Waarom Al Qaeda nog steeds springlevend is en misschien wel een grotere bedreiging is dan IS

Al Qaeda leeft. En hoe: in Syrië staan ze in de voorhoede van het verzet tegen Assad, in Jemen en Afrika floreert de terreurgroep. Omdat ze veel pragmatischer geworden is in haar aanpak, kan ze op termijn zelfs een veel grotere bedreiging vormen voor de rest van de wereld.

“We hebben geen idee wie die mensen zijn”, zo schamperde Trump in november in de Wall Street Journal. In zijn geheel en al eigen stijl doelde hij met “die mensen” op de Syrische oppositie. Nu kijkt Trump niet op een gaffe meer of minder, maar wie kan hem in deze ongelijk geven? Wie zijn de Syrische rebellen precies? De waarheid is dat we – de publieke opinie – het niet goed weten.

Die rebellen zijn dan ook een ondoorzichtig kluwen, en dat is een understatement. Er zouden niet minder dan duizend groepen actief zijn, goed voor 100.000 strijders (En voor de duidelijkheid: gemakshalve rekenen we IS niet mee). Op de koop toe veranderen ze en cours de route wel eens van naam, of gaan ze weer andere allianties met andere rebellengroepen aan.

Niet Star Wars

Verwarring troef dus, maar er zijn wel een aantal duidelijke lijnen te trekken. Zoals: er kan geen sprake zijn van een strijd van goed tegen kwaad. Het is niét de boze Assad tegen goedhartige, trouwe rebellen, zo maakte de Britse Midden-Oostenjournalist Robert Fisk deze week al duidelijk in een opmerkelijk opiniestuk in The Independent. Per slot van rekening is dit Star Wars niet. Want, en dat is een belangrijke tweede vaststelling, Al Qaeda heeft een stevige poot aan de grond bij de rebellen die Aleppo verdedigen.

AFP or licensors

Comeback

Van de tienduizend rebellen in en om Aleppo zou ongeveer één vijfde tot een aan Al Qaeda gelieerde groep behoren. Meer nog, volgens sommigen zou Al Qaeda zelfs de plak zwaaien bij de rebellen in en om Aleppo. Zo incontournable zouden die zelfs zijn dat ook het niet-religieuze Free Syrian Army - sommige fracties daarvan althans - met hen samenwerkt.

(Twee groepen trouwens, die volgens de Britse oorlogsjournalist Patrick Cockburn, journalisten manipuleren en vermoorden als ze nieuws brengen dat hen niet zint. In de praktijk betekent dat: enkel nieuws over burgerslachtoffers mogen berichten. Niét over de rebellengroepen zelf, wie dat doet, riskeert een overgesneden keel. En daardoor worden we natuurlijk ook zo slecht geïnformeerd over de rebellen). 

Voor sommigen kan de nog steeds prominente aanwezigheid van Al Qaeda in Syrië een verrassing zijn. Eigenlijk zou dat niet mógen: het leger van wijlen Osama bin Laden is namelijk aan een comeback bezig (ook al lijkt ze in Aleppo het onderspit te delven). Ten koste van IS vaak, de dochterbeweging met wie ze sinds enige jaren een bittere concurrentiestrijd uitvecht.

PR

Veel heeft te maken met de nieuwe PR-strategie. Cruciaal daarin is een brief van Al Qaedatopman Ayman al-Zawahiri uit 2013. Als was het een willekeurige circulaire kreeg die de titel “Algemene richtlijnen voor Jihad” mee.

Zawahiri gaf daarin de opdracht om zo min mogelijk conflicten met Arabische regeringen uit te lokken, om met lokale leiders te werken, geen moslims te doden (zeker niet op plekken waar iedereen het ziet), om de sharia heel geleidelijk in te voeren in veroverde gebieden en – vooral ook – om zich op militaire en politieke doelwitten te richten. Géén markten of moskeeën dus, geen soennitische doden meer, en zelfs zo weinig mogelijk sjiieten en niet-moslims.

De achterliggende filosofie was er een om het hart van de bevolking te veroveren, zodat die bereidwilliger staat tegenover een radicaalislamitisch verhaal. Niet iedereen binnen Al Qaeda stapte mee, per slot van rekening is Al Qaeda geen hiërarchisch geleid leger maar eerder een samenraapsel van cellen en milities.

IS bijvoorbeeld, tot dan een bondgenoot van Zawahari was bijzonder wantrouwig tegenover die nieuwe tactiek, en een jaar later werden de banden tussen de twee organisaties verbroken. (Bij de onderlinge gevechten zouden volgens de Amerikaanse denktank Brookings zelfs 4.000 jihadisten gesneuveld zijn).

Sociale beweging

Anderen gingen wel in op het ordewoord van Zawahiri: in Oost-Aleppo bijvoorbeeld zou Al Qaeda bakkerijen hebben overgenomen om de prijs van het brood te kunnen verlagen. (En meteen ter nuance: zoals gezegd is info uit Aleppo én heel Syrië haast per definitie onbetrouwbaar).

Heeft de terreurgroep nu het geweld afgezworen? Verre van, het blijven extreem gewelddadige groeperingen. Maar tegelijk evolueert Al Qaeda wel in de richting van Hezbollah en Hamas. Gewapende groepen, zeker en vast. Maar ook sociale organisaties waarop de plaatselijke bevolking, vaak in de steek gelaten door haar overheid, heftig leunt om haar overleving te verzekeren.

Het is de les die de organisatie trok uit het lot van Abu Musab al-Zarqawi, de oprichter van Al Qaeda in Irak, en bij uitbreiding ook van IS. Al-Zarqawi was een bijzonder gewelddadig man, die de latere praktijken van IS inspireerde, maar daardoor ook meer en meer krediet verloor bij de plaatselijke soennitische bevolking. Tot hij in 2006 uiteindelijk door Amerikaanse F16’s dood gebombardeerd werd.

De les van Jemen

Je zou het ook de les van Jemen kunnen noemen, misschien wel de plek waar Al Qaeda – eerst als Al Qaeda op het Arabische Schiereiland ofte AQIS, daarna ook als Ansar al-Sharia in Jemen - het sterkst staat.

Ondanks de beschietingen door de Saudische luchtmacht (die tegelijkertijd ook de sjiitische Houthi’s onder vuur neemt). Nadat ze er enkele stadjes in het zuiden van het land veroverd had, en vervolgens een hele provincie, riep de plaatselijke Al Qaeda-afdeling er in maart van 2011 het emiraat uit.

Opvallend: de terreurgroep werkte haar agressie al die jaren hoofdzakelijk op politiemensen en militairen uit. In 2011 liet ze zelfs een team van het Rode Kruis binnen in het veroverde stadje Jaar om er gewonde soldaten te verzorgen. Ondenkbaar voor IS of vroegere versies van Al Qaeda.

In Afrika

In Afrika doet Al Qaeda het ook nog altijd erg goed. Bekende terreurgroepen als Al Qaeda in de Islamitische Maghreb (AQIM), Ansar Dine in Mali, Al-Mourabitoun, Ansar al-Sharia in Libië, al-Shabaab in Somalië of het Nigeriaanse Boko Haram zijn nog altijd lid van het Al Qaeda-netwerk.

IS probeerde ook in Afrika stevig aan de boom van Al Qaeda te schudden. Heel even zelfs met succes: zo erkende Boko Haramleider Abubakar Shekau het IS-kalifaat, maar leidde dat uiteindelijk tot een scheur in de Nigeriaanse terreurgroep. En de pogingen om al-Shabaableiders los te weken bij de Somalische terreurgroep draaide evenmin op een succes uit. En intussen bleven de Al Qaeda-filialen de voorbije jaren stevig uithalen met aanslagen, en vanuit hun optiek dus ook PR-successen.

Gevaar

Zo bekeken – met de nog altijd grote geografische spreiding en de pragmatischere langetermijnsstrategie in het achterhoofd - is Al Qaeda misschien nog altijd een groter gevaar dan IS, zelfs al veroverde die de voorbije jaren de harten van nogal wat jongeren in de Arabische wereld én Europa.