Met alle Chinezen ... - Van Dievel Consulting

Louis van Dievel kijkt als marketeer, "verkoper van gebakken lucht", met een guitige blik naar de kleine en grote actualiteit van de week. Twee keer raden: Wie had deze week grote nood aan advies over communicatie?

"Lowie, kom eens naar hier als ge wilt." Aan de lijn was de bazin van het parochiecafé in Heide/Kalmthout, tevens supporterslokaal van veldrijder Kevin Pauwels. "Er zitten hier vier Chinezen die naar u vragen." "Wat willen ze?" vroeg ik lichtelijk verbaasd.

"Ik kan er niet aan uit, Lowie. Ze hebben al een paar Duvels op, ook al. Momentje." Ik hoorde de cafébazin de hoorn van de telefoon op de toog leggen en haar stem verheffen. "Helaba, gele broeders! Voor wat is 't eigenlijk?" Er weerklonk iets wat op mussengekwetter geleek. "Ze zijn van Saté Griet of zoiets, Lowie, en hun zakken puilen uit van de euro's."

Een nonkel met zwart geld

The State Grid Corporation of China! flitste het door mijn hoofd. De Chinezen die Eandis hadden willen overnemen! Wat zouden die van mij willen? En juist nu wij van VDC ons hoofd aan het pijnigen waren over het voortbestaan van onze handel in gebakken lucht.

Onze modeste villa cq hoofdzetel is wat uitgewoond, en dat is een eufemisme. De klanten appreciëren de charme van een versleten villa niet meer, die willen geen walmend haard in Kalmthout maar een smakeloos chique kantoor op de veertiende verdieping met uitzicht op een vakbondsbetoging in Brussel.

Waar zouden we de miljoenen vandaan halen om een royale verdieping aan de Louizalaan te kopen?! En onze modeste villa te renoveren?!

"Hebt gij geen nonkel met zwart geld, patron?"
Verder waren we in onze zoektocht naar een investeerder nog niet geraakt.

Met een bezwaard gemoed haalde ik mijn fiets uit het schuurtje en peddelde naar café 't Centrum, alwaar de bazin de Chinezen op mijn vraag vol vuur Duvel zou blijven gieten.

Van mijn sus

"Meneerrr Van Dievel, eindelijk krrrijgen wij u te sprrreken! U bent zeerrrr berrroemd in China, wist u dat?"

De Chinees die duidelijk de baas van het vierkoppige gezelschap was, begroette mij meer dan hartelijk en met een R die rolde en ratelde als een Leopardtank op kapotte rupsbanden, een opmerkelijk neveneffect van de acht of negen Duvels die hij al achterover had geslagen. Voortdurend vielen er pakjes biljetten van vijfhonderd euro uit de zakken van zijn Chinese kostuum.

"Leve de eeuwige vriendschap tussen het Chinese volk en de inwoners van Kalmthout," toostte ik met mijn geheven glas Appletizer. 'Waarmede kan VDC u van dienst zijn?'
"The State Grrrit Corrrporrration of China wil grrraag een paarrr miljoen investerrrren in VDC, meneerrr Van Dievel, louterrr uit sympathie."
Ik moest mij aan de toog vasthouden of ik was van mijn sus gedraaid.

Een willoos werktuig

"Vrienden en partners," sprak ik Brabançonne en Dinska Bronska enkele uren later toe, toen ik de zatte Chinezen in een taxi naar Peking had geduwd, hun bankgaranties had gecheckt en hun euro's op echtheid gecontroleerd, "het geluk lacht ons toe! State Grid neemt een belang van veertien procent in VDC, onze geldzorgen zijn voorbij! Ik ga morgen die verdieping van vijfhonderd vierkante meter aan de Brand Whitlocklaan kopen."

Net toen wij hip hip hoera! wilden roepen en op de redding van VDC gingen klinken, werd er gebeld aan de fraaie smeedijzeren poort van ons domein.

"Wie daar?" riep ik vrolijk in de intercom.
"De staatsveiligheid, meneer Van Dievel," sprak een stem op dreigende fluistertoon. "Ge weet toch dat de State Grid Corporation in handen is van de Chinese communisten en dat gij met uw VDC een willoos werktuig zult worden in de klauwen van het Chinese kapitalistische marxisme-leninisme?"
"De Chinezen krijgen maar veertien procent van VDC in handen hoor," antwoordde ik luchtig, "de Vlaamse verankering blijft intact."

"Geef die Chinese communisten een vinger en ze pakken een hand, meneer Van Dievel!"
Daar had ik eerlijk gezegd nog niet bij stilgestaan.
"We zullen opletten," beloofde ik, "nog een prettige dag verder!"

Handelsregisternummer

Toen ging mijn gsm. Gwendolientje Rutten van de Open VLD, zag ik.
"Wij gaan die pre-campagne voor ons partij toch niet door uw boîte laten bedenken, Lowie."
"Ja maar ..."
Ik kreeg niet eens de tijd om te vragen wat er scheelde, de verbinding was al verbroken.
Nog een telefoontje: Wouter Beke van CD&V."'Ge moet het ons niet kwalijk nemen, Lowie, maar we gaan ons partijprogramma door een ander bureau laten opfrissen."
En opnieuw kreeg ik niet eens de tijd om te vragen naar het waarom.
Ook de SP.A en Groen en zelfs de N-VA zegden - per mail deze keer - al lang gemaakte afspraken over campagnes , georganiseerde lekken en adviezen simpelweg op.

Er ontstond paniek in onze modeste villa. Wat hadden wij verkeerd gedaan? Het werd ons pas duidelijk toen de premier belde.
"Mon cher Louis," sprak Charel Michel zeer aimabel maar niettemin zonder franje, "als gij in zee gaat met de Chinezen gaan wij uw handelregisternummer intrekken. En uw milieuvergunning. En wij sturen de BBI en de sociale inspectie op uw dak."
"Maar allez," sputterde ik tegen, "iedereen drijft handel met de Chinezen! Waarom mag Lufthansa Brussels Airways helemaal overnemen zonder dat daar een haan naar kraait maar mogen wij geen graantje meepikken van de Chinese miljoenen?"

"Mon cher Louis, ge begrijpt het niet. Het begint met een kleine investering in VDC en het eindigt ermee dat wij in de Wetstraat allemaal uit het Rode Boekje van Mao citeren. En zo'n lelijk Mao-kostuum moeten dragen."

We hadden het begrepen

"U overdrijft!" wilde ik nog roepen. Maar toen ging het licht uit en de telefoon dood. Er kwam geen water meer uit de kraan. Aan de poort verschenen deurwaarders en Getuigen van Jehovah. Uit het niets opgedoken anti-Chinese betogers klommen over het hek en richtten vernielingen aan in het schuurtje.

Uit een helikopter sprongen gemaskerde agenten van de anti-terreurbrigade op het dak van onze modeste villa waar ze met springstof een gat in maakten. Een overvliegende Amerikaanse straaljager deed ramen en deuren uit hun sponningen springen. Tien minuten later lagen Dinska, Brabançonne en ikzelf met gebonden handen met ons gezicht in het natte gras van onze hof.

We hadden het begrepen. Een dag later, toen wij de kapotte ramen en deuren en de gaten in het dak met karton en spaanplaat voorlopig probeerden te repareren, werd er weer gebeld. Alreeds krompen wij in elkaar. Was onze beproeving nog niet voorbij? Zou de Staat ons nogmaals willen straffen voor onze voortvarendheid? Wij hadden toch alreeds luidkeels onze vergissing toegegeven en om genade gevraagd?

Het was maar Peter Mertens van de Partij van de Arbeid.
"Kameraad Lowie," sprak hij monter, "ik denk dat wij zaken kunnen doen!"

Meest gelezen