Meest recent

    Muyters komt met volwaardig eigen statuut voor vrijetijdswerkers in sportclubs

    Minister van Sport Philippe Muyters (N-VA) heeft een apart statuut uitgewerkt voor trainers, scheidsrechters of juryleden die in hun vrije tijd bijverdienen. Het statuut regelt een kader op vlak van fiscaliteit en sociale zekerheid. Met dat statuut kunnen de vrijetijdswerkers in sportclubs op een administratief laagdrempelige en fiscaal voordelige manier hun hobby beoefenen, aldus minister Muyters.

    Jasper Jacobs

    Momenteel zitten de sportclubs met een grijze zone tussen de gewone arbeidswetgeving enerzijds en de regels voor vrijwilligerswerk anderzijds. Niet zelden krijgen hobbytrainers daardoor oneigenlijk een vrijwilligersvergoeding of zijn de gewone onkostenvergoedingen niet voldoende. "Vanuit de sportclubs zelf is er de vraag naar het statuut. Want men wil dit op juiste manier doen, maar dat is vandaag niet altijd mogelijk", zegt minister Muyters.

    Die grijze zone wordt nu opgelost met het nieuwe statuut "vrijetijdswerk". Alle stewards, juryleden, scheidsrechters, coaches of coördinatoren die naast hun - minstens halftijdse - job nog actief zijn in een sportclub, zullen er gebruik van kunnen maken. Ze mogen maximaal 15 euro per uur verdienen en 500 uur per jaar werken. Er geldt ook een plafond van 5.000 euro per jaar.

    De vrijetijdswerkers moeten dan geen sociale zekerheid betalen op die vergoedingen. En de eerste 30 procent van hun verdiensten is ook vrijgesteld van belastingen, de resterende 70 procent wordt belast aan 25 procent. Wie 5.000 euro per jaar verdient, zal daar dus 4.125 euro aan overhouden. "Een belastingvriendelijk klimaat voor mensen die al een job hebben, maar die extra doen in een sportclub", aldus Muyters.

    "Zwartwerk niet geïnstitutionaliseerd"

    Kwatongen zouden durven beweren dat de Vlaamse regering met dit statuut zwartwerk institutionaliseert. Muyters ziet het niet zo. "Het is vooral een win-win-situatie. De mensen betalen belastingen op de vergoedingen, zij het maar 25 procent, bovenop de RSZ en belastingen in het kader van hun gewone job. Dat levert op aan de federale kas en ook de sportsector is ermee gebaat."

    Het voorstel van Vlaams minister Muyters is al goedgekeurd binnen de Vlaamse regering. Muyters moet nu nog met de federale regering overleg plegen om zijn statuut in de praktijk te kunnen omzetten. "De gesprekken gaan we nu starten met drie federale collega's. Ik heb een heel sterk dossier. Ik hoop dat we dat snel kunnen realiseren", aldus Muyters.

    Niet alleen in sportsector?

    Het nieuwe statuut is er voorlopig enkel voor de sportclubs, maar er zijn ook verenigingen in andere sectoren die in een grijze zone opereren. Minister Muyters is het idee voor een algemeen derde statuut niet ongenegen. Maar dan wel per sector volgens eigen voorwaarden.

    "We mogen vrijwilligerswerk enerzijds niet fnuiken en anderzijds mag het vrijetijdsstatuut ook het normale statuut van werknemer niet vervangen. Elke sector zal zijn huiswerk moeten doen vooraleer ze naar zo'n vrijetijdswerk kunnen overstappen."