Het geheime wapen van Donald Trump - Jan Van Den Bulck

Televisie, radio en kranten liggen in de Verenigde Staten onder vuur sinds de verkiezing van Donald Trump. Om die overwinning te begrijpen, is het goed om in het eigen hart te kijken, besluit een Vlaamse hoogleraar Media die sinds kort aan de Amerikaanse University of Michigan lesgeeft.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Jan Van den Bulck was tot voor kort hoogleraar Media aan de KU Leuven en doceert nu aan de universiteit in het Amerikaanse Michigan.

Ik zat naar de eerste verkiezingsuitslagen te kijken op CNN toen, om 9.43 uur, een zinnetje verscheen op de Facebookpagina van een vriendin. "This is not going well", had haar echtgenoot net gezegd.

Die echtgenoot behoorde tot het legertje politieke wetenschappers dat me in de weken voordien regelmatig en zeer gedetailleerd had uitgelegd waarom het een mathematische en logistieke onmogelijkheid was dat Donald Trump de verkiezingen zou winnen.

Een maand of wat ervoor was ik op een congres waar een ervaren methodoloog uitlegde hoe moeilijk het was om de opiniepeilingen juist te interpreteren. Peilingen gebruiken wegingen, gebaseerd op de uitslag van eerdere verkiezingen. Dat was deze keer niet zo vanzelfsprekend omdat niets in deze verkiezingen leek op eerdere edities.

Eigenlijk zei de professor dat we niet te veel uitspraken moesten doen over de te verwachten afloop. Ik denk dat de hele zaal eerder begreep dat we nog niet met zekerheid konden weten met hoeveel procent Clinton precies ging winnen.

Ik was in 2008 in de Verenigde Staten op de dag dat Obama verkozen werd. Ik ging ervan uit dat ik weer aanwezig was op het moment dat er een historische verkiezing zou plaatsvinden. De verkiezing zal zeker als historisch de annalen ingaan, maar niet om de reden die ik verwachtte.

Pim Fortuyn en het Vlaams Blok

Dat bijna niemand de winst van Trump kon voorspellen, is niet zo ongewoon. Bij elke verkiezing haalt men het zinnetje "de echte verliezers zijn de opiniepeilers" boven – ik denk dat ze dat stukje zelfs op voorhand schrijven.

Dat men een echte trendbreuk niet ziet aankomen, komt minder vaak voor, maar ook daarin zijn de Verenigde Staten niet speciaal. In de pers zijn parallellen getrokken met de brexit, maar er zijn er veel meer.

De opgang van Pim Fortuyn, bijvoorbeeld, vertoont opvallende gelijkenissen met die van Trump. Pim Fortuyn was een flamboyante buitenstaander die perfect aanvoelde hoe hij het ongenoegen moest aansnijden van een groep mensen die zich steeds minder vertegenwoordigd was gaan voelen in de toenmalige politiek.

Net als Trump beantwoordde hij in heel veel opzichten totaal niet aan het cliché van de conservatieve of reactionaire politicus. Hij behoorde zo nadrukkelijk zelf tot de elite dat de rest van het establishment niet kon begrijpen waar zijn achterban zich eigenlijk in herkende.

Er zijn andere parallellen. In eigen land wordt de opkomst van wat destijds het Vlaams Blok heette, vergelijkbaar genoemd. Toen die partij in 1991 "onverwacht" grote vooruitgang maakte, werd eveneens gezegd dat de opiniepeilers niets hadden zien aankomen (hoewel sociologische studies nochtans alle nieuwe breuklijnen grotendeels in kaart hadden gebracht).

Ook toen werden journalisten aangetrokken tot het fenomeen als motten tot een vlam. Zowel de partij als de maatschappelijke pijnpunten die haar aanhang deed vergroten, kregen daardoor erg veel aandacht.

Historische parallellen trekken, is echter gevaarlijk. Als je uit heel de geschiedenis (en, zoals ik dat hier deed, uit alle landen) mag kiezen, vind je voor elk fenomeen ergens en ooit wel iets dat op een equivalent lijkt. Zo bewijs je om het even wat.

De Amerikaanse verkiezingen van 8 november hebben vooral een aantal kenmerken die in niets lijken op wat eraan vooraf is gegaan. Veel van die kenmerken hebben met media te maken.

Trump zonder geoliede machine

Donald Trump heeft gewonnen zonder een partijapparaat dat hem steunde. Hillary Clinton had een goed geoliede machine, die zorgde dat de geldkraan nooit dichtgedraaid werd en die tot op de dag van de verkiezingen mensen mobiliseerde. Wie geen zin had of geen mogelijkheden zag om te gaan stemmen, werd met plezier thuis opgehaald en weer afgezet.

Mijn collega’s gingen ervan uit dat dat alleen genoeg was om haar overwinning te garanderen. Een vriend van me doneerde 5 dollar aan Trump, omdat hij zich afvroeg wat er dan zou gebeuren.

Zodra de Democratische verkiezingskolos je in zijn adressenbestand heeft, word je vakkundig verder opgevolgd: Wil je doneren? Wil je van huis tot huis mensen helpen beïnvloeden? Geraak je aan de stembus? Vanuit de Trump-campagne gebeurde niets.

Niemand belde, hij kreeg geen gepersonaliseerde, door een computer met Trumps handtekening ondertekende brief en niemand vroeg of hij wel zou gaan stemmen. Het Trump-kamp vond zo’n machinerie duidelijk niet nodig.

Trump zonder klassieke media

Trump had de klassieke media tegen. Veel Amerikaanse media kiezen expliciet partij. Ze vinden dat normaal. In Trumps geval keerden zelfs enkele klassieke republikeinse kanalen zich tegen hem. Dat kreeg dan ook nog eens uitgebreid aandacht, zodat het mogelijke effect ervan alleen maar versterkt kon worden. Het leek Trump allemaal niet te deren.

Trump trok zich niets aan van de etiquette van de verkiezingskandidaat. Het scenario voor een succesvolle verkiezing staat al decennia vast en campagneadviseurs kunnen er grof geld mee verdienen. Kandidaten moeten als onberispelijke, netjes getrouwde, kerkgaande christenen overkomen, die niets te verbergen hebben.

Trump beantwoordde in niets aan die voorschriften. Af en toe merkte je dat hij zich inhield, wellicht onder grote druk van zijn adviseurs, maar bij de eerste provocatie was hij meteen weer zijn aanvallende, treiterige zelf.

Het lijkt hem geen windeieren te hebben gelegd.

Trump wél met telefoon

De grootste verschillen moet je echter elders gaan zoeken. Om het simpel te stellen, het succes van Trump en het onvermogen van de klassieke elite om het fenomeen juist in te schatten, ligt aan iets dat bijna ieder van ons hetzij in een broekzak, hetzij in een tas heeft zitten: een multimediale, draagbare internettoegangsmachine, die velen van ons nog steeds een telefoon noemen.

De telefoon symboliseert een paar fundamentele processen die deze verkiezing enorm hebben beïnvloed en die in toekomstige verkiezingen, en fenomenen als brexit, alleen maar aan belang dreigen te winnen.

Ik zet ze even op een rij:

Trump en sociale media

1. Journalisten beseffen nog te weinig dat zij het nieuws niet meer brengen. Stukken uit de Washington Post, de New York Times of andere klassieke media worden nog steeds gelezen, maar vandaag zien we ze vaak voor het eerst op Twitter of op Facebook, doorgaans voorzien van commentaar door iemand met wie we het roerend eens zijn.

2. Als ze dan ook nog eens honderd keer “geliket” zijn door andere mensen uit onze kennissenkring, is het deze selectie van nieuwsfeiten en standpunten die onze horizon begint te bepalen.

3. Alternatieve bronnen wegen nu minstens even zwaar als de klassieke media. Iedereen kent het fenomeen van de conservatieve televisiezender Fox, maar er zijn veel meer en veel extremere blogs, YouTube-kanalen, sites, twitteraars en noem maar op – aan beide kanten van het spectrum.

4. Die bronnen hebben niet dezelfde journalistieke training en waarden als de klassieke media en men is zich dan ook pas nu, enigszins beduusd, rekenschap beginnen te geven van het feit dat veel van de elementen waarop mensen het meest hysterisch hebben gereageerd, niet echt waar waren. “Fake news” wordt een van de sleutelwoorden voor de persoverzichten aan het jaareinde.

5. Door de sociale media is er geen tijd om feiten na te gaan of genuanceerd te debatteren. De kleinste opmerking kan een Twitterstorm veroorzaken. De agressie die daarbij vrijkomt, is ronduit beangstigend. Je moet niet veel van psychologie weten om te begrijpen wat hiervan de gevolgen zijn. Als een tweet duizend keer leuk wordt gevonden of tienduizend keer wordt gedeeld, leren zowel de twitteraar als al diegenen die dit zien gebeuren dat dit gedrag door de groep is beloond.

6. We gedragen ons collectief steeds meer als tienjarigen. Een klein gerucht hoeft niet waar te zijn om ons als een puber te doen ontploffen en meteen de meest primitieve verwijten en bedreigingen naar het andere kamp te sturen. Het verschil is dat dit gedrag bij tienjarigen ’s anderendaags vergeten is, waarna alle betrokken weer gewoon samen buiten gaan spelen. Bij volwassenen lijkt het tot steeds grotere breuken in de samenleving te leiden.

Met dank aan Facebook

En hier zit de verklaring voor het “onverwachte” succes van Trump: het valse consensus-effect. Hoewel we denken dat we de New York Times lezen, lezen we eigenlijk de selectie die onze Facebookvrienden daarvan gemaakt hebben.

Facebookalgoritmes leren daarvan en zorgen er vervolgens voor dat we ook niets anders meer te zien krijgen. Hoewel we denken dat we naar CNN kijken, kijken we eigenlijk naar een fragment dat onze Twittergroep eruit gelicht heeft.

Onze kennissen en vriendengroep is doorgaans geen doorsnee van de maatschappij. Het is een slechte steekproef. Geen wonder dat we allen samen overtuigd geraken van één versie van de waarheid – en schrikken als dat geen goede voorspelling van de realiteit blijkt te zijn.

Meest gelezen