Een vlag, volkslied en president, maar toch geen land

Veerle de Vos is Azië-specialist voor de VRT. Op uitnodiging van de Taiwanese overheid bezoekt ze voor het eerst het Taiwan, samen met een internationale groep journalisten. Hoe gaat dat kleine eiland om met de groeiende druk vanuit China om zich te "herenigen" met het "moederland"? En is Taiwan eigenlijk wel een land? Haar indrukken vindt u hieronder.

"Is Taiwan eigenlijk een land", vraagt mijn zoon net voor mijn vertrek naar de luchthaven. Ik sta even met mijn mond vol tanden. Na meer dan 20 jaar bezoeken aan China ga ik voor de eerste keer dat eiland aan de overkant bezoeken. Een eiland met een bevolking van 23,5 miljoen mensen en met een oppervlakte vergelijkbaar met Zwitserland. Voor de Chinezen is het duidelijk: Taiwan is geen land maar een onlosmakelijk deel van de Volksrepubliek China, net zoals de voormalige kolonies Hongkong en Macau dat waren. Dringend tijd om dat eens vanuit Taiwanees perspectief bekijken. Wat denken de Taiwanezen daarover? En voelt Taiwan als een deel van China aan of niet?

China Airlines en Air China

De verwarring begint al op de luchthaven: ik vlieg naar Taipei met China Airlines, de nationale luchtvaartmaatschappij van Taiwan. Niet te verwarren met Air China, de luchtvaartmaatschappij van de Volksrepubliek. In het hotel ligt er een envelop op mij te wachten met als opschrift "Welcome to the Republic of China". Wie dat wil begrijpen moet 100 jaar terug in de geschiedenis. De Chinese Republiek werd gesticht in 1911, nadat de laatste kinderkeizer in China van zijn troon was gestoten, door dokter Sun Yat-sen, oprichter van de Kuomintang, de nationalistische partij. Zijn opvolger, Chiang Kai-shek moest het in 1949 afleggen tegen de communisten van Mao en vluchtte met zo’n 2 miljoen sympathisanten, een groot deel van de schatkist en 3.000 kisten met culturele schatten (foto) uit de Verboden Stad naar Taiwan. Zijn bedoeling was er om even op adem te komen vooraleer de rest van China te heroveren.

Dat laatste is er nooit van gekomen en dus bleef de situatie wat ze was: twee regeringen aan beide kanten van de Taiwanstraat die allebei claimen heel China te vertegenwoordigen. Pas in de jaren 70 veranderde de wereld (of toch bijna de hele wereld) van kant: sindsdien erkennen de meeste landen de Volksrepubliek China en lieten ze de Chinese Republiek/Taiwan vallen.

Taiwan verdween uit de Verenigde Naties en werd een internationale paria. Het zit in zo goed als geen enkele internationale organisatie omdat China zijn veto stelt. Aan de Olympische Spelen mag het wél deelnemen, maar dan onder de naam "Chinees Taipei". Maar als Taiwanese atleten met een gouden medaille rond de hals en tranen in de ogen op het podium staan, zien ze niet de Taiwanese vlag naar boven gaan en horen ze niet hun eigen volkslied. Veto van China.

De jongeren voelen de connectie niet

Maar de tijd staat niet stil: na de dood van "supreme" leider en dictator Chang Kai-shek in 1975 werd Taiwan uit eigen beweging, langzamerhand een parlementaire democratie. De Kuomintang liet plaats voor andere partijen, zoals de progressieve democraten, de partij van huidig president Tsai. Het land staat hoog op internationale rangschikkingen voor gelijkheid van mannen en vrouwen en rechten voor holebi’s. De kloof tussen arm en rijk is vele malen kleiner dan in de Volksrepubliek aan de overkant.

"Voor de meeste Taiwanezen is het duidelijk", zegt Jeroen Deckmyn, een jonge Vlaming in Taipei. "Taiwan is Taiwan en China is China. Vooral de jongeren, die hier zijn geboren, voelen geen enkele connectie met het vasteland. Ze willen geen hereniging met China, ze beseffen dat ze veel te verliezen hebben."

Kleine, maar belangrijke verschillen

Het verschil met China ervaar ik zelf in kleine dingen. De traditionele dans die wordt opgevoerd op de nationale feestdag voor de president en zijn gasten lijkt op wat ik eerder in China zag. Maar de jongens en meisjes dansen al eens uit de maat. En ze beleven duidelijk meer plezier aan hun opvoering dan hun collega’s in China waar elke opvoering akelig perfect moet zijn.

De sfeer in de straten van Taipei is meer ontspannen, er wordt niet dag en nacht gebouwd, er staan nog gebouwen overeind die ouder zijn dan tien jaar. In de vele koffiebars in de stad zitten jonge Taiwanezen net zoals in China gebogen over hun laptop, smartphones en tablets. Maar ze bekijken Facebook, Youtube en Twitter, vensters op de wereld die in China allemaal verboden zijn.

Toeristen uit China blijven in hun hotelkamer verwonderd hangen voor de levendige politieke debatten en de voorpagina’s van de kranten zijn minder voorspelbaar dan in China waar de communistische leiders meestal prominent op de voorpagina staan. Kleine verschillen misschien, maar belangrijke verschillen.

"Het draait allemaal om geld"

Op de nationale feestdag op 10 oktober (foto) wappert naast de Taiwanese vlag in rood-blauw-wit ook de vrolijke geel-blauw-groene vlag van Saint-Vincent en de Grenadines. Jawel, Saint-Vincent en de Grenadines, wellicht alleen gekend door gevorderde quizkandidaten, is een klein land (102.000 inwoners, 389 km2) dat deel uitmaakt van de Bovenwindse Eilanden in de Kleine Antillen. De premier van Saint-Vincent mag ’s avonds president Tsai vergezellen naar de receptie in het ministerie van Buitenlandse Zaken en luisteren naar de Taiwanese nationale hymne.

Saint-Vincent is een van de 22 landen die Taiwan nog altijd diplomatiek erkennen, andere landen zijn onder meer Panama, Paraguay en Vaticaanstad. Andere landen, zoals België, vaardigen nooit een regeringsleider of minister af naar dit soort gelegenheden, om problemen met China te vermijden.

In onze groep zit ook een journalist uit Saint-Vincent, die aan Taiwanese vrouwen voortdurend moet uitleggen hoe hij zijn haar zo bijzonder gevlochten krijgt. Als ik hem vraag waarom zijn land Taiwan blijft erkennen haalt hij zijn schouders op. "Als het aan de oppositie lag hadden we Taiwan al lang ingeruild voor China. De grootste oppositiepartij had daar de inzet van de laatste verkiezingen van gemaakt. Ze verweten de regeringspartij dat we zo een heleboel Chinese investeringen mislopen. Uiteindelijk draait het allemaal om geld." Afwachten of de premier van Saint-Vincent ook op de volgende nationale feestdag nog eregast is.