Europese Commissie herlanceert hervorming vennootschapsbelasting

De Europese Commissie heeft haar voorstel om de berekeningswijze van de belastbare bedrijfswinsten in de EU te hervormen opnieuw gelanceerd.
Europees commissaris Pierre Moscovici.

Het vastleggen van de tarieven van de vennootschapsbelasting zal een zaak van de individuele lidstaten blijven, maar de manier waarop de bedrijfswinst wordt berekend moet tegen 2020 overal dezelfde zijn. De bedoeling is het creëren van een eenvoudig, bedrijfsvriendelijk belastingklimaat en het sluiten van de fiscale achterpoortjes voor multinationals.

Over de "gemeenschappelijke geconsolideerde heffingsgrondslag voor de vennootschapsbelasting" (CCCTB) wordt al lang geredetwist. Na lang voorbereidend werk deed de Commissie in 2011 een eerste wetgevend voorstel, maar het water tussen de lidstaten bleek te diep voor een akkoord. Nu doet de Commissie een tweede poging.

Solide belastingstelsel

Door in te grijpen in de manier waarop de vennootschapsbelasting wordt geheven, wil de Commissie het bedrijven gemakkelijker en goedkoper maken om zaken te doen op de Europese interne markt. Tegelijk dient het instrument om belastingontwijking tegen te gaan. Met twee bijkomende voorstellen wordt het bestaande mechanisme verbeterd om geschillen over dubbele belastingheffing te beslechten en worden de antimisbruikregels aangescherpt.

"De ministers van Financiën dienen dit ambitieuze en dringende pakket met een onbevangen blik te bekijken. Het zal immers resulteren in een solide belastingstelsel voor de eenentwintigste eeuw", zegt Europees commissaris voor Belastingen Pierre Moscovici. Het is de bedoeling dat de berekeningswijze van de heffingsgrondslag tegen 2020 geharmoniseerd is. Twee jaar later moet de belastbare bedrijfswinst worden geconsolideerd, wat betekent dat de bedrijven in kwestie de winsten en verliezen van al hun dochterondernemingen in de EU bij elkaar kunnen optellen, om tot één nettowinst (of -verlies) voor heel de EU te komen.

Anders dan in het voorstel van 2011 zal het nieuwe vennootschapsbelastingstelsel verplicht zijn voor multinationals. "Op die manier wordt gewaarborgd dat vennootschappen met mondiale inkomsten van meer dan 750 miljoen euro per jaar worden belast waar zijn hun winsten daadwerkelijk behalen", zegt de Commissie.

Notionele interesaftrek

Moscovici en Commissie-vicevoorzitter Valdis Dombrovskis willen ook een einde maken aan de gunstige schuldfinanciering van bedrijven, ten nadele van financiering met eigen vermogen. Ze werkten daarvoor een zogenaamde incrementele notionele interestaftrek uit.

Anders dan het bekende Belgische systeem zal de fictieve rente die bedrijven van hun belastbaar inkomen kunnen aftrekken niet op hun volledige eigen vermogen gebaseerd zijn, maar op de aangroei tijdens de afgelopen tien jaar. Minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA), die werkt aan een hervorming van de Belgische vennootschapsbelasting, ziet in de werkwijze van de Commissie het bewijs dat de Belgische notionele interestaftrek hervormd moet worden. De door de Commissie voorgestelde aanpak is ook een piste in de consensusvoorstellen rond de vennootschapsbelasting die Van Overtveldt lanceerde, luidt het op zijn kabinet.

Europees Parlementslid Tom Vandenkendelaere (CD&V) is blij met het Commissievoorstel, dat na schandalen als LuxLeaks en Panama Papers op het juiste moment komt. Hij wijst erop dat een gemeenschappelijke basis de ruimte voor onderlinge concurrentie niet zal wegnemen. "Lidstaten kiezen nog altijd volledig zelf aan welke tarieven ze willen belasten." Bij Groen zegt Bart Staes dat de CCCTB veel effectiever zou zijn als die gepaard zou gaan met een minimale belastingvoet voor bedrijven in heel Europa.