Wederopbouw verwoeste stad wordt aartsmoeilijke klus

Na jaren van bruut oorlogsgeweld lijkt de val van Aleppo een feit. Eén van de oudste steden ter wereld is tot een puinhoop herleid. Kan de grootste stad van Syrië ooit weer in al haar glorie uit haar as herrijzen? Dresden, Sarajevo of Beiroet bewijzen dat het kán, maar kunnen zij als voorbeeld dienen?

Dresden: herstel in fases na bombardementen geallieerden

Op het einde van de Tweede Wereldoorlog lagen de meeste Duitse steden in puin, het gevolg van hevige straatgevechten, maar vooral van de aanhoudende luchtbombardementen door de geallieerden in de periode 1944-45.

Berucht is het vernietigende bombardement door de Britse Royal Air Force van februari 1945 op Dresden, dat de stad herschiep in een vuurzee. Een ware vuurstorm was het gevolg. De hitte was zo intens dat glas en metaal smolten. 25.000 à 30.000 mensen overleefden het niet. Na twee dagen van bombardementen was 70 procent van de stad verwoest.

AP1945

Na de oorlog wilden de DDR-autoriteiten Dresden heropbouwen als een "socialistische metropool". Bijna alle ruïnes in het stadscentrum werden opgeruimd. Ondanks protest werden historisch waardevolle gebouwen gesloopt. Een aantal historische gebouwen werden wel herbouwd, zoals het paleiscomplex Zwinger en het operagebouw. De ruïne van de Frauenkirche bleef staan als monument.

Na de val van de Berlijnse Muur en de integratie van de DDR in het herenigde Duitsland werd gekozen voor een andere koers: de stad moest haar vooroorlogse uiterlijk terugkrijgen. De Frauenkirche werd volledig herbouwd en andere delen van de stad werden in een historische stijl heringericht. Hierdoor heeft Dresden een historische, barokke uitstraling gekregen en trekt de stad meer en meer toeristen.

Vandaag is het oude Dresden herrezen en is de Oost-Duitse stad weer een toeristische trekpleister. Het herenigde Duitsland had veel veil om de littekens uit het verleden weg te werken.

Sarajevo: moeizaam herstel na een "urbicide"

Het multiculturele Sarajevo, de hoofdstad van de voormalige Joegoslavische republiek Bosnië-Herzegovina, was ruim 20 jaar geleden het slachtoffer van een zogenoemde urbicide, die tot doel had de stad en alles waarvoor ze stond te vernietigen. Sarajevo ligt in een dal en werd tijdens de Joegoslavië-oorlog voornamelijk door het Bosnisch-Servische leger vanuit de heuvels bestookt.

Scherpschutters terroriseerden de burgerbevolking op "Sniper Alley" en in 1992 ging een groot deel van de Bosnische geschreven cultuur samen met de universiteitsbibliotheek in vlammen op. Gedurende drie jaar waren er in de stad gemiddeld 329 bominslagen per dag, bijna elk gebouw in de stad raakte al dan niet zwaar beschadigd. De oorlog kostte het leven aan naar schatting 12.000 mensen. En dan waren er ook nog de landmijnen die her en der gelegd waren, stille moordenaars wachtend op een nietsvermoedend slachtoffer.

Wie vandaag een bezoek aan Sarajevo brengt, ziet op het eerste zicht weinig of niets van de vreselijke gebeurtenissen van ruim 20 jaar geleden. Toch is de heropbouw minder vlot verlopen dan die van de Duitse steden na de Tweede Wereldoorlog, onder meer door een gebrek aan financiële middelen en het feit dat Sarajevo nu de hoofdstad van het onafhankelijke Bosnië is, een multi-etnisch en behoorlijk armlastig land dat tot op vandaag worstelt met etnische tegenstellingen tussen de moslimbevolking, de Kroatische en de Servische gemeenschappen.

De beroemde bibliotheek is weer heropgebouwd, hoewel de stad daarmee haar neergeschreven verleden niet heeft teruggekregen. De meeste gebouwen zijn min of meer hersteld, hoewel de kogelgaten van de oorlog vaak nog zichtbaar zijn.

Desondanks is de stad veranderd omdat de Servische inwoners er zijn weggetrokken, een onrechtstreeks gevolg van de etnische zuiveringen van tijdens de oorlogsjaren.

Beiroet: hoe het Parijs van het oosten herrees

Misschien kan Aleppo een voorbeeld nemen aan de Libanese hoofdstad Beiroet, die andere metropool in het Midden-Oosten die verwoest werd door een burgeroorlog waarbij allerlei milities en legertjes elkaar gedurende jaren naar het leven stonden. Net als Aleppo is Beiroet het slachtoffer geworden van een stadsguerrilla, waarbij van straat tot straat werd gevochten, of van appartement tot appartement.

Bovenop al dat sektarisch wapengekletter kwamen dan nog de Palestijnse vluchtelingen en de bemoeienissen van buurlanden Israël en Syrië. Een gevaarlijk explosieve cocktail die zo nu en dan aanleiding geeft tot een gewelddadige oprisping.

Ondanks al dat geweld is Beiroet 26 jaar na het einde van de Libanese burgeroorlog grotendeels heropgebouwd. Dat is niet probleemloos verlopen, in de eerste plaats door allerlei corrupte praktijken bij Solidere, het bedrijf dat gedurende jaren instond voor de heropbouw.

Het was toenmalig premier Rafik Hariri die Solidere in 1994 oprichtte. Die nauwe verwevenheid van politiek en lucratieve zakendeals leidde niet meteen tot transparante en daadkrachtige besluitvorming. Maar Beiroet is het commerciële, bancaire, financiële en educatieve centrum van de regio, en dat betekent dat er financiële middelen aanwezig waren voor de heropbouw. Een "Parijs van het oosten" in puin was geen optie; vandaag ligt de stad er weer in al haar glorie bij aan de Middellandse Zee.

Of Aleppo, toch een van de oudste steden ter wereld en ooit de economische hoofdstad van Syrië, er weer bovenop kan worden geholpen, is vandaag nog een groot vraagteken. Het regime van Bashar al-Assad heeft de stad weliswaar weer onder controle, maar na meer dan vijf jaar burgeroorlog blijft Damascus internationaal erg geïsoleerd en heeft het regime allicht niet genoeg middelen om nu al aan de heropbouw te beginnen.

Bovendien hebben de Russische broodheren van Assad voorlopig andere katten te geselen, namelijk de verschillende rebellengroeperingen in de rest van Syrië verslaan. En die strijd is nog lang niet gestreden.