Bijna alle vluchtelingen hebben "Jungle" in Calais verlaten

Aanvankelijk was voorzien dat de ontruiming van het vluchtelingenkamp in Calais een week zou duren, maar zo goed als alle vluchtelingen hebben de "jungle" nu al verlaten. Dat meldt de prefect van Pas-de-Calais, Fabienne Buccio. Door de branden zijn de meeste inwoners vertrokken. Slechts een kleine groep plant de nacht nog door te brengen in het kamp. "Het is vandaag het einde van de Jungle", aldus Buccio. "Onze opdracht is volbracht."

Sinds maandag zijn er al meer dan 5.000 inwoners van het kamp geregistreerd en naar een ander opvangcentrum gebracht. Een duizendtal mensen bevinden zich nog in het transitcentrum in de omgeving van het kamp. Van daaruit zullen ze met bussen naar opvangcentra elders in Frankrijk worden gevoerd. De prefect zegt dat iedereen zich uit eigen wil bij het transitcentrum heeft aangemeld.

Onze reporter ter plaatse, Tijs Mauro, merkt echter hier en daar wel nog enkele kleine groepjes op, die zich toch nog aan het organiseren zijn om de nacht in het verwoestte kamp door te brengen. "Er zijn paar honderden mensen die tot op de laatste snik vasthouden aan hun droom om naar Engeland te trekken", vertelt Mauro in "De wereld vandaag" op Radio 1. "Hele delen van het kamp zijn volledig weggebrand, maar in andere delen staan hier en daar nog tentjes."

Volgens hulpverleners zitten er aan de rand van het kamp nog altijd zo'n 50 tot honderd minderjarigen. De prefect van Pas-de-Calais had nochtans beloofd dat er voor alle minderjarigen een oplossing zou komen en de hulporganisaties maken zich nu zorgen over hun lot.

Al sinds gisteren wordt het kamp in Calais namelijk geteisterd door verschillende branden, met zware rookontwikkeling tot gevolg. Daarnaast ontploften er ook twee gasflessen op het terrein. Daarbij raakte één inwoner lichtgewond. Volgens Buccio hebben die gebeurtenissen de laatste vluchtelingen ertoe aangezet om een ander onderkomen te zoeken. "Ik denk dat de branden inderdaad de ontruiming hebben versneld", bevestigt Mauro. "Het onleefbare karakter van het kamp is door de rookpluimen en de vernieling nog meer geaccentueerd. Het lijkt wel oorlogsgebied."

Franse arbeiders breken nu de overblijvende tenten en noodonderkomens af. Daarbij worden ook bulldozers ingezet. "Ik denk dat ook die laatste groepjes vluchtelingen het kamp wel zullen verlaten, als alles hier plat gegooid is", vertelt de reporter. "Er lopen hulpverleners in het kamp rond die hen proberen te overtuigen dat dit niet leefbaar is."

(Lees verder onder tweet)

Branden

Volgens de lokale autoriteiten zijn de branden een "traditie". Enkele gemeenschappen zouden de gewoonte hebben om hun woning in brand te steken op het moment dat ze die verlaten. In maart merkten de autoriteiten het fenomeen al eerder op tijdens de ontmanteling van de zuidelijke zone van het kamp. Uit voorzorg werden daarom talrijke brandweerlui gemobiliseerd.

"De branden kunnen natuurlijk ook gewoon een uiting van woede zijn", zegt Tijs Mauro. "Je merkt dat de mensen kwaad zijn, omdat ze hun droom om het water over te steken, moeten opgeven." Al denkt Mauro dat de meeste vluchtelingen niet zomaar zullen stoppen met hun pogingen om via Calais Engeland te bereiken. "Het probleem zal waarschijnlijk op een andere manier weer opduiken", vreest hij. 

Minderjarigen

Ondertussen komt er ook kritiek van het VN-Hoog Commissariaat voor de Vluchtelingen (UNHCR) op de ontruiming van Calais. De organisatie wil dat er "meer duidelijkheid" komt over de manier waarop werd vastgesteld of inwoners van het kamp al dan niet minderjarig waren. "Een eerste evaluatie van de leeftijd lijkt op een snelle manier te zijn gebeurd, uitsluitend gebaseerd op gezichtskenmerken", zegt UNHCR-woordvoerster Céline Schmitt.

De manier waarop de Franse en de Britse overheden bij de ontruiming het onderscheid maakten tussen minderjarigen en volwassenen was volgens haar dan ook "inadequaat". "We vragen om meer duidelijkheid van de overheden over de methodes die gebruikt werden om de leeftijd vast te stellen", klinkt het nog. Daarnaast wil het UNHCR ook weten welke "beroepsmaatregelen" er waren en "welke overheidsdiensten en specialisten bevoegd waren om een evaluatie van de leeftijd te doen".