Meest recent

    Alsmaar meer medestanders trekken hun steun aan Fillon in

    Bruno Le Maire, een medewerker van de Franse rechtse presidentskandidaat François Fillon, heeft zijn vertrek uit diens campagneteam aangekondigd. Hij deed dat net na een persconferentie waarop Fillon aankondigde presidentskandidaat te blijven, ondanks het gerechtelijk onderzoek dat tegen hem loopt. Dat strookt volgens Le Maire niet met "zijn principes". Het initiatief van Le Maire krijgt navolging, onder meer van de centrumrechtse partij Union des Démocrates et Indépendants (UDI).

    "Ik geloof in respect voor het gegeven woord. Dat is onontbeerlijk voor de geloofwaardigheid van de politiek", aldus Le Maire, die zelf in de running was om de presidentskandidaat voor Les Républicains te worden tijdens de voorverkiezingen. Fillon had eerder verklaard dat hij zich zou terugtrekken uit de presidentsverkiezingen als er een gerechtelijk onderzoek tegen hem werd ingesteld, maar dat gebeurde dus niet.

    "In overeenstemming met mijn principes, neem ik ontslag uit mijn functies als medewerker belast met Europese en Buitenlandse zaken in de campagne van François Fillon", zegt Le Maire.

    Andere campagnemedewerkers sluiten zich bij Le Maire aan en trekken de deur achter zich dicht. Het gaat onder meer over de volksvertegenwoordigers Laure de La Raudière en Franck Riester en Arnaud Robinet, de burgemeester van Reims.

    Ook de centrumrechtse Union des Démocrates et Indépendants (UDI) schort haar deelname aan de campagne van Fillon op. Dat heeft partijvoorzitter Jean-Christophe Lagarde vanavond bekendgemaakt.

    Fillon kondigde vanmiddag aan dat hij gedagvaard is om bij een onderzoeksrechter uitleg te komen geven over de zaak rond de vergoedingen die zijn vrouw en kinderen jarenlang zouden hebben ontvangen voor overheidsjobs die ze nooit zouden hebben uitgeoefend. De presidentskandidaat noemde dat onderzoek een "politieke moord", en zei dat hij niet van plan is om uit de race naar het Elysée te stappen.

    In het tv-journaal van TF1 van 26 januari gaf hij inderdaad net het tegenovergestelde aan.