," zei Brabançonne, "een wiegeliedje, een massage of een dafalgan juist voor de slacht gaat daar niets aan veranderen. Nog iemand een worstje van de BBQ? Ze zijn zjust à point!"
Wat hem meteen een draai rond zijn oren van Dinska Bronska opleverde.

"Gij wrede beestenbeul, gij onmens, gij zoudt wel anders piepen als hier honden werden geslacht gelijk in China!"
Waarop Brabançonne, een ras-doberman zijnde, bij het gedacht alleen al prompt ging overgeven in de rododendrons.
En ik Dinska herinnerde aan haar voorliefde voor paardenvlees, een lekkernij in de Moldavische steppen waar zij vandaan komt.
En ikzelve? zult u zich afvragen. Waar sta ik in het debat? Wil ik slechts vlees eten van doodgeknuffelde dieren of gaat er niets boven de korte pijn?

Voor alle duidelijkheid: verdoofd of niet, na de ingetreden dood volgt hoe dan ook het slagersmes dat de buik opensnijdt, waarna de ingewanden op de slachtvloer pletsen .... Jaja, het is al goed, ik zie dat u het hebt begrepen. Geen bloed, darmen of stront meer in deze VDC. Ik ben namelijk vegetariër - zij het van de rekkelijke gezindte - en dus de geknipte persoon om mij onpartijdig op te stellen in de discussie.

Hier komt niets van

Dat zei ik ook tegen minister van Dode Dieren Weyts toen hij in onze modeste villa kwam polsen of ik Vanthemsche wilde opvolgen, die bij de betrokken partijen moest gaan uitvissen of er een compromis mogelijk is tussen onverdoofd en verdoofd slachten. Rare vraag natuurlijk, want het is het één of het ander.

En Vanthemsche moet zo discreet te werk zijn gegaan dat het ook Weyts na enkele maanden begon te dagen: hier komt niets van in huis.
Het was etensuur en wij zaten in de tuin bij de BBQ. Handenwrijvend en bijna zeverend van de goesting schoof Weyts mee aan.
"Geen vis en zeker geen groenten voor mij," maakte hij zijn positie duidelijk.
De minister is zelf voor een totaalverbod op onverdoofd slachten, maar hij heeft geen meerderheid om zijn verbod te steunen.
Dat is uiteraard allemaal de schuld van CD&V, de immer weifelende middenpartij die zich zelfs tot de islam zou bekeren om toch maar niet van de politieke kaart te worden geveegd. Ik vat de redenering van Ben Weyts enigszins rudimentair samen, maar toch.
"Lowie," sprak hij strijdlustig, "beetje bij beetje gaan wij het verzet van de dierenbeulen en hun medeplichtigen breken."

De minister doelde natuurlijk op de politieke eliminatie (zonder verdoving) van Youssef Kobo bij CD&V en de overstap van Hermes Sanctorum van Groen naar de N-VA, zij het via een kleine tussenstap.
"Nog een ribbetje, meneer de minister?" informeerde Brabançonne die zoals steeds de BBQ bemande.
"Een lamskoteletje, als ik mag kiezen," antwoordde de minister verstrooid.
Met een grijns van hier tot in Tokio prikte Brabançonne een stukje onverdoofd schaap op het bord van Weyts. Het label had hij wijselijk weggemoffeld.
Met bliksemende ogen waarschuwde ik mijn junior partner dat hij zijn mond moest houden.

Gevat geformuleerd

"Het is straks weer het Offerfeest van de moslims," hield ik de N-VA-excellentie voor, "en eigenlijk staat u nergens. Opnieuw zal het onverdoofd bloed bij beken vloeien in de slachthuizen."
"'Allemaal de schuld van die wereldvreemde Raad van State," mopperde Weyts, doelend op de uitspraak dat een totaalverbod op onverdoofd slachten strijdig is met de godsdienstvrijheid.
"Ik viseer nochtans geen godsdiensten met mijn totaalverbod, ik heb enkel het vermijden van dierenleed voor ogen."
"'U hebt wel pech," zei ik, "dat in deze joden en moslims voor een zeldzame keer op dezelfde lijn zitten. En het ongelukkige toeval wil nu dat uw partij - met uw voorzitter op kop - één van die twee groepen niet graag voor het hoofd stoot."
Dat vond ik gevat geformuleerd van mijzelf.
"'Grmbl grmbl," grommelde Weyts met de mond vol vlees.

Zelfbeschikkingsrecht

"En toch geef ik het niet op," sprak de minister toen hij met een tandenstoker zijn gebit had gereinigd en met een servetje het vet van zijn ministeriële kin had geveegd, "het onverdoofd slachten moet en zal verdwijnen."
"Het is een idee fixe geworden,' waarschuwde ik hem, 'een dwanggedachte. U krijgt dat nooit, jamais de la vie, op korte termijn voor elkaar."
De minister nam een ferme slok van zijn triple trappist.
"U moet een nieuw spoor bewandelen," gaf ik aan, ongewild een contaminatie ofte vermenging van twee zegswijzen plegend.
"Ja ja, dat zal wel," zei de minister onwillig, en ongeduldig op zijn smartphone kijkend.
"Zelfbeschikkingsrecht is het toverwoord."
De minister zag de voorzet niet en kon hem dus ook niet binnenkoppen.
"U moet de dieren zelf laten kiezen, heer Weyts, of ze verdoofd dan wel onverdoofd willen geslacht worden."
"Huuuuh?!"
De mond van Ben Weyts viel open van verbazing;
"Hoe kan dat nu, Lowie? Het zijn toch maar dieren?"
Maar tegelijk zag hij het originele en diep-democratische aspect in van wat ik had voorgelegd.

"De praktische kant is een zorg voor later, excellentie, ik bedoel, hoe de dieren hun keuze duidelijk moeten maken. De vraag is nu of schapen en koeien handelingsbekwaam zijn en vrije keuzes kunnen maken in deze. Ik stel voor dat u voor het antwoord op die vraag een beroep doet op uw huisfilosoof, de nog immer krasse en lucide Etienne Vermeersch. Zoals we hem kennen, zal hij tegen het volgende Offerfeest een uitleg klaar hebben waar schriftgeleerden van alle kleuren een puntje aan kunnen zuigen. "

lees ook