Mensensmokkelaars gaan alsmaar driester te werk

Frontex, het Europese agentschap dat instaat voor de bewaking van de buitengrenzen, waarschuwt voor steeds brutalere mensensmokkelaars die vluchtelingen over de Middellandse Zee naar Italië brengen. Ze stoppen alsmaar meer vluchtelingen in gammele bootjes en geven ook te weinig brandstof mee voor op zee.

Sinds de Europese Unie een akkoord met Turkije heeft gesloten om vluchtelingen terug te nemen van de Griekse eilanden, verplaatst de vluchtelingenstroom zich meer in westelijke richting. Dit jaar zijn al meer dan 140.000 vluchtelingen aangekomen in Italië, bijna evenveel als heel vorig jaar.

Volgens Frontex is er nu ook een nieuwe route, vanuit Egypte. Van daaruit is e route over de Middellandse Zee nog langer, en dus riskanter. Twee weken geleden nog bracht de Egyptische kustwacht meer dan 200 lichamen aan land: mensen die verdronken op amper 12 km van de kust. Ze zaten op een gammele vissersboot, maar die kapseisde door het overgewicht. Naar schatting 12.000 vluchtelingen hebben de Egypte-route dit jaar genomen.

Maar de meeste vluchtelingen reizen nu via Libië, waar zo goed als geen centraal gezag meer is en waar allerlei fundamentalistische rebellengroeperingen actief zijn. Dat lijkt mensensmokkelaars vrij spel te geven. "Er zitten tegenwoordig gemiddeld 160 migranten in de kleine boten, terwijl dat er vorig jaar 100 per boot waren", legt Fabrice Leggeri van Frontex uit. "Dat betekent dat het risico op ongelukken groter is, terwijl ook het aantal slachtoffers per schipbreuk hoger ligt."

Frontex heeft ook vastgesteld dat de mensensmokkelaars onvoldoende brandstof meegeven voor de overtocht.

Zelf zet Frontex 26 schepen in op de Middellandse Zee. Het heeft daarmee dit jaar al 150.000 mensen uit zee opgepikt.