Meest recent

    Trump tekent presidentiële besluiten, kan dat zomaar?

    In de geschiedenis hebben alle Amerikaanse presidenten sinds George Washington "executive orders" of presidentiële besluiten uitgevaardigd. Dat zijn richtlijnen aan federale agentschappen en overheidsdiensten over hoe zij hun taken moeten uitvoeren en wat er moet gebeuren.

    Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

    President Trump maakt er zowat een dagelijkse show van om in het Oval Office voor de camera's één of ander besluit te ondertekenen, waarmee hij een verkiezingsbelofte wil realiseren. Bij geen enkele daarvan lijkt het verkozen Congres -het parlement dus- betrokken.

    Het gaat bovendien niet om pietluttigheden, want niet enkel komt er nu een streng visumbeleid voor migranten of een muur langs de grens met Mexico en zelfs het opzeggen van het vrijhandelsakkoord met elf landen langs de Stille Oceaan, het TPP, kan zomaar uit de losse pols.

    Op de vraag of dat zomaar kan, is het antwoord "ja" en toch is de Amerikaanse grondwet doordrenkt van het principe van de scheiding der machten en houdt die de president, het Congres en het Hooggerechtshof in evenwicht.

    Amerika heeft een presidentieel systeem, waarbij de president en de regering het beleid uitstippelen en uitvoeren, maar wetten moeten worden goedgekeurd door beide kamers van het Congres, het Huis van Afgevaardigden en de Senaat. Die kunnen zelf ook wetten opstellen en goedkeuren, die enkel met een presidentieel veto kunnen worden afgeblokt. Dat veto kan dan weer worden opgeheven als twee derde van het Congres daarover stemt.

    "Executive orders" buiten het Congres om

    In de realiteit hebben alle presidenten sinds George Washington "executive orders" of presidentiële besluiten uitgevaardigd. Dat zijn richtlijnen aan federale agentschappen en overheidsdiensten over hoe zijn hun taken moeten uitvoeren en wat er moet gebeuren en dat buiten het Congres om. 

    Dat kan omdat veel van die besluiten verduidelijkingen zijn als de wetgeving vaag is of te veel gaten vertoont. En omdat veel wetten vaak zo lek zijn als een mandje, is er vaak erg veel ruimte voor een president om zijn stempel te drukken op het Amerikaanse beleid achter de rug van het Congres om.

    Toch heeft het Congres drie mogelijkheden om dergelijke besluiten aan te vechten. Het parlement kan de wetten aanpassen en verduidelijken. Als de president dat niet leuk vindt, kan hij zijn veto stellen. In dat geval is er een tweederdemeerderheid nodig in beide huizen om dat veto ongedaan te maken.

    De belangrijkste troef van het Congres is dat het kan beslissen over de financiering van dat alles en op die manier kan het parlement toch wel goed dwarsliggen als het dat wil.

    Een andere manier om een presidentieel besluit aan te vechten, is gewoon zoals altijd in een rechtstaat, door het aanspannen van een proces voor een rechtbank. Die kan dan een dergelijk besluit ongeldig verklaren, maar is natuurlijk wel een erg lange weg.

    Een krachtig instrument voor een president

    Nu waren de eerste presidenten van de VS nogal karig met die unilaterale beslissingen. Pas Abraham Lincoln (1861-1865) begon er stevig gebruik van te maken, onder meer om de rassendiscriminatie te beperken. 

    Daarna ging het gebruik van executive orders in stijgende lijn met als hoogtepunt de eerste helft van de 20e eeuw. De eigenzinnige Theodore Roosevelt (1901-1909) hield van dat soort besluitvorming, net als de gedreven hervormer Woodrow Wilson (1913-1921), maar de absolute uitschieter was Franklin D. Roosevelt (1933-1945, foto in tekst) die niet minder dan 3.522 besluiten ondertekende, vaak in het kader van zijn "New Deal" om de crisis van de jaren 30 te bezweren.

    Daarna viel het gebruik van executive orders terug. In recente tijden was het een geliefkoosd instrument van de Democraat Bill Clinton (1993-2001) om het door de Republikeinse gedomineerde Congres te dwarsbomen. Donald Trump heeft dan een meerderheid in het Congres, maar hij houdt graag zelf de touwtjes in handen.