Meest recent

    Vlaamse regeringstop uiteen zonder akkoord over onderwijs

    De kern van de Vlaamse regering heeft vanmorgen samengezeten over de hervorming van het secundair onderwijs. Onderwerp van de vergadering is de zogenoemde "matrix", de reorganisatie van de studierichtingen in de tweede en derde graad. De ministers zijn echter zonder akkoord uit elkaar gegaan. Er is afgesproken om deze week voort te praten. De tijd dringt, want de hervorming zou op 1 september 2018 in voege moeten gaan.

    De discussie over de hervorming van het secundair onderwijs is al maanden aan de gang. Voor de zomer bereikten coalitiepartners N-VA, CD&V en Open VLD hierover een politiek akkoord. Het dossier sleept al jaren aan: onderwijsministers Frank Vandenbroucke en Pascal Smet (beiden SP.A) forceerden geen van beiden een doorbraak, Hilde Crevits (CD&V) wil haar tanden er niet op stukbijten.

    Vandaag hervatten de onderhandelingen op het hoogste politieke niveau: in de kern van de Vlaamse regering. Vlak voor de kerstvakantie zat minister-president Geert Bourgeois (N-VA) hierover al samen met zijn viceminister-presidenten, maar tot een doorbraak kwam het toen niet. Tijdens de kerstvakantie werd er niet onderhandeld.

    Het was de bedoeling om vandaag zowel de conceptnota die eind mei werd voorgelegd, als de bemerkingen van het onderwijsveld, nog eens goed door te praten. De vraag is in welke mate de verschillende partijen bereid zijn om nog aan de conceptnota te sleutelen. De grote onderwijskoepels en de sector hebben hun bezwaren voor de zomer al overgemaakt aan minister Crevits.

    Vijf voor twaalf?

    De tijd begint te dringen. Minister Crevits wil zeker deze legislatuur landen. In haar rentree-interviews bij de start van het schooljaar 2015-2016 legde ze zichzelf 1 september 2018 op als timing. Als ze die deadline wil halen, moet er zeker deze week een doorbraak komen.

    Volgens de onderwijskoepels wordt die timing bijna onhaalbaar. "Als de knoop was doorgehakt voor de kerstvakantie, dan lag de start in het schooljaar 2018-2019 al moeilijk. Na het akkoord wacht ons nog veel werk om de theorie te vertalen naar de klas", zegt Raymonda Verdyck, topvrouw van het gemeenschapsonderwijs, daarover in De Tijd.

    Patriek Delbare, topman van het stedelijk en gemeentelijk onderwijs, is formeel. "We zijn vragende partij voor een modernisering van het secundair onderwijs, maar de weg is nog lang", zegt hij daarover aan VRT Nieuws. "De timing primeert echter niet voor ons. We willen vooral een versterking van het tso en bso", benadrukt hij. "Leerlingen die op dat vlak talenten hebben, moeten aan hun trekken komen en ook kunnen doorstromen naar het hoger onderwijs. Dat is belangrijk voor de herwaardering van het technisch en beroepsonderwijs."

    Jasper Jacobs

    Waarover wordt er onderhandeld?

    Met de hervorming van de tweede en derde graad wordt er fors gesnoeid in de veelheid aan studierichtingen in het secundair onderwijs. Een kwart van de bestaande richtingen zou verdwijnen. De doelen van elke richting die behouden blijft, worden een pak scherper gesteld. Het moet duidelijker zijn of een bepaalde richting een leerling voorbereidt op de arbeidsmarkt, dan wel op het hoger onderwijs.

    Bovendien zouden de overblijvende keuzeopties gebundeld worden in acht overkoepelende thema's: STEM (wetenschap en techniek), bouwen & wonen, land- en tuinbouw, voeding & horeca, sport, zorg & welzijn, economie & organisatie en kunst & creatie.

    Hierover wordt gemord bij de grote onderwijskoepels. Zij pleiten voor vijf domeinen in plaats van acht, met meer nadruk op talenkennis: STEM, economie, maatschappij, kunst en talen. Vanuit scholen met richtingen in land & tuinbouw, horeca & voeding en sportwetenschappen klinkt de bezorgdheid dat er te veel op één hoop wordt gegooid. De koepels willen de tweede graad bovendien breed genoeg houden, zodat leerlingen die een "foute keuze" maken alsnog kunnen bijsturen.

    Doel van de hervorming is om het zogenoemde "watervalsysteem" aan te pakken. Minder en duidelijker afgebakende richtingen zouden ook het aantal zittenblijvers en vroegtijdige schoolverlaters moeten verminderen. Naast de hertekening van de tweede en derde graad wil de Vlaamse regering ook de eerste graad hervormen, al zou de basisstructuur daar grotendeels blijven wat ze is.