De Sintenstrijd - Luckas Vander Taelen

Het is nog wat vroeg voor Sinterklaas, zegt u. Dat klopt, maar hebt u al van Sint Maarten gehoord? Die komt op 11 november langs, en Luckas Vander Taelen legt uit waarom hij deze Aalsterse Sint veel sympathieker vindt dan zijn meer beroemde collega Sinterklaas.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Luckas Vander Taelen is gewezen parlementslid voor Groen, muzikant en freelancejournalist.

In een paar Vlaamse steden komt Sinterklaas niet langs. Nooit. Onder meer in mijn geboorteplaats, de charmante provinciestad Aalst. Nooit is daar op 6 december enige langbaardige heilige man met mijter en staf gesignaleerd in het gezelschap van een zwarte dienaar.

Dat heeft er niets mee te maken dat de eigenzinnige burgemeester van Aalst zou besloten hebben dat het maar eens gedaan moest zijn met die vreemde folkloristische figuren, die alleen al door hun verschijning beledigend zijn voor bepaalde bevolkingsgroepen. Ik heb het dan niet over zwarte Piet, die volgens sommigen een uiting zou zijn van ons slecht verteerd koloniaal verleden of nog erger een symbool van de slavenhandel, uiterst pijnlijk voor onze zwarte medemens. Neen, ik heb het moeilijk met de figuur van de Sint zelf. Ik voel me als atheïst zwaar in mijn vrijzinnig kruis getast dat een katholieke heilige als voorbeeld wordt gesteld aan de jeugd. Wanneer klaagt Movement X die ondraaglijke discriminatie van de niet-gelovige Vlaming eindelijk aan?

Maar ik wijk af. Waarom Sinterklaas Aalst links laat liggen is dat hij er gewoon niet durft te komen! Hij vermijdt de parel van de Denderstreek als de pest omdat hij een geduchte concurrent heeft aldaar. Nu vrijdag, op 11 november komt in Aalst immers Sint Maarten langs. Die mag dan wel als twee druppels water op Sinterklaas lijken, dezelfde attributen hebben en ook vergezeld worden door zwarte Pieten, maar de twee zijn zelfs geen familie van elkaar. Sint Maarten is een Hongaar, die geboren is in 316. Sinterklaas is van Turkse afkomst en zag het levenslicht enige decennia vroeger, in 270.

Toen in de jaren zestig de Bon Marché een bijhuis opende in Aalst, dacht de stadsvreemde directie dat ze Sint Maarten gewoon kon negeren en vervangen door Sinterklaas, omdat die beter paste in hun gestroomlijnde nationale reclamecampagnes. De supermarkt liet het feest van 11 november voorbijgaan zonder de etalages gepast aan te passen. Slecht is het hun bekomen! Er kwamen net geen volksopstanden van! De Aalstenaars verdroegen slecht zoveel heiligenschennis en miskenning van hun tradities. Met een boycot werd gedreigd! Het volgende jaar stond in de Bon Marché een troon klaar voor Sint Maarten.

Persoonlijk heb ik het ook wel voor Sint Maarten. Niet omdat ik Aalstenaar ben en vind dat alles moet blijven zoals het was. En al evenmin uit erkentelijkheid, omdat ik van hem menig mooi cadeau mocht ontvangen op 11 november. Maar wel omdat ik hem gewoon veel sympathieker vind dan Sinterklaas, die zo geobsedeerd was door zijn geloof in de Heilige Drievuldigheid dat hij alles wou doen in de naam van het olijke hemels trio gevormd door God, de zoon en de heilige geest : elke tekst las hij drie keer, altijd dronk hij een veelvoud van drie glazen wijn, bediende zich bij elke maaltijd drie keer en had elke nacht drie keer seks! Hij redde drie schipbreukelingen, pleitte drie vals beschuldigde soldaten vrij en wekte drie kinderen weer tot leven die een malafide slager had versneden en gepekeld.

Nu, een mythe mag best wat mythisch zijn, maar voor mij zijn er grenzen. Geef mij maar Sint Maarten! Bij hem geen mirakels, maar één daad van medeleven met een minder goed bedeeld medemens. Op een dag kwam hij een bedelaar tegen die geen kleren had. Maarten aarzelde niet en sneed zijn eigen mantel in twee! Dat zie ik Sinterklaas niet doen. Die zou zijn mantel misschien in drie hebben gesneden, zodat niemand er nog iets aan had.

Vorige week is Sint Maarten in Aalst aangekomen. Hij werd feestelijk uit een boot op de Dender gesleurd door zowat alle kinderen van de stad. Zijn Zwarte Piet zag er nog uit als in mijn jeugd en had zich niet volgens de politiek-correcte voorschriften vermomd in vuile schoonsteenveger. Hij werd enthousiast toegejuicht door de Aalsterse Afrikaanse gemeenschap. Sint Maarten, die dit jaar zijn 1700st verjaardag vierde, dacht bij zichzelf dat sommige dingen gewoon moeten blijven zoals ze altijd al waren.

Na al die jaren voelt Sint Maarten zich eigenlijk een beetje Aalstenaar. Want in die stad mag met alles gelachen worden! Behalve dan met Carnaval en Sint Maarten natuurlijk!

Meest gelezen