Meest recent

    De schroom voor het "i-woord"- Luckas Vander Taelen

    2016 gaat de geschiedenis in als het jaar van de aanslagen door religieuze fundamentalisten. Wat Luckas Vander Taelen opvalt is dat de druk van de politiek-correcte canon van “islam” het te mijden “i-woord” maakt dat weldenkende journalisten haast niet meer durven gebruiken om niet beschuldigd te worden van enig cultureel superieur denken.
    opinie
    Opinie

    Luckas Vander Taelen is gewezen parlementslid voor Groen, muzikant en freelancejournalist.

    Ook in een ellendig jaar dat vele zekerheden overboord gooide blijft toch één zekerheid pal overeind: dat er aan het einde ervan allerlei overzichten en lijstjes zullen worden gemaakt! Gelukkig blijft de goede gewoonte bestaan om een bilan te maken, want dat biedt een zeldzaam geworden moment van deugddoende bezinning.

    Het is goed om alle gebeurtenissen van een jaar, hoe vreselijk ook, opnieuw geserveerd te krijgen. Want de snelheid waarmee het nieuws heden ten dage op ons afkomt, de niet aflatende stroom van kleine en grote nieuwsfeiten maakt het zo ongeveer onmogelijk om het overzicht te behouden en het grotere geheel te zien. Het is in een informatieve tsunami behoorlijk moeilijk om niet overvallen te worden door moedeloosheid en een gevoel van grote verwarring.

    Aanslagen

    2016 was het jaar van de Brexit, Trump en het populisme, dat is al ten overvloede gezegd, geschreven en getoond. Maar als er dan één constante was in dit bewogen jaar dan waren dat wel de aanslagen. Liefst 1.700 werden er het voorbije jaar wereldwijd geteld. De terreur in Brussel, in het begin van het jaar, bleef lang nazinderen in de media. Maar eigenaardig genoeg verdween de aanslag in Berlijn, in december, sneller van de nieuwsites. Dat heeft niet alleen met de afstand te maken, maar ook met gewenning.

    Een godsdienstige fanaticus die met een vrachtwagen mensen op een vredige kerstmarkt wegmaait: het zou in gewone tijden dagenlang het nieuws beheerst hebben. Maar we beleven geen gewone tijden meer. We zijn stilaan gewend geraakt aan blind religieus geïnspireerd geweld. Trop is teveel, als er zo vaak gruwelijke dingen gebeuren, dan voeren we onbewust zelfcensuur in. Een mens kan maar zoveel verdragen als hij kan verdragen. En dan kijken weg, naar de mooie kant van het leven.

    En de media helpen ons daarbij: hun aandacht is omgekeerd evenredig met het aantal keer dat iets gebeurt, hoe erg ook. Als er zo een vijftal aanslagen per dag zijn, dan worden die door de media onvermijdelijk meer en meer als fait divers behandeld en krijgen ze met moeite evenveel aandacht als banale gebeurtenissen. Over wie de Slimste Mens is geworden is meer geschreven dan over een nieuwe executie-video van IS, want daar hebben we er al zoveel van gezien.

    Nieuwsjunkies

    Elk uur staat een ander nieuwsfeit boven op de websites van kranten. Dat hoort zo in deze tijden. De houdbaarheid van nieuws wordt steeds korter. Vroeger bleef dat minstens een dag vers, toen het nog uit papieren gazetten kwam. Nu loopt een medium dat zichzelf niet voortdurend actualiseert hopeloos achter. Het opbod is moordend. Het publiek wil en krijgt ook geen diepgang meer. We worden geëntertaind met nieuws. Filmregisseurs maken jaaroverzichten. Spectaculaire beelden zijn belangrijker dan saaie analyses en inzicht. We lezen liever140 tekens op onze smartphone dan een lang artikel in een krant.

    Het internet heeft van ons nieuwsjunkies gemaakt, die steeds sneller nieuwe shots nodig hebben. We krijgen zoveel informatie over ons heen, dat we al lang niet meer de bomen zien door de overwoekerende begroeiing van het bos. Onze herinnering wordt ondermijnd en vervangen door een steeds vluchtigere en oppervlakkigere beleving van het huidige moment, het enige dat nu nog waarde lijkt te hebben. We lijden steeds meer aan verregaande vergeetachtigheid, de gesel van deze tijd waar nieuws al even snel gemaakt wordt als het verdwijnt.

    Schroom

    Maar ik vrees dat die steeds vluchtigere nieuwsgaring niet de enige reden is dat onze visie op het wereldgebeuren steeds meer gefractioneerd wordt.

    In het jaar van de 1.700 aanslagen dook steeds meer een ideologische geïnspireerde schroom op om het globale beeld te bekijken en correct te duiden. Ook al was het onloochenbaar dat de meeste aanslagen met religieus fanatisme te maken hadden, het leek wel of veel journalisten de naam van de betrokken godsdienst niet wilden uitspreken. De druk van de politiek-correcte canon maakte van “islam” het te mijden “i-woord” dat weldenkende journalisten haast niet meer durven gebruiken om niet beschuldigd te worden van enig cultureel superieur denken. Vorige week verscheen in een Franstalige krant een overzicht van de aanslagen in Europa, waarin niet één keer het i-woord te lezen was, zelfs niet als men het had de betrokkenheid van de “Islamitische Staat”, die de krant liever “Daesh” noemt.

    Die neiging om weg te kijken van de harde feiten heeft ook te maken met wat dit jaar vaak te horen was als we door een aanslag in ons Europees hart getroffen waren en nu ook weer na de moordende vrachtwagen van Berlijn: we moeten ons niet laten meeslepen door paniek en onze manier van leven niet laten bepalen door terroristen.

    Een collateraal gevolg van dit soort lovenswaardige oproepen is echter dat het wel lijkt dat spreken over wat er gebeurd is in Berlijn meer en meer uit den boze is: dat iemand zich in naam van zijn godsdienst moreel gerechtigd voelde om tientallen “ongelovigen” te vermoorden en te verwonden. Alsof we het kwade wilden bezweren door het er niet meer over te hebben. En daarom niet te vaak willen wijzen op de evidente, moordende samenhang tussen Brussel, Nice, Berlijn en de vele andere plekken die het slachtoffer waren van fundamentalistisch geweld. Is dat de reden dat de bloedige aanslag op de kerstmarkt verrassend snel uit de actualiteit verdween ?

    Feiten en opinie

    Het bleek voor vele journalisten moeilijk om te de islamitische drijfveer van een dader te benoemen, omdat ze bang waren dat hierdoor de solidariteit met vluchtelingen in gevaar zou komen en ze in de kaart zouden spelen van extreemrechts. Dat is helaas steeds meer kenmerkend voor de manier waarop media omgaan met informatie: de eigen opvattingen van de journalist sijpelen meer dan vroeger door in artikels, die zich vaak niet meer onderscheiden van editorialen of columns. Het is in de dagelijkse informatiestroom niet altijd mogelijk het verschil te zien tussen feiten en opinie.

    Misschien is dit de grootste uitdaging voor de media in 2017 : het belang van nieuwsfeiten tegen elkaar afwegen, en op een onbevangen manier, zonder enig ideologisch vooroordeel het grote beeld te duiden.