Meest recent

    Stranden krijgen 1 miljoen kubieke meter nieuw zand

    Vlaams minister van Openbare Werken Ben Weyts (N-VA) heeft in Knokke-Heist het startschot gegeven voor de herstellingswerken aan de stranden die door de storm van 14 januari zijn aangetast. Met baggerschepen wordt nieuw zand aangevoerd. In totaal zal zo'n 1,2 miljoen kubieke meter zand worden opgespoten, een operatie van om en bij de 17 miljoen euro.

    De storm, Dieter gedoopt, die begin dit jaar inbeukte op onze kust, liet zijn sporen na. Heel wat zand werd weggespoeld. Hier en daar, onder meer in Bredene, ontstonden metershoge kliffen. Ruim een maand na de doortocht van de storm, starten de herstellingswerken die de kust moeten behoeden tegen een nieuwe storm.

    "Dieter heeft ruim 1,25 miljoen ton zand verplaatst", zegt Weyts. "We zijn na de storm meteen begonnen aan een groot plan om alle schade te herstellen." Er zal nu een miljoen kubieke meter zand worden opgespoten om de zwakste punten te beschermen.

    In Knokke-Heist vinden suppletiewerken plaats over een lengte van ruim 2 kilometer. Er wordt ongeveer 300.000 kubieke meter zand opgespoten. Er zijn dit voorjaar ook nog herstellingswerken gepland in De Haan, Bredene en Middelkerke. Ook tijdens de paasvakantie wordt gewerkt, maar toeristen zouden daar geen hinder van mogen ondervinden. Tegen 15 april, Pasen, moet het werk afgerond zijn.

    Alternatieven voor zand opspuiten

    "Zand opspuiten blijft op korte termijn de meeste efficiënte manier om de kust te beschermen tegen overstromingen uit de zee, ook al kost het veel geld en kan het zand bij een volgende storm opnieuw wegspoelen", zegt minister Weyts.

    Er wordt wel al gedacht over alternatieven voor opspuiten. Zo zijn er plannen voor een eiland voor de oostkust, dat bescherming zou moeten bieden. Ook een zandmotor, een soort zandeiland voor de kust dat zand afzet op de kust door de stroming van de zee, behoort tot de mogelijkheden.

    "Een heel valabel idee", vindt Weyts, "maar dit gaat maar heel geleidelijk. Het zou moeten worden ingetekend in het Marien Ruimtelijk Plan, dat aan herziening toe is tegen 2020. Zover zijn we dus nog niet."