Meest recent

    Terugblik 2016 - Stefanie: "België was niet langer veilige haven, wel één vol paniek"

    2016 was een jaar als geen ander. Dat zag u al in ons Jaaroverzicht op Eén, waarin Wim De Vilder en Goedele Wachters gingen praten met mensen voor wie het afgelopen jaar een keerpunt was. Een aantal van die verhalen krijgt hier extra aandacht. Vandaag laten we Stefanie aan het woord. U kent haar wel, van de iconische foto die de wereld rondging na de aanslagen op de luchthaven.

    AFP or licensors

    Aan het bellen, was ze. Met haar moeder. Om te zeggen dat ze een wonde aan het hoofd heeft, maar voor de rest veilig en gezond was. Een dag later zou ze op de voorpagina's van zowat alle nationale en internationale kranten te zien zijn.

    Hoewel de vrouw uit Hoeilaart komt, woont ze al enkele jaren in Haïti. Ze werkt er als medisch coördinator voor Artsen Zonder Grenzen. Na een familiebezoekje in ons land zou ze op 22 maart opnieuw naar huis vertrekken. Een kwartier voor de bommen ontploften, zette haar moeder haar af op de luchthaven.

    “Bij de eerste knal zat ik gehurkt op de grond”, zegt ze via Skype. “Ik had te veel handbagage mee en was volop bezig met alles te herschikken. Er was veel paniek, maar ik was vrij kalm. Ik dacht niet dat het een bom was, maar wel dat er iets was ingestort ofzo. Enkele seconden later ging de tweede bom af, op amper tien of vijftien meter van mij. Gelukkig had ik de reflex om mij te beschermen onder de zetels en door mijn koffer naar mij te trekken. Dat heeft mij gered, denk ik.”

    Eens de vrouw merkte dat haar verwondingen niet al te erg waren, begon ze anderen te helpen.

    De Loof ging vrij rationeel aan de slag. Haar ervaring als hulpverlener heeft daar naar eigen zeggen veel mee te maken. “Ik ben al een paar keer in catastrofes of post-catastrofes geweest. Dat verandert een mens natuurlijk in zijn reacties. Een chaotische context ben ik vrij goed gewoon. Dan ben je ook rustiger op het moment dat het verkeerd gaat.”

    Op de foto is naast De Loof ook nog een andere vrouw te zien. “In het begin was ik daar alleen. De vrouw bevond zich net voor mij en ze hebben haar daarna naast mij gezet. Ze had een belangrijke voetwonde, maar verkeerde vooral in shock. Zij was er erger aan toe dan ik, vooral omdat ze geen bescherming had.”

    “Ik wilde zo snel mogelijk terug naar Haïti”, zegt De Loof. “Met die ene foto was er veel belangstelling, ook van de pers. Ik wilde zo snel mogelijk weg. Uiteindelijk heb ik een dag later al het vliegtuig kunnen nemen. België betekende voor mij een veilige haven, waar ik kon doen en laten wat ik wil. Die veilige haven bestond niet meer. Het was een haven vol paniek en negativiteit geworden.”

    In oktober kreeg De Loof het nog eens zwaar te verduren. Toen kwam orkaan Matthew langs op Haïti. “Als je daaraan wordt blootgesteld, relativeer je wat er is gebeurd op 22 maart. Ik heb aan de aanslagen geen grote letsels overgehouden, dus misschien is het makkelijk praten voor mij. Maar ik zie hoe de mensen hier afzien. Ze worden hier totaal niet gespaard. Hier vindt de ene ramp na de andere plaats en niemand krijgt de kans om op te staan.”

    “Haïti is gekend voor de natuurrampen, dus ondertussen zijn we hier wel al wat gewoon. Mensen zijn hier enorm moedig en staan telkens weer op om voort te gaan met hun leven. Dat is echt indrukwekkend.”

    “2016 was op vele gebieden toch echt een rampjaar met veel oorlog, miserie en mensen op de vlucht”, besluit De Loof. “Ik denk dat de wereld wat meer idealisme nodig heeft. Ik vind het jammer dat religie, ras, kleur en andere meningen tot zulke catastrofes kunnen leiden. Ik hoop dat de mensen opnieuw kunnen praten met elkaar en zullen blijven proberen om elkaar wat beter te begrijpen. Uiteindelijk zijn we gewoon allemaal mensen bij elkaar. Mensen die verschillend zijn."