Meest recent

    Leven herstelde zich snel na het "Grote Sterven" op het einde van het perm

    Een internationaal team van paleontologen heeft een site gevonden in Idaho met wel 30 verschillende, uiteenlopende fossielen die dateren van kort na de Perm-Trias-massa-extinctie. Tijdens die uitstervingsgolf verdwenen 95 procent van alle zeedieren, maar 1,3 miljoen jaar later waren er al opnieuw onder meer haaien, beenvissen, schaaldieren, sponzen en zeesterren. Dat spreekt de diep ingewortelde veronderstelling tegen dat het leven zich slechts langzaam herstelde van de grootste uitstervingsgolf uit de geschiedenis.
    Litogaster turnbullensis, een tienpotige kreeftachtige.

    De onderzoekers publiceerden deze week de studie over de verrassende vondst in het online tijdschrift "Science advances".

    De fossielen werden gevonden in Bear Lake County, in de buurt van de stad Paris in Idaho. Ze geven een beeld van een snelle en dynamische heropleving van het leven, dat bijzonder veerkrachtig blijkt te zijn. "Onze ontdekking was totaal onverwacht", zei hoofdauteur Arnaud Brayard van de Université Bourgogne Franche-Comté.

    Het ecosysteem dat de onderzoekers vonden, bevatte roofdieren zoals haaien van twee meter lang, beenvissen - haaien en roggen zijn kraakbeenvissen -, mariene reptielen, inktvis-achtige wezens waarvan sommige een lange, kegelvormige schelp hadden en andere een spiraalvormige, een aasetend schaaldier met grote ogen en vreemde, dunne klauwen, verwanten van zeesterren, sponzen en andere dieren.

    Een deel van de gevonden fossielen: links; een ammoniet (bovenaan, a), en een soort spons (onderaan, s); H: een gesteelde zeelelie;  I: een slangster, een verwante van de zeesterren; F: een soort garnaal in ultraviolet licht; C: een tienpotige kreeftachtige; D: een nieuw soort Thylacocephala, een uitgestorven groep geleedpotigen; E: een garnaal uit de Penaeidae-famillie. (Foto's: A. Brayard, Université Bourgogne Franche-Comté (A tot G); T. Saucède, Université Bourgogne Franche-Comté (H); B. Thuy, Natural History Museum Luxembourg (I)).

    "Grote sterven"

    De fossielen van het ecosysteem in Idaho dateren van 1,3 miljoen jaar na de Perm-Trias-massa-extinctie, wat in geologische termen behoorlijk snel is. 

    De Perm-Trias-massa-extinctie vond plaats 251,9 miljoen jaar geleden, en wordt ook het "Grote sterven" genoemd. Het was de grootste uitstervingsgolf uit de geschiedenis, erger dan de Krijt-Paleogeen-massa-extinctie die bijna 66 miljoen jaar geleden het einde betekende van de dinosauriërs. Naar schatting 70 procent van alle landdieren en 95 procent van alle zeedieren stierven uit op het einde van het perm-tijdperk.

    De oorzaak van de uitstervingsgolf staat nog niet vast, maar veel geleerden wijzen naar kolossale vulkaanuitbarstingen in het noorden van Siberië, waarbij grote hoeveelheden broeikasgassen en giftige stoffen in de atmosfeer terechtkwamen. Dat leidde tot een ernstige opwarming van de aarde en grote veranderingen in de chemische samenstelling van de oceanen, onder meer een verzuring van het water en een sterke vermindering van het zuurstofgehalte in het water.

    Een voorstelling van de Perm-Trias-massa-extinctie, met achteraan de uitbarstende vulkanen. 

    Verrassingen

    Vooral in de zeeën leidde dat tot een ware slachting en 95 procent van alle soorten verdwenen. Nauwelijks 1,3 miljoen jaar later, een oogwenk op geologische schaal, bloeide het leven echter al opnieuw, zo blijkt uit het ecosysteem dat nu in Idaho gevonden is.

    De vondst uit het begin van het trias-tijdperk waarin later de eerste dinosaurussen zullen verschijnen, bevatte overigens ook een aantal verrassingen: zo werd er een soort spons gevonden waarvan tot nu toe gedacht werd dat ze 200 miljoen jaar eerder uitgestorven was, en een groep inktvis-achtige wezens waarvan men dan weer dacht ze pas 50 miljoen jaar later verschijnen.

    Ook vonden de onderzoekers beenderen van wat de oudste bekende ichtyosaurus zou kunnen zijn, of een directe voorvader. Ichtyosaurussen zijn een dolfijn-achtige groep van mariene reptielen die gedurende 160 miljoen jaar de wereldzeeën onveilig maakten. 

    "Het vroege trias-tijdperk is een complexe en zeer verstoorde periode, maar zeker geen verwoeste periode zoals vaak aangenomen wordt", zei paleontoloog Brayard. "Deze periode heeft duidelijk nog niet al haar geheimen prijs gegeven."  

    Voorstelling van een ichtyosaurus.