Meest recent

    Peugeot-Citroën: pepermolens, granaten en ook auto's

    De geschiedenis van de Franse autogroep PSA gaat terug tot 1810 toen Jean-Pierre Peugeot in het oosten van Frankrijk een staalgieterij begon. De fundamenten van die andere poot werden in 1905 gelegd door André Citroën. Uit het huwelijk tussen beide bedrijven is één van de grote autogroepen voortgekomen en die wordt binnenkort nog groter.
    AP2012

    De familie Peugeot was tot enkele jaren geleden via haar holding nog heer en meester in het bedrijf, maar toen had PSA een grote kapitaalinjectie nodig. Daardoor verwaterde het belang van de familie Peugeot tot 3,25%.

    Gaan de wortels van PSA dan terug tot het begin van de 19e eeuw, dan is dat bedrijf al snel overgestapt naar de productie van onder meer fietsen en bromfietsen. In 1890 maakte Peugeot zijn eerste auto, maar die was dan wel uitgerust met een motor van de Duitse tegenhanger Daimler. Peugeot produceert overigens nog altijd andere producten, waaronder pepermolens.

    Jarenlang was het andere Franse automerk Citroën een grote concurrent van Peugeot. Stichter André Citroën was in 1905 dan wel begonnen met de productie van tandwielen, maar hij verdiende fors wat geld door de massale productie van granaten tijdens de Eerste Wereldoorlog.

    Met de opbrengst begon Citroën in 1919 auto's te bouwen. Het merk maakte eigenzinnige auto's met vooruitstrevende technologie. Zo werd de beroemde Traction Avant (foto in tekst) de eerste in massaproductie gemaakte auto met voorwielaandrijving of later nog de erg zachte hydraulische ophanging.

    Citroën lanceerde na de oorlog ook de erg populaire en goedkope 2CV, hier te lande bekend als het 2PK'tje. Het eenvoudige karretje was bedoeld voor de grote massa die na de oorlog ook graag een auto wou hebben.

    Aan de andere kant van het gamma werd midden de jaren 50 de luxueuze DS op het publiek losgelaten, wellicht nog altijd één van de mooiste, maar helaas ook weinig zuinige auto's ooit. 

    Peugeot redde het failliete Citroën

    Eind de jaren 60 geraakte Citroën in de problemen. Franse trots wees een overname door het Italiaanse Fiat af, maar de oliecrisis gaf Citroën de genadeslag. In 1974 ging het bedrijf failliet en jaar later werd het overgenomen door Peugeot. Voortaan zouden beide merken zusterbedrijven zijn onder de gemeenschappelijke holding PSA.

    Toch bleven beide bedrijven elk hun "smoel" behouden, zoals het paradepaardje van Citroën, de CX, ook bekend als "het strijkijzer", een titel die eerder ook al sloeg op de DS.

    PSA Peugeot Citroën werd binnen Frankrijk de rivaal van het staatsbedrijf Renault. Dat werd in de jaren 90 echter geprivatiseerd en na een kapitaalinjectie door de Franse staat enkele jaren geleden, is die overheid nu ironisch genoeg de grootste aandeelhouder in PSA. De rollen zijn dus omgekeerd. 

    Sprint PSA naar de tweede plaats achter VW?

    Met dat extra kapitaal van de Franse en de Chinese groep Dongfeng die elk 13,7% van de aandelen van PSA bezitten, is de Franse autogroep nu klaar voor de grote sprong voorwaarts: de overname van Opel-Vauxhall van het Amerikaanse General Motors.

    Daardoor zou PSA met Opel en Vauxhall uitgroeien tot de tweede autoproducent in Europa, na de Volkswagen Groep, die naast VW onder meer ook Audi, Lamborghini, Skoda en Seat omvat. Bovendien zou PSA met Vauxhall ook een poot aan de grond hebben in Groot-Brittannië om zo na een brexit handelstarieven te kunnen ontlopen.

    PSA heeft wereldwijd 194.000 mensen in dienst en is goed voor een omzet van 54,7 miljard euro. Het maakt overigens ook motor- en bromfietsen, maar is ook actief als bank, in logistiek en in de productie van onderdelen, zoals bij het dochterbedrijf Faurecia, dat ook toelevert aan concurrenten. Met de overname van Opel hoopt PSA overigens sterker te staan tegen toeleveranciers en geld te kunnen besparen. Bovendien zou PSA ook de technologie en patenten van Opel in handen krijgen.

    PSA is wereldwijd actief

    Anders dan Opel en Vauxhall is PSA met Peugeot en Citroën vrij goed vertegenwoordigd buiten Europa. Zo produceert PSA in samenwerking met de Chinese partner en aandeelhouder Dongfeng meer auto's in China dan in Frankrijk.

    Het bedrijf heeft ook fabrieken in Spanje en Portugal, in Turkije, Brazilië en Argentinië en in Nigeria. PSA is ook een partner in het Iraanse automerk Khodro.

    In totaal werken er 194.000 mensen voor PSA, waarvan 83.930 in Frankrijk. Naast auto's maakt het bedrijf echter ook nog motorfietsen.