Meest recent

    Belastingbetaler moet opdraaien voor Italiaanse bank

    Het is vrijwel zeker dat de Italiaanse overheid willens nillens vijf miljard euro nieuw kapitaal in de wankelende bank Monte dei Paschi di Siena zal moeten steken om die bank voor de ondergang te behoeden. Zoniet dreigt er een nieuwe bankencrisis in Italië en mogelijk in geheel Europa. De Italiaanse regering heeft ook ingestemd met het reddingsplan.

    Donderdagavond heeft de raad van bestuur van 's werelds oudste bank -opgericht in 1472- toegegeven dat de instelling er niet in geslaagd is om vijf miljard euro nieuw kapitaal op te halen. Dat was nochtans nodig om de kapitaalbuffers van de bank te versterken. 

    De privésector in Italië en ook buitenlandse investeerders hadden echter geen zin om in het avontuur te stappen, te meer omdat de voorbije jaren al twee keer een kapitaalverhoging heeft plaatsgevonden voor in totaal acht miljard euro en dat dat geld daarna in rook is opgegaan.

    En dus blijft er maar één uitweg over om Banca Monte dei Paschi di Siena, de derde bank in Italië, te behoeden voor de ondergang: een kapitaalinjectie door de Italiaanse regering. Meteen een eerste grote -zij het niet onverwachte- uitdaging voor de nieuwe Italiaanse premier Paolo Gentiloni, die pas enkele weken geleden het roer van het land overnam.

    Veel keuze heeft de regering niet, want het politiek erg instabiele land kan zich geen nieuwe bankencrisis veroorloven en dat geldt bij uitbreiding voor de hele eurozone en Europese Unie. En ondanks alle dure eden van de voorbije jaren zal het dus opnieuw de belastingbetaler zijn die opdraait voor de kosten van een bankencrisis.

    Ze hebben dan ook ingestemd met het reddingsplan van de bank. Dat heeft premier Gentiloni vannacht bekendgemaakt. Het decreet moet het spaargeld van de burgers "zo goed mogelijk" beschermen en de Italiaanse bankensector "sterker en solider" maken, aldus de nieuwe premier.

    AP2014

    De Grauwe: "Europese regels zijn niet doordacht"

    Nochtans hadden de Europese leiders na de vorige bankencrisis van 2008 gezworen dat de belastingbetaler nooit meer zou moeten opdraaien voor een bankencrisis. In de eerste plaats zouden de aandeelhouders van de bank het gelag moeten betalen, gevolgd door de obligatiehouders en dan door de spaarders die meer dan het wettelijk gegarandeerde 100.000 euro per klant per bank zouden hebben.

    Die regels zijn echter niet doordacht, vindt professor Economie Paul De Grauwe van de London School of Economics( LSE, foto in tekst). De obligatiehouders van Banca Monte dei Paschi di Siena zijn vooral kleine Italiaanse beleggers en die mee in het bad trekken, zou de populistische partijen ten goede komen en de politieke instabiliteit in Italië nog vergroten. Door grote spaarders aan te spreken, dreigen die met hun geld weg te vluchten en zo wordt de bank in kwestie nog meer verzwakt.

    De Europese afspraken deugen niet en komen ook voort uit een politieke en geen economische logica. Kapitalisme is per definitie instabiel en als de privésector zijn kat stuurt zoals nu, kan enkel de overheid Monte Paschi die Siena nog redden, zegt professor De Grauwe.

    Dat kan via nieuw kapitaal of via het nationaliseren van de bank, het afscheiden van slechte leningen in een "bad bank" en het herkapitaliseren van de gezonde afdelingen. De vijf miljard euro die dat zal kosten en Italië dus extra moet gaan lenen, zullen de zware schuldenlast van het land nog verder verzwaren, maar dat is nu ook geen onhaalbaar bedrag, vindt De Grauwe.

    Het alternatief is de val van een nieuwe grote bank die dan mogelijk ook de andere Italiaanse banken en mogelijk ook andere instellingen in Europa in de problemen zou brengen. 

    Weer die rommelkredieten

    Monte dei Paschi die Siena heeft de voorbije jaren de verliezen opgestapeld, onder meer wegens een niet echt doordachte strategie van expansie en overnames. Bovendien zit de bank met 28 miljard euro dubieuze kredieten of rommelkredieten opgezadeld.

    In totaal hebben de Italiaanse banken voor zowat 360 miljard euro kredieten met een reukje aan in portefeuille. Dat is zowat een derde van de dubieuze kredieten in de eurozone en u begrijpt dat het probleem voor besmetting van banken in andere Europese landen groot is.