Meest recent

    Moet u straks vrezen voor lawinegevaar tijdens uw skivakantie?

    De krokusvakantie nadert: traditioneel hét moment waarop veel skiërs en snowboarders de Franse, Zwitserse of Oostenrijkse bergen opzoeken voor een weekje in de sneeuw. Maar, met het lawine-ongeluk in Tignes van vanmiddag in het achterhoofd, hoe zit het met lawinegevaar? Lawine-expert Peter Sterckx: "Je kan perfect in januari verongelukken door sneeuw die in november gevallen is."

    "De voorwaarden voor een lawine zijn een helling en sneeuw, de trigger is meestal de mens zelf, maar de reden voor een lawine is altijd de opbouw van de sneeuwlaag", begint lawinedeskundige van Sneeuwsport Vlaanderen Peter Sterckx zijn verhaal.

    Het is dus niet zo dat mensen die over twee weken afzakken naar Tignes méér moeten vrezen voor lawines. "We kunnen niet zeggen: "Daar of daar in de Alpen moeten we meer oppassen voor die of die piste. Dat zou te gemakkelijk zijn. Het lawinegevaar is overal."

    Het zijn volgens Sterckx vooral de weersomstandigheden die bepalend zijn. "Als het in de loop van de komende twee weken nog veel bijsneeuwt, is dat enerzijds goed, maar naast de piste kan dat gevaarlijke situaties opleveren. Voor leken ziet het er dan allemaal mooi wit uit, maar de kleinste beweging op een verkeerde plek kan een lawinetrigger zijn."

    "In januari verongelukken door sneeuw die in november gevallen is"

    Er zijn een aantal parameters die een rol spelen om het risico op lawines in te schatten als men buiten de piste gaat - parameters die bijvoorbeeld uitbaters van pistes ook in acht nemen. "Van boven gezien lijkt het sneeuwtapijt één gesloten laag, maar daaronder kunnen er onvolmaaktheden zitten die - wanneer een snowboarder of skiër erdoor snijdt - de sneeuw laten afschuiven."

    Allereerst is er de helling, waarbij vooral bij de middenmoot, de hellingen van 30 à 40 graden het risico exponentieel toeneemt. Toch maakt Sterckx hierbij de nuance dat op de allersteilste hellingen - waar ook minder mensen komen - minder ongelukken gebeuren, omdat die hellingen spontaan ontladen. 

    Ook de tijdspanne is een belangrijke factor in het verhaal. "Als er op korte tijd veel sneeuw valt, is het mogelijk dat de sneeuw nog niet goed aan elkaar gebonden is."

    Qua oriëntatie is er een verschil op te merken tussen het begin en het einde van het skiseizoen. "In november en december zijn het vooral de noordelijk gerichte hellingen die een risico opleveren, terwijl tegen Pasen de zuidelijke hellingen meer gevaren met zich meebrengen. Dat heeft onder andere te maken met de zon, die op dat moment meer schijnt en die bijvoorbeeld vocht ophoopt."

    De wind is eveneens een factor. "Soms kan je de wind voelen of zien, soms ook niet. Maar een helemaal gegolfd terrein verraadt dat er geen optimale omstandigheden zijn. De windverplaatsingen zorgen ervoor dat de structuur van de sneeuw veel fragieler is op bepaalde plaatsen."

    Als laatste blijkt de onderlaag in het lawineverhaal een cruciale rol te spelen. "De ligging in de zomer is essentieel om te weten wat de risico's inhouden in de winter. Ik denk dan aan weides of rotsblokken of..."

    Daarnaast is ook de sneeuwonderlaag belangrijk. "Het begint nu later in het seizoen te sneeuwen, pas in januari is er veel sneeuw. In het begin van het seizoen, rond november, is er weinig sneeuw en is het koud. We moeten sneeuw als een levende materie zien. In november zijn het dan eigenlijk meer ijskristallen die weinig aan elkaar plakken. Dat vormt een korrellaag, een soort valstrik voor de rest van het seizoen tenzij nieuwe sneeuw dit effect neutraliseert. Je kan perfect in januari verongelukken door de sneeuw die in november gevallen is."

    Tips voor off-piste

    De uitbaters van de pistes nemen die parameters uiteraard méér dan in acht. Zij dragen immers een enorme verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de skiërs en snowboarders. "Maar er gebeurt veel achter de coulissen. Zo worden risicovolle bergzijden zelf ontladen door explosies. De doorsnee wintersporter merkt er niets van, maar heeft wel de garantie dat alles goed loopt. Eigenlijk kan je dan met je ogen toe door het gebied skiën."

    Voor mensen die toch - op eigen risico - buiten de pistes willen gaan, heeft Sterckx nog een aantal tips.

    • Bekijk de weersinformatie nauwkeurig.
    • Ski of snowboard nooit alleen. Tijd is immers essentieel.
    • Blijf ook niet te dicht bij elkaar.
    • Neem ook het juiste materiaal mee: een uitzend/ zoekapparaatje, een peilstok en een schop. Met het juiste materiaal kunnen geoefende collega's je op 10 à 12 minuten bovenhalen.

    Uiteraard is het nog altijd veiliger om gewoon op de piste te blijven. Hij vergelijkt het met parachutespringen uit een vliegtuig. "Je kan lang wachten met je parachute open te doen, maar de dag dat je zonder parachute uit het vliegtuig springt, kennen we de afloop van het verhaal. Er zijn grenzen aan het verleggen van grenzen."

    Lees verder onder foto.

    Tijd redt levens

    Tijd redt levens. Zéker bij lawines, benadrukt de lawinedeskundige nog.

    Na 10 à 12 minuten wordt 93 procent nog levend uit de sneeuw gehaald. De overige 7 procent is meestal gestorven door een trauma, interne bloedingen of breuken.

    Na 20 à 30 minuten, een realistisch tijdsframe waarin de hulpdiensten kunnen arriveren, is dat percentage al gedaald tot in de 30 procent. "Slachtoffers stikken omdat ze niet kunnen ademen door de mond en omdat er pakken ijs of sneeuw op de borstkas drukken."

    Na een à twee uur wordt nog maar 10 procent levend boven gehaald. "Daarin speelt hypothermie of onderkoeling een grote rol."

    Bij de cijfers moet wel de nuance gemaakt worden dat het percentages zijn van het aantal mensen die levend uit de sneeuw gehaald worden, niet het aantal mensen die de lawine uiteindelijk overleefd hebben. Sterckx haalt hierbij het onfortuinlijke voorbeeld van de Nederlandse prins Friso aan. "Na 24 minuten werd de prins uit de sneeuw gehaald, maar zijn toestand bleek onomkeerbaar."