Meest recent

    Het leven in de diepste oceaankloven is zwaar vervuild met POP's

    In de diepste kloven in de oceaanbodem, de Marianentrog en de Kermadectrog, is het zeeleven erg zwaar vervuild met persistente organische vervuilende stoffen (POP's, persistent organic polluants). Dat blijkt uit onderzoek met een onbemande duikboot.

    Hans Hillewaert
    Bathyporeia guilliamsoniana, een vlokreeft (foto: ©Hans Willewaert via Wikimedia)

    Wetenschappers van de Newcastle University slaagden erin een onbemande duikboot te laten afdalen in de Marianentrog, een kloof van bijna 11 kilometer diep in de Stille Oceaan, en in de Kermadectrog, 7.000 kilometer verderop, in de buurt van Nieuw Zeeland,  en bijna even diep. Ze namen er stalen van vlokreeften op een diepte tussen 7 en 10 kilometer, en onderzochten die op de aanwezigheid van persistente organische vervuilende stoffen (POP's).

    De Marianentrog, met als vermoedelijk diepste punt Challenger Deep dat 10.994 meter of zelfs 11.034 meter diep is. De trog is ontstaan doordat de oude, zwaardere Pacifische plaat er onder de lichtere Marianen- of Filipijnse plaat schuift (Illustratie: Kmussen via Wikimedia).

    Hoge concentraties

    Tot hun verbazing stelden ze extreem hoge concentraties vast van de stoffen. Het hoogste gehalte aan pcb's in de vlokreeften lag 50 keer hoger dan de hoeveelheden die gevonden werden in een studie van krabben in een zwaar vervuilde rivier in China.

    Dat kan diepgaande gevolgen hebben voor het ecosysteem, zo waarschuwen ze in een studie in Nature.

    "We denken nog altijd over de diepzee als dat afgelegen en ongerepte gebied, ver van menselijke impact", zegt hoofdonderzoeker Alan Jamieson. "Maar ons onderzoek toont aan dat jammer genoeg niets minder waar is. Meer nog, de dieren die we onderzochten, bevatten concentraties die vergelijkbaar zijn met die van de meest vervuilde industriële zones in de regio."

    Hirondellea gigas, een vlokreeft of Amphipoda (foto: Daiju Azuma vie Wikimedia)

    Pcb's en pbde's

    Bij de gevonden stoffen zijn onder meer de beruchte pcb’s, plychloorbyphenyls. Tussen de jaren dertig tot de jaren zeventig, toen ze verboden werden, werd wereldwijd naar schatting 1,3 miljoen ton pcb’s geproduceerd. De stoffen kwamen in het milieu terecht via industriële lekken, illegale dumping en via afvalstorten. Eens in het milieu doen ze er tientallen jaren over om te worden afgebroken.

    Andere stoffen die gevonden werden, zijn pbde's, polygebromeerde difenylethers. Dat zijn vlamvertragers, waarvan een aantal groepen sinds 2004 in de EU verboden zijn, en andere nog steeds allerlei toepassingen kennen.

    De auteurs vermoeden dat de stoffen hun weg vonden naar de kloven via vervuilde stukken plastic en dode dieren die naar de oceaanbodem zinken, waar ze worden afgebroken door de vlokreeften en andere dieren.

    De Marianentrog in de Stille Oceaan is bijna twee kilometer dieper dan de Mount Everest hoog is.

    Erfenis

    Grote vraag is welke invloed de persistente stoffen kunnen hebben op het bredere ecosysteem, en dat willen de wetenschappers nu verder onderzoeken.

    "Dat we dergelijke buitengewone concentraties van die stoffen vinden in een van de meest afgelegen en moeilijk toegankelijke habitats op aarde confronteert ons met de vernietigende impact die de mens heeft op deze planeet", zegt Jamieson. "Het is geen mooie erfenis die we achterlaten."