Meest succesvolle Duitse piloot Boelcke komt om

In deze rubriek geven we een overzicht van de grote en kleine gebeurtenissen tijdens de Eerste Wereldoorlog deze week 100 jaar geleden? De meest succesvolle Duitse piloot tot nu, Oswald Boelcke, is omgekomen, in Oudenaarde woedt een tyfus-epidemie, de Duitse marine valt aan in het Nauw van Calais, korstondige burgeroorlog in Abessinië, .....

De meest succesvolle Duitse gevechtspiloot, kapitein Oswald Boelcke, is dood.

Boelcke voerde op 28 oktober boven het Somme-front zijn zesde missie van die dag uit samen met vijf andere vliegers, waaronder zijn vrienden Böhme en von Richthofen.

Nadat ze een gevecht begonnen waren met twee Britse vliegers, werd de bovenste vleugel van zijn Albatros DII-tweedekker geraakt door het landingsgestel van het vliegtuig van Böhme. Een stuk vleugel kwam los en Boelcke stortte naar beneden.

De Albatros maakte een niet al te harde landing. Boelcke had echter bij het vertrek nagelaten zijn veiligheidsgordel vast te maken. Bovendien droeg hij nooit een helm. Hij werd uit zijn toestel geslingerd. Men vond hem dood terug.

Oswald Boelcke was amper 25 jaar oud en had 40 luchtgevechten gewonnen, het grootste aantal tot nu toe.

De rouwstoet voor Oswald Boelcke in het Franse Cambrai. Van Cambrai is zijn lichaam naar het Duitse stadjeDessau gebracht, waar hij begraven is.

Beginfoto: Boelcke voor zijn Albatros

Begin dit jaar waren hij en zijn “concurrent” Max Immelmann, de eerste piloten die de orde ‘Pour le Mérite’ ontvingen. Ze hadden toen beiden 8 overwinningen behaald.

Na de dood van Immelmann in juni van dit jaar verbood de keizer Boelcke een tijdlang te vliegen, omdat het een slechte zaak zou zijn mocht Duitsland opnieuw een populaire luchtheld verliezen.

Boelcke hield zich toen bezig met de reorganisatie van de Duitse jachtvliegers. Hij publiceerde de eerste tactische regels voor luchtgevechten, de ‘Dikta Boelcke’.

In augustus kreeg hij zijn eigen escadrille, de Jagdstaffel 2, waarvoor hij zelf de piloten mocht kiezen. Sindsdien behaalde deze ‘Jagsta’ een ongekende reeks overwinningen.

Bij de Geallieerden stond Boelcke bekend als de “gentleman-piloot”. Zo schreef hij ooit een brief naar twee Britse piloten die als gevolg van zijn aanval in het hospitaal lagen.

Zijn vriend Böhme, die de botsing overleefde, zou op het punt hebben gestaan zelfmoord te hebben gepleegd, omdat hij zich verantwoordelijk voelde voor Boelckes dood.

Postkaart ter ere van de Duitse 'Fliegerhelden', Immelmann en Boelcke

De Jagdstaffel 2 werd kort na de dood van Boelcke omgedoopt in Jagdstaffel Boelcke. Vandaag nog zijn verschillende kazernes en straten in Duitsland naar Boelcke genoemd.

Duitse aanval in het Nauw van Calais

Duitse torpedoboten hebben een succesvolle aanval uitgevoerd in het Nauw van Calais, de verbinding tussen het Kanaal en de Noordzee.

De ingang van het Kanaal wordt zwaar bewaakt door schepen van de Dover Patrol, een speciale eenheid van de Britse marine die vanuit de haven van Dover opereert.

Om de Duitse U-boten tegen te houden, zijn drijfnetten gespannen over de breedte van het Nauw van Calais. Daarlangs patrouilleren kleine schepen, zgn. drifters (naar het model van vissersboten), die de netten plaatsen maar ook gewapend zijn tegen onderzeeërs.

De Duitse admiraal Ludwig von Schröder, bevelhebber van het Marinekorps Flandern, beval een aanval op deze barrière.

Schepen van de Doverpatrol ( Dover Museum)

Op 26 oktober vertrokken 23 zgn. “grote torpedoboten” (die een stuk groter zijn dan gewone torpedoboten) vanuit Zeebrugge richting het Kanaal. De volgende nacht gingen ze ten aanval.

Op dat moment waren in het Nauw van Calais een dertigtal drifters actief, begeleid door de destroyer ‘Flint’ en een paar kleinere oorlogsschepen.

Nadat de Duitsers enkele drifters hadden aangevallen, kwam de ‘Flint’ tussenbeide, maar die zag de torpedoboten voor Geallieerde boten aan. De ‘Flint’ werd toen zelf aangevallen met kanonnen en torpedo’s en zonk.

Het commando van de Dover Patrol was intussen verwittigd. Zes destroyers verlieten Dover, maar voor ze het beseften werden ze eveneens aangevallen.

Behalve de ‘Flint’ deden de aanvallers zes drifters zinken, plus het Britse troepentransportschip ‘Queen’, dat net Frankrijk had verlaten, maar zonder troepen aan boord. Drie andere destroyers werden beschadigd.

Bij de actie werden 45 Britten gedood, 4 gewond en 10 gevangen genomen. Aan Duitse kant konden alle torpedoboten ontkomen. Slechts één liep schade op, maar niemand raakte gewond.

Militairen schepen in op een troepenschip in de haven van Dover (Dover Museum)

Tyfusepidemie in Oudenaarde

In Oudenaarde komen er strenge maatregelen om de verspreiding van tyfus te voorkomen. Alle drinkwater moet voor consumptie gekookt worden.

De laatste weken is het aantal gevallen van tyfus sterk toegenomen. Deze besmettelijke ziekte veroorzaakt hoge koorts, uitslag op de huid, sufheid en bloederige diarree.

Er zijn een vijftigtal zieken in het ziekenhuis opgenomen, maar het totaal aantal gevallen wordt geschat op 150.

De meest voor de hand liggende oorzaak voor de epidemie is verontreiniging van het drinkwater. Uit testen blijkt dat ongeveer elke waterpomp ernstig besmet is.

De tyfuspatienten in Oudenaarde, voor het ziekenhuis ondergebracht in de jongensschool van 'de Woeker' (Stadsarchief Oudenaarde, MOU, Museum Oudenaarde en de Vlaamse Ardennen)

De plaatselijke bevolking zoekt de oorzaak bij de Duitse soldaten die in de stad ingekwartierd zijn. Velen zagen er erg verzwakt uit.

De Duitse overheid heeft in Oudenaarde draconische maatregelen genomen. Iedereen die in contact is gekomen met een tyfuspatiënt wordt ingeënt, alle patiënten met tyfus werden afgezonderd in het lazaret en de Duitse troepen in Oudenaarde werden tot een minimum herleid.

Bovendien moeten alle opgeëiste arbeiders voorlopig in de stad blijven. Die maatregel is dus een meevaller .....

De voorbije weken is op nog meerdere plaatsen in België, onder andere in Kortrijk en Turnhout, tyfus uitgebroken. Een belangrijke oorzaak is het feit dat na 2 jaar oorlog een groot deel van de bevolking sterk verzwakt is door een gebrek aan voedsel.

Australiërs verwerpen de dienstplicht

In Australië is een volksraadpleging gehouden over een uitbreiding van de dienstplicht.

Sinds 1911 bestaat er in Australië een verplichte militaire training voor jongemannen, maar die mogen niet worden ingezet buiten Australië.

De regering wil ook dienstplichtigen naar Europese slagvelden sturen. Tot nu toe zijn dat allemaal vrijwilligers.

Een kleine meerderheid van 51 % sprak zich in het referendum uit tegen dat voorstel.

Propagandaposter pleit om ja te stemmen, een nee-stem is toegeven aan de Duitse keizer (Australian War memorial)

Het voorstel had de steun van de Liberale Partij, het establishment en de meeste protestantse kerken. De vakbonden waren overwegend tegen.

De katholieke aartsbisschop van Melbourne – een geboren Ier - voerde heftig campagne om “neen” te stemmen. Hij zei dat de Britten erger waren voor de Ieren dan de Duitsers voor de Belgen.

De meeste vrouwen – die in Australië mogen stemmen – zouden tegen hebben gestemd. Er waren massale optochten van vrouwen.

De kwestie leidde tot een splitsing in de regerende Labourpartij, toen die koos voor het “neen”. Eerste minister Billy Hughes werd uit de partij gezet. Toch regeert hij verder, gesteund door andere Labour-dissidenten en de liberalen.

Voor- en tegenstanders van dienstplicht gebruiken dezelfde tekening: volgens het nee-kamp zal bij dienstplicht vader zeker naar het front moeten trekken, het ja-kamp wijst er op dat bij dienstplicht getrouwde mannen net wel vrijgesteld zullen worden

Duitsers heroveren terrein aan de Somme

Sinds begin deze maand wordt hevig gevochten in Biaches, een gemeente aan de zuidkant van het Somme-front.

Biaches ligt aan de oostelijke over van de Somme. Aan de overzijde ligt de stad Péronne, het voornaamste doel voor de Franse aanvallers.

De Fransen veroverden het kasteeltje bekend als la Maisonette, op een hoogte die een goed zicht geeft op de streek. De Duitsers hebben na een massale tegenaanval het – intussen totaal verwoeste – gebouw heroverd.

De Geallieerde vooruitgang aan de Somme verliep altijd moeizaam, maar nu is er sprake van een lichte achteruitgang.

De strijd aan de Somme duurt nu al vier maanden, de Geallieerden hebben een aantel kleine plaatsen veroverd, maar Péronne of Bapaume zijn nog altijd niet bereikt.

Franse soldaten voor het kasteel van La Maisonnette, voor het weer in Duitse handen kwam, en een Franse loopgraaf loopt door het hart van dorpje Biaches (Alsbums Valois, BDIC)

Tweede verjaardag IJzerslag

In Sainte Adresse bij Le Havre, waar de Belgische regering in ballingschap is gevestigd, is de tweede verjaardag herdacht van de IJzerslag in oktober 1914.

Op de foto schouwt de bevelhebber van het Belgische leger, generaal Wielemans, de troepen van het 12e Linie Regiment. Ook de Fransefuseliers-marins stapten op ( foto L'Illustration).

Kortstondige burgeroorlog in Abessinië

In Abessinië (Ethiopië) is er een zware slag geleverd tussen het regeringsleger en de troepen van de opstandige negus (heerser) van de provincie Wollo.

Negus Mikael beschikte over zo’n 80.000 man tegenover 120.000 man aangevoerd door generaal Habte Giorgys en de pas aangestelde regent Ras Tafari. Maar door een tekort aan munitie werden zijn troepen in de pan gehakt.

Mikael heeft zich overgegeven en is gevangen genomen. Hiermee komt een einde aan een korte burgeroorlog in het Afrikaanse keizerrijk.

Negus Mikael is de vader van keizer Iyasu V. Die werd vorige maand - op 27 september - afgezet door een staatsgreep van de adel, nadat hij afwezig was op een belangrijk christelijk feest.

Iyasu (21), kleinzoon en opvolger van de in 1913 overleden keizer Menelik II, werd ervan verdacht zich tot de islam te hebben bekeerd.

In zijn plaats werd Meneliks dochter Zewditu (40) tot keizerin uitgeroepen. Haar neef Tafari Makonnen (24) werd troonopvolger met de titel van “Ras” (hertog) en krijgt als regent de echte macht in handen. Na die putsch kwam negus Mikael in opstand ten gunste van zijn afgezette zoon.

Groot-Brittannië, Frankrijk en Italië, die belangen in de regio hebben, staan positief tegenover de machtsovername, hoewel ze Ras Tafari niet goed kennen.

Iyasu en Mikael begunstigden de moslims en hadden goede contacten met de Ottomaanse sultan. Er waren geruchten dat Iyasu de Italianen uit Eritrea en de Britten uit Soedan wilde verdrijven.

Links de afgezette keizer Iyasu, rechts Ras Tafari, die later als Haile Selassie zelf keizer van Ethiopië zal worden