Helft aangiftes verkrachtingen wordt geseponeerd

Hoewel hun aantal jaar na jaar daalt werd tussen 2010 en 2015 toch nog 50,21 procent van de aangiftes van verkrachting geseponeerd. De belangrijkste reden voor seponering is het gebrek aan bewijs, maar in 16 procent gebeurde dat omdat de dader onbekend bleef. Daarbovenop worden ook steeds minder daders veroordeeld, zo blijkt uit cijfers die Open VLD-Kamerlid Nele Lijnen bij minister van Justitie Koen Geens (CD&V) opvroeg.
Rafael Ben-Ari/Chameleons Eye

In 60 procent van die gevallen werd de zaak geseponeerd omdat er niet genoeg bewijzen waren, bij 16 procent gebeurde dat omdat de dader onbekend bleef. 140 dossiers werden ook geklasseerd omdat er te weinig recherchecapaciteit was bij de politie.

"Het is belangrijk om vlak na de verkrachting aangifte te doen om voldoende bewijsmateriaal te verzamelen", zegt Lijnen. Het Kamerlid pleit ervoor om te investeren in multidisciplinaire centra in elke provincie. "Op die manier heeft een slachtoffer alles onder één dak en wordt het niet alleen medisch, maar ook politioneel en juridisch begeleid."

Veroordelingen en vooroordelen

Niet alleen het hoge aantal seponeringen, ook het feit dat het aantal veroordelingen jaar na jaar daalt, is een probleem. Danièle Zucker, doctor in de psychologie en gespecialiseerd in seksueel geweld, verwijst naar het gebrek aan bewijs, maar stelt dat er ook nog te vaak vooroordelen bestaan over het slachtoffer.

"Eén van de oorzaken is zeker en vast de mentaliteit in die ketting - de politie, de rechter - die niet weten of ze de slachtoffers moeten geloven of niet. Zij hebben in het hoofd dat het slachtoffer maar iets uitvindt."

Zucker stelt daarom voor om op elke spoedgevallendienst minstens een verkrachtingsexpert te hebben zodat de vaststelling correct gebeurt.